Posts tonen met het label Vrouw zijn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vrouw zijn. Alle posts tonen

woensdag 9 september 2026

Drie blikjes

 

Vandaag deel ik voor de verandering niet één blikje, niet twee, maar drie blikjes. Ze hebben alledrie te maken met Zijn stem. Het horen van Zijn stem, Zijn stem laten horen en tot slot,  Zijn stem toepassen. 

In een van de blikjes maak ik de opmerking: "We geven gehoor aan de oproep, maar de praktijk, wie we zijn en waar we nog staan, kan ons in de weg zitten". Dit sluit eigenlijk wel weer heel mooi aan bij onze zondagschoolopdracht van deze week, waarin in de inleiding op onze leesopdracht het volgende wordt gezegd: "Je kunt het boek Spreuken zien als een verzameling wijze raad van liefdevolle ouders. De belangrijkste boodschap is dat je een goed leven zult hebben als je wijsheid zoekt, met name Gods wijsheid. Maar na het boek Spreuken komt het boek Prediker, wat aangeeft dat het toch niet zo eenvoudig is. De prediker die in het gelijknamige boek wordt geciteerd, merkte op dat hij zich met heel zijn hart erop toelegde wijsheid te kennen, maar dat dit slechts najagen van wind is, en dat hij er veel verdriet aan overhield". 

Uiteindelijk, zoals we ook kunnen lezen in deze inleiding, is de conclusie wel: "Het leven is altijd beter - maar niet altijd volmaakt - als we op de Heer Jezus Christus vertrouwen en Hem volgen". Deze conclusie zie ik ook terug in de algemene conferentietoespraak die op onze leeslijst van deze week staat: 'Beste dagen en slechtste dagen': "Dankzij Hem liggen je beste dagen in het verschiet, hoe slecht het nu ook gaat". 

Voordat ik de drie blikjes open, wil ik stilstaan bij een vraag uit deze toespraak, waar ik niet omheen kan: "Is het niet verbazingwekkend dat de beste dag in een paar minuten naar de slechtste dag kan omslaan?" In deze toespraak vertelt presidente Emily Belle Freeman dat de kanker van haar man Greg teruggekeerd was. Ook ik weet, uit eigen ervaring, hoe je beste dag door kanker kan omslaan in je slechtste dag.

Gisteren kreeg ik een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek borstkanker. Waar ik mij echter over verbaas, juist omdat het zo belangrijk is om er tijdig bij te zijn, is dat "35 procent van de uitgenodigde vrouwen in Nederland ervoor kiest om niet deel te nemen aan het officiële Bevolkingsonderzoek borstkanker. Dit betekent dat jaarlijks bijna 400.000 vrouwen de uitnodiging voor een mammografie aan zich voorbij laten gaan". Simpel gezegd: "Als u meedoet, is de kans kleiner dat u doodgaat aan borstkanker". Ik citeer het misschien bot, maar ik denk dat ik bij wie de kanker was uitgezaaid dit wel zo kan zeggen. Ik zit niet op een borstkankeronderzoek te wachten; ik wil trouwens helemaal niet bezig zijn met kanker. Desondanks geef ik wel gehoor aan deze uitnodiging.


Zijn stem horen

"In de wereld vol wedijverende stemmen
heeft onze hemelse Vader het ons mogelijk gemaakt
om de zijne te horen
en te volgen."




Zijn stem laten horen


"Niemand ons kan het zich veroorloven werkeloos toe te kijken 
als de doeleinden van God gebagatelliseerd en aan de kant geschoven worden. 
Ik nodig met name de zusters in de kerk uit 
om onder leiding van de hemel te bedenken wat zij kunnen doen 
om hun stem van geloof en getuigenis te laten horen." 




