Posts tonen met het label Emma Smith. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Emma Smith. Alle posts tonen

zaterdag 5 september 2026

Leer en Verbonden 25

Dit logje is van al even geleden, maar ik kwam tot de ontdekking dat dit stukje nog niet gepubliceerd was. Bij deze alsnog. 



Afdeling 25 staat onder andere deze week in het teken van onze zondagschoolleesopdracht. Dit is de eerste openbaring, sinds de herstelling van de kerk, gegeven aan een vrouw. Deze openbaring valt mooi samen met afgelopen maandag, Internationale Vrouwendag, maar ook met volgende week woensdag, 17 maart, als we de oprichting van onze vrouwenorganisatie gedenken. 

Afdeling 25 staat bekend als de openbaring aan Emma Smith, de vrouw van de profeet Joseph Smith. Deze openbaring werd in juli 1830, slechts een paar maanden na de herstelling van Zijn kerk, aan haar gegeven. In heel veel opzichten een totaal andere tijd dan nu. Interessant aan deze openbaring is, los van de overige inhoud, dat aan het einde van deze openbaring het volgende wordt gezegd:

 "En voorwaar, voorwaar, Ik zeg u dat dit mijn stem is tot allen."  

President Russell M. Nelson haalt deze zin: "Ik zeg u dat dit mijn stem is tot allen" aan in zijn toespraak 'Geestelijke schatten' en zegt dan dat deze woorden "een duidelijke verplichting" inhouden. Dus, ondanks het feit dat we ondertussen meer dan 190 jaar verder zijn en in totaal andere omstandigheden leven dan Emma toen, dient deze openbaring nog steeds als een voorbeeld en een leidraad van wat de Heer in het algemeen van ons vraagt, zo niet verwacht.

President Nelson heeft deze afgelopen tijd het nodige gezegd. Ik moet dan gelijk denken aan soepje. Maar als er een uitspraak uitspringt is het wel deze: "In de komende tijd kunnen wij geestelijk niet overleven zonder de leidende, troostende en voortdurende invloed van de Heilige Geest". Dat betekent, ik citeer nu weer president Nelson: "dat als u een beroep op Gods macht wilt doen, u hetzelfde moet doen als wat de Heer aan Emma en ieder van u geboden heeft. Daarom vraag ik u om afdeling 25 van de Leer en Verbonden onder gebed te bestuderen en te ontdekken wat de Heilige Geest u duidelijk maakt".  





Afbeelding: https://nl.pinterest.com/pin/464152305320509387/

woensdag 9 april 2025

Geestelijke schatten 3


Van tevoren had ik niet bedacht dat in de week dat ik begon met Leer en Verbonden 25 dit pad zich zou splitsen in drie wegen. Het priesterschaps-gezag-pad en het priesterschaps-macht-pad  ben ik intussen geweest. En dan nu het Emma-pad, gezien door mijn ras-en-het-priesterschap-bril. De naam van dit pad verwijst naar Emma Smith, de vrouw van Joseph Smith. Het was Emma aan wie deze openbaring was gericht. Over deze openbaring heeft president Nelson het volgende gezegd: "Ik kan u wél vertellen dat u, als u een beroep op Gods macht wil doen, hetzelfde moet doen als wat de Heer aan Emma en ieder van u geboden heeft. Daarom vraag ik u om afdeling 25 van de Leer en Verbonden onder gebed te bestuderen en te ontdekken wat de Heilige Geest u duidelijk maakt". 

In het verleden ben ik ook bezig geweest met deze afdeling. Misschien dat ik daar nog een blikje over deel. Alleen dit jaar, wat alles te maken heeft met mijn jaarthema, kies ik dus voor een iets andere benadering. Ik denk dat het allereerste vers uit deze afdeling daar een goed voorbeeld van is.

"Luister naar de stem van de Heer, uw God, terwijl ik tot u spreek, mijn dochter;
want voorwaar, Ik zeg u dat allen die mijn evangelie aanvaarden,
zonen en dochters in mijn koninkrijk zijn.
LV 25:1

In dit vers zegt de Heer dat allen die zijn evangelie aanvaarden zijn zonen en dochters zijn. Keer op keer blijkt uit de Schriften dat God geen aannemer des persoons is, al blijkt uit de geschiedenis van de kerk dat men met betrekking tot ras en het priesterschap er in een bepaalde periode anders over dacht. 

Wisten jullie dat Jane Elizabeth Manning James een tijdgenoot was van Emma? En dat Jane zelfs een tijdje deel heeft uitgemaakt van het huishouden van de familie Smith? En dat op een gegeven moment er een dusdanige relatie tussen Emma en Jane Elizabeth Manning James ontstond dat Emma aan Jane vroeg of ze door een priesterschapsverzegeling als kind in de familie Smith geadopteerd wilde worden? En dat dit door Jane werd afgeslagen, omdat ze niet begreep wat dit inhield? Dat deze afwijzing niet iets zegt over haar relatie met de Smith familie en haar geloof in de profeet Joseph Smith?

Op een gegeven moment moet Jane echter wel hebben begrepen wat dit inhield en was het haar verlangen om naar de tempel te gaan. Echter, zoals we in evangelieverhandeling ras en het priesterschap kunnen lezen, werd ze net als anderen van haar ras daarvan uitgesloten.  Desondanks liet ze zich door deze kennis niet weerhouden en vroeg ze bij herhaling toch om deze zegeningen. "Tussen 1884 en 1904 nam Jane af en toe contact op met kerkleiders - John Taylor, Wilford Woodruff, Zina D.H. Young en Joseph F. Smith - en vroeg toestemming om haar tempelbegiftiging te ontvangen en verzegeld te worden. Destijds werd zwarte heiligen der laatste dagen, zowel mannen als vrouwen, niet toegestaan om aan de meeste tempelverordeningen deel te nemen. In 1888 gaf ringpresident Angus M. Cannon Jane toestemming om de doop voor haar overleden kinderen te laten verrichten. Uniek was dat de kerkleiders haar uiteindelijk in 1894 toestemming gaven om zich middels een plaatsvervangster als dienstmeid aan het gezin van Joseph Smith te laten verzegelen. Hoewel ze tijdens haar leven geen tempelbegiftiging ontving of aan eigen familie verzegeld werd, zijn deze verordeningen in 1979 voor haar verricht". Hoe waar zijn de woorden dat in "Jane's verdere leven racisme altijd een obstakel is gebleken".  

Ouderling M. Russell Ballard zei over Jane Elizabeth Manning James dat "zij een zeer opmerkelijke discipel was die het bepaald niet makkelijk had en tot haar dood in 1908 een trouw lid van de kerk was". Hoe opmerkelijk zij was, blijkt voor mij uit deze woorden die ze in 1884 schreef aan president Taylor, en die ik uit het boekje 'Let's talk about Race and Priesthood' van W. Paul Reeve heb gehaald: "Ik ben mij bewust van mijn ras en kleur en ik realiseer me dat ik niet kan verwachten mijn begiftiging te ontvangen net als anderen die wit zijn. God beloofde Abraham dat in zijn zaad alle naties van de aarde gezegend zouden zijn en omdat dit de volheid van alle bedelingen is, is er geen zegen voor mij?" Ik vind deze woorden gewoonweg hartverscheurend, maar het zegt ook iets over haar inzicht. 

In deze afdeling, Leer en Verbonden 25, wordt Emma Smith een uitverkoren vrouw genoemd. In mijn ogen is Jane Elizabeth Manning James dat ook. Ondanks alle obstakels in haar leven heeft zij het evangelie nooit losgelaten. "Tegen het einde van haar leven, hoewel ze bijna blind en verlamd was door een val, zei ze: Ik wil hier zeggen dat mijn geloof in het evangelie van Jezus Christus, zoals verkondigd door De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, vandaag de dag nog steeds even sterk is, nee, zo mogelijk nog sterker dan op de dag dat ik voor het eerst werd gedoopt". (Ensign august 1979). 

Daarnaast, nog één ding om te onderstrepen hoe bijzonder ze was, en waar ik het helemaal nog niet over heb gehad, is dat Jane gezegend was met verschillende gaven van de geest. Geestelijke gaven die ook ons deel kunnen zijn. Waarvan president Nelson in een andere toespraak zei dat hij hoopte dat wij, de vrouwen, maar in mijn ogen geldt dit evenzeer voor de mannen, met geheel ons hart om geestelijke gaven zouden bidden. Niet alleen dat, maar ook om het benodigde inzicht, en dat we ze meer dan ooit zouden ontwikkelen, gebruiken en ze uit zouden breiden.

P.S.
In De geschiedenis van de kerk in evenwicht zegt ouderling Steven E. Snow dit: "Zoek informatiebronnen door erkende, gerespecteerde historici, of het nu kerkleden zijn of niet. W. Paul Reeve is een gerespecteerde historicus die tevens lid is van de kerk. En wat kan ik zeggen over Darius A. Gray? Voor mij is hij niet los te zien van God houdt van diversiteit. 
 




dinsdag 18 maart 2025

De Leer en Verbonden 22 collage

 