"We hebben in toenemende mate behoefte aan de kenmerkende, 
invloedrijke en gelovige stemmen van vrouwen. 
We willen dat ze zich de leer eigen maken en begrijpen wat we geloven, 
zodat ze van de waarheid van alle dingen kunnen getuigen -
 en het maakt niet uit of die getuigenissen nu worden gegeven rond het kampvuur,
op een jongevrouwenkamp, in een getuigenisdienst, in een blog of op Facebook."




Zijn stem toepassen

November vorig jaar (november 2018) zei president Russell M. Nelson het volgende: "In dit werk - we hebben het hier al eerder over gehad - zijn vrouwen keihard nodig, want vrouwen geven de toekomst vorm. Ik doe vanavond dan ook een profetische oproep aan u, de vrouwen van de kerk, om de toekomst vorm te geven door het verstrooide Israël te helpen vergaderen". In deze toespraak stelt hij  de vraag: 'Waar kunt u beginnen?' en vraagt hij ons tevens vier dingen te doen. Een van de dingen die hij toen vroeg, was mee te doen aan een 10-daagse vastenperiode van sociale media. Dat herinnert u zich vast nog wel. Als onderdeel van de vier dingen te doen, haalt hij ook het 'Kom dan en volg Mij'-programma aan. Hierover zegt hij het volgende: "U, lieve zusters, speelt een cruciale rol in het succes van deze nieuwe, evenwichtige en gecoördineerde werkwijze voor het evangelieonderricht".

"U, lieve zusters, speelt een cruciale rol in het succes". Dit heeft alles te maken met toepassing. Maar soms kunnen we in conflict komen met onszelf, als we ernaar streven te voldoen aan het ideale beeld. We geven gehoor aan de oproep, maar de praktijk, wie we zijn en waar we nog staan, kan ons in de weg zitten. Wat dat betreft is er niets nieuws onder de zon. Dat blijkt wel uit de 'Kom dan en volg Mij'-leesopdracht van deze week, waar Paulus,
zie Romeinen 7:15-17, het volgende zegt: "Immers, het wensen is wel bij mij aanwezig, maar het goede uitwerken kan ik niet. Want niet wat ik wens, het goede, doe ik, maar wat ik niet wens, het kwade, dat doe ik".

Het zou interessant zijn om hier verder op in te gaan, hoe om te gaan met deze innerlijke conflicten, maar dit is niet de reden van mijn blogje. Het is slechts een inleiding op onderstaand filmpje, wat ook bij de leesopdracht van deze week hoort, maar helaas niet in de Nederlandse versie van ons 'Kom dan en volg Mij'-lesboek staat. Het filmpje zelf vind ik hilarisch. Het geeft echter ook weer dat toepassen en het vervullen van een cruciale rol in deze tijd soms 'gewoon' in het kleine zit, dicht bij huis, de plaats waar uiteindelijk de veranderingen moeten plaatsvinden.




Wie we zijn en waar we nog staan, kan ons in de weg zitten


Afbeelding: https://thirdhour.org/blog/uncategorized/free-general-conference-quote-wallpapers/
Afbeelding:Pixabay.com

zondag 30 augustus 2026

Vergelijken


Vergelijken is de dief van vreugde


Nog steeds aan het eten uit mijn voorraadkast. 


Blikje: Vergadering van Israël en diversiteit

Het is niet de eerste keer dat onderstaande toespraak 'Deelname van de zusters aan de vergadering van Israël' voorbijkomt. Alleen elke keer net met een andere insteek, zoals nu diversiteit en vorige week nog het gezin.

In zijn toespraak 'Deelname van de zusters aan de vergadering van Israël ' zei president Russell M. Nelson het volgende: “Lieve zusters, u hebt unieke geestelijke gaven en vermogens. Ik spoor u aan vanavond met alle hoop van mijn hart aan dat u zult bidden om inzicht in uw geestelijke gaven - om ze meer dan ooit te ontwikkelen, te gebruiken en uit te breiden”.

Afgelopen week kwam het woord aansporen ook al voorbij, maar dan in een andere context. Soms voel je een woord aan, maar soms kan een woordenboek je helpen om een woord toch beter te plaatsen, te begrijpen. In het woordenboek kwam ik onder andere de volgende betekenissen tegen: "aandrijven, aandringen, aanvuren, aanzetten, noodzaken tot". Alle woorden die ik in het woordenboek tegenkwam, hadden op de een of andere manier te maken met 'iemand aanmoedigen tot'. Dus met het doen van iets, met ons gedrag.  

Wij worden dus door president Russell M. Nelson aangemoedigd om inzicht te krijgen in onze eigen geestelijke gaven. En ze dan “meer dan ooit te ontwikkelen, te gebruiken en uit te breiden”. President Nelson beklemtoont deze aansporing nog meer door deze drie woorden, "uw geestelijke gaven", cursief weer te geven. Vanuit de Schriften weten we: “Ik zeg u dat dit mijn stem is tot allen”, maar door dit zo te benadrukken maakt hij het naar mijn gevoel nog persoonlijker.  

"En voorts, voorwaar, Ik zeg u: 
Ik wil dat u altijd bedenkt en altijd in gedachte houdt
 wat die gaven zijn die de kerk gegeven worden.
Want allen krijgen niet iedere gave geschonken; want er zijn vele gaven,
en ieder mens wordt een gave geschonken door de Geest van God."  
Leer en Verbonden 46:10,11

Probleem is helaas dat we soms de uw uit het oog verliezen. Hierbij denk ik aan de toespraak van zuster Jean B. Bingham, onze algemeen ZHV-presidente, die het volgende zegt in haar toespraak 'Vrouwen en verbondsmacht':

 “Veel te vaak vergelijken vrouwen zich 
met andere vrouwen...
Iedere vrouw bezit een unieke mix vaardigheden en talenten, 
en die gaven komen alle van God. 
Dat u en ik - of om het even hoeveel vrouwen - niet hetzelfde zijn, 
wil nog niet zeggen dat een van ons meer of minder is dan de ander. 
We moeten onze gaven ontdekken en ontwikkelen, 
eraan denken van wie ze hebben gekregen
 en ze dan ook voor Gods doeleinden gebruiken...
We hoeven niet met elkaar te wedijveren, 
want al onze verschillende gaven, talenten en capaciteiten zijn nodig.”

Ouderling J. Devin Cornish heeft hierover het volgende gezegd: “We moeten ophouden onszelf met anderen te vergelijken. We pijnigen onszelf onnodig door te wedijveren en te vergelijken. We laten ons zelfbeeld ten onrechte afhangen van de dingen die we wel of niet hebben en de mening van anderen. Als we dan toch moeten vergelijken, laten we ons dan vergelijken met wie we in het verleden waren - en zelfs met wie we willen worden. De enige mening over ons die belangrijk is, is die van onze Hemelse Vader. Vraag Hem alstublieft oprecht naar zijn mening. Hij zal ons liefhebben en bijsturen, maar niet ontmoedigen; dat is Satans list”.




Afbeelding: churchofjesuschrist.org
Afbeelding: vergelijken

woensdag 26 augustus 2026

Vergadering van Israël: Het gezin

 

Vandaag deel ik opnieuw een blikje dat gaat over het gezin. En dan met name over de leer van het gezin en de vrouw in haar rol als moeder. Basisingrediënt van dit blikje is president Nelsons toespraak 'Deelname van de zusters aan de vergadering van Israël'. Ik zeg met reden basisingrediënt, want ik heb deze toespraak ook met een diversiteitsinsteek. Dat blikje deel ik de volgende keer. En met diversiteit bedoel ik dit keer niet dat 'allen gelijk zijn voor God', maar de neiging van ons vrouwen om onszelf met anderen te vergelijken. 

Het blikje van vandaag kan ik echter niet los zien van een ander blikje dat ik eind vorig jaar deelde: 'Een oproep aan mijn zusters'. Waarin president Nelson het volgende zegt: "U bent onze cruciale partner in deze eindtijd. Elke vrouw die waardig aan priesterschapsverordeningen deelneemt heeft rechtstreeks toegang tot de macht van God". In deze toespraak heeft president Nelson het niet alleen over "wij hebben vrouwen nodig met een fundamenteel begrip van de leer van Christus, die met dat begrip een generatie zullen opvoeden en onderwijzen die de zonde kan weerstaan", maar ook over de vele andere rollen die een vrouw kan vervullen in de vergadering van Israël. Zoals: "vrouwen die georganiseerd zijn en kunnen organiseren, vrouwen met leidinggevende kwaliteiten die kunnen plannen, leiden en besturen. Vrouwen die kunnen onderwijzen, vrouwen die zich kunnen uitspreken", waarvan dit maar een paar voorbeelden zijn.


Blikje: De leer van het gezin kennen, na te leven en te verdedigen

In zijn toespraak 'Deelname van de zusters aan de vergadering van Israël' tijdens de algemene conferentie van oktober 2018, zei president Russell M. Nelson: "Ik zeg erbij dat ik met het woord moeder niet alleen vrouwen bedoel die in dit leven kinderen gekregen of geadopteerd hebben. Ik bedoel daarmee alle volwassen dochters van onze hemelse Ouders. Iedere vrouw is op grond van haar eeuwige, goddelijke bestemming een moeder".  



We hebben vrouwen nodig die weten
hoe ze door hun geloof belangrijke dingen kunnen laten gebeuren
en die moedige verdedigers zijn van moraliteit en gezinnen. 
Russell M. Nelson


Om onze bijdrage te kunnen leveren aan de vergadering van Israël wordt er van ons vrouwen niet alleen geloof gevraagd, maar ook de nodige moed. Moed om de Heer in ons leven te laten zegevieren. Wat onder andere betekent, zeker ten aanzien van het gezin en het belang ervan, dat we daarmee in sommige opzichten ingaan tegen de stroom van ontwikkelingen die zich in de maatschappij voordoen. 

Iemand die dit prachtig verwoord is elder D. Todd Christofferson. In zijn toespraak De morele kracht van vrouwen zegt hij namelijk het volgende: "Een gevaarlijke filosofie die de morele invloed van vrouw ondermijnt is de devaluatie van het huwelijk, van het moederschap en het traditionele gezinsleven als carrière op zich. Sommige feministische denkers zien helemaal niets in het traditionele gezinsleven, omdat het vrouwen klein zou houden en ze de niet aflatende eisen van het opvoeden van kinderen een vorm van uitbuiting vinden. Zij drijven de spot met wat zij het 'vrouwonvriendelijk loopbaantraject' noemen. Dat is niet eerlijk of juist. Wij bagatelliseren geenszins de waarde van wat vrouwen of mannen in welke goede zaak of carrière dan ook tot stand brengen - daar plukken wij allen de vruchten van - wel stellen wij dat er geen hogere zaak is dan het huwelijkse moederschap en vaderschap. Geen carrière, hoe ambitieus ook, geen geldelijke compensatie, geen erkenning of eerbewijs kan tippen aan de uiteindelijke beloningen die het gezin brengt. Wat een vrouw verder ook mag bereiken, haar morele invloed komt nergens zo goed tot zijn recht als in het gezin." 

Op ons vrouwen, of we nu wel of niet gebaard hebben, rust de gezamenlijke verantwoordelijkheid om "de leer van het gezin te kennen, na te leven en te verdedigen". 

De tijd zal aanbreken dat alleen zij
die intens en actief in het gezin geloven, 
hun gezin kunnen beschermen 
te midden van het oprukkende kwaad om ons heen.
Julie B. Beck



dinsdag 11 augustus 2026

Kijken en zien

 

De afgelopen periode heb ik, meen ik, wekelijks iets op mijn blog geschreven. Soms, dat kwam ook voor, zelfs meer stukjes in een week. Er waren echter ook periodes dat ik nauwelijks iets schreef. Op dit moment hang ik, als het gaat om het schrijven op mijn blog, ergens tussen dit alles in. Niet direct zichtbaar voor jullie, maar wel voelbaar voor mijzelf. Daarom open ik vandaag opnieuw een enigszins aangepast blikje, wat gaat over kijken en zien. Wat voor mij uiteindelijk ook te maken heeft met diversiteit. Diversiteit in discipelschap. 

Waarom juist dit blikje? Misschien wel omdat ik zelf niet alleen bezig ben met kijken en zien, maar ook met wat ik hoor. Kijkend door de bril van mijn eigen vrouw zijn, naar Christus en zijn eigenschappen. Tegelijkertijd meenemend deze opmerking die ik onderweg tegenkwam: "Een nauwkeurige bestudering van de evangelieteksten onthult dat Jezus een emotioneel complexe persoon was, en helemaal niet het eendimensionale 'aardige man'-personage dat onze cultuur helaas zo vaak van hem heeft gemaakt." En deze opmerking: 

"Als mensen het karakter van God niet begrijpen,
begrijpen ze zichzelf ook niet."
Joseph Smith

Wat ik ook niet helemaal los kan zien van de vrouw die vorige week voor ons fietste, met op haar t-shirt in grote letters de tekst: "Jezelf kennen is het begin van alle wijsheid, Socrates". 


Blikje: Kijken en zien

"Het is niet waar je naar kijkt wat ertoe doet,
het gaat erom wat je ziet." 
Henry David Thoureau

Je kan met elkaar naar hetzelfde kijken en toch niet hetzelfde zien. Het is de beleving die het verschil maakt. Dat bleek vandaag wel weer: de een zag dit, de ander zag dat, en dat had alles te maken met onderstaand filmpje. 




Tijdens de algemene conferentie van oktober 2003 gaf president Gordon B. Hinckley een toespraak. Hij begint deze toespraak met de volgende woorden: “Iemand heeft gezegd: Wees vriendelijk voor vrouwen. Zij vormen de helft van de wereldbevolking en zijn de moeders van de andere helft. Geliefde zusters, u bent geweldige vrouwen die het goede deel hebben gekozen en ik heb veel bewondering voor alles wat u doet. Ik zie dat u bij van alles betrokken bent”. En dan geeft hij een opsomming van de dingen die de vrouwen van de kerk zoal doen.

Het is een toespraak aan de vrouwen van de kerk. In deze toespraak heeft hij het ook over zijn kleindochters die nu moeder zijn. En dat hij soms "de neiging heeft, wanneer hij naar hun echtgenoten kijkt, om te zeggen: Word wakker en doe ook eens iets. Waardeer jij je vrouw wel voldoende? Weet je wel hoeveel zij doet? Geef je haar wel eens een complimentje? Bedank je haar wel eens?”

President Hinckley zegt echter ook dit in zijn toespraak: “Velen van u denken dat ze mislukkingen zijn. U hebt het gevoel dat het niet goed gaat, dat al uw inspanningen niet voldoende zijn. Wij maken ons allemaal zorgen om onze prestaties. We willen het allemaal beter doen. Maar helaas beseffen we niet, of zien we niet, wat de resultaten van onze inspanningen zijn. Maak uzelf niet wijs dat u faalt. Ga op uw knieën en vraag om de zegeningen van de Heer; sta dan op en doe wat er van u gevraagd wordt. En laat de rest aan de Heer over. Dan zult u ontdekken dat u iets bereikt wat onbetaalbaar is”.

Vrouwen gaan “soms voorbij aan al het goede dat ze gedurende de dag doen”. Wat ook blijkt uit bovenstaand filmpje. Even los van het feit of deze gevoelens al dan niet terecht zijn. In dat negeren, de gevoelens die ze heeft, schuilt een gevaar waar we onze ogen