Je hebt soms van die dagen dat er van alles op je evangeliebordje ligt. Een toespraak die gaat over hoop. Een leesopdracht die onder andere Leer en Verbonden 25 behandelt, die gericht is aan Emma, de vrouw van Joseph Smith, waardoor deze openbaring gezien wordt als een soort leidraad voor vrouwen. Daarnaast, nog een paar weken, is het weer tijd voor de Algemene conferentie en dat betekent voor mij soepjestijd. Elk halfjaar geef ik hier aandacht aan en dat wil ik dit jaar ook weer doen. En dan nog Leer en Verbonden 22, onderdeel van mijn leesopdracht van vorige week, die ervoor zorgt dat ik op dit moment niet verder kan reizen en de reden dat ik Leer en Verbonden 25 en Emma in de wachtrij heb gezet. Ter compensatie heb ik een toespraak, 'Een oproep aan mijn zusters', van president Nelson die ik al eerder op mijn blog heb verwerkt. Sommigen hebben dit 'blikje' al geopend, voor anderen is deze benadering nieuw. Hoe het ook zij, deze toespraak blijft de moeite van het lezen waard. En dan natuurlijk het onderwerp 'ras en het priesterschap' wat mij van het ene onderwerp naar het andere onderwerp doet gaan en, door de grootte van die steen op mijn pad, gezorgd heeft voor enige stagnatie. 

"U allen die door de doop één met Christus bent geworden...
En omdat u Christus toebehoort, bent u nakomelingen van Abraham,
erfgenamen volgens de belofte."
Galaten 3





In zijn voorwoord, afdeling 1:22, had de Heer het al over het eeuwigdurend verbond. En ook in afdeling 22 wordt er gesproken over het nieuw en eeuwigdurend verbond, maar dan in combinatie met de doop. Deze twee, het nieuw en eeuwigdurend en de doop, heb ik als uitgangspunt genomen. Uiteraard besef ik dat dit gevolgd behoort te worden door de doop met de Geest om de doop compleet te maken, maar voor waar ik heen wil is dat nu niet van belang. Het gaat mij om het verband tussen de doop en de volheid van het evangelie, nieuw en eeuwigdurend verbond en het verbond van Abraham in het licht van ras en priesterschap. Dit gaat verder dan "je hebt nu het priesterschap en kunt naar de tempel". Zie wat ik deel maar als een soort collage. Jullie mogen meelezen, maar omdat het voor mijzelf is, ontbreken de verwijzingen. Ik ga ervan uit dat ik vroeg of laat, tijdens mijn reis door de Leer en Verbonden, deze uitspraken opnieuw passeer en dan zal ik erop terugkomen met de bijbehorende linken. 

- Door de doop betuigen wij dat wij bereid zijn om de naam van Christus op ons te nemen.
- Door de doop laten wij zien dat wij Zijn evangelie aanvaarden en worden wij tot de 
  nakomelingen van Abraham gerekend, waardoor wij recht hebben op het priesterschap. Het 
  nieuw en eeuwigdurend verbond en het verbond van Abraham zijn in feite hetzelfde. Dit 
  nieuw en eeuwigdurend verbond omvat de volheid van het evangelie van Jezus Christus, met 
  inbegrip van alle verordeningen en verbonden die voor het heil van het mensdom 
  noodzakelijk zijn. Het nieuw en eeuwigdurend verbond is het totaal van alle 
  evangelieverbonden en -verplichtingen die vanouds zijn gegeven, en in deze laatste dagen op 
  aarde is hersteld. Elk verbond dat we sluiten maakt deel uit van het nieuw en 
  eeuwigdurend verbond. Daaronder vallen de doop, het Melchizedekse-priesterschap voor 
  mannen en de tempelbegiftiging en verzegeling (het eeuwige huwelijk). De herstelling van 
  dit verbond, het verbond van Abraham, was de herstelling van het evangelie in de laatste 
  dagen. 
- Door de doop wordt men lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste  
  Dagen, de herstelde nieuwtestamentische kerk van Christus, die de volheid van het evangelie  
  bevat, wat je terugziet in de proclamatie over de herstelling. Als de Heer in het algemeen 
  van het nieuw en eeuwigdurend verbond spreekt, heeft Hij het over de volheid van het 
  evangelie. 
- Door de doop, die de poort is, en de aanvaarding van het evangelie, begeven wij ons op het 
  verbondspad en wordt men gerekend tot het verbondsvolk van God, waardoor wij mede-
  erfgenamen worden van alles wat God de trouwe kinderen Israëls heeft beloofd. De grootste 
  van alle zegeningen en gaven van God is het eeuwige leven, ofwel het leven dat God leidt. 

Ik ben blij dat ik aandacht heb gegeven aan het opruimen van deze steen, waardoor ik, door het inzicht, beter toegerust ben om mijn reis te vervolgen. Ik hoop jullie te zien bij mijn volgende stop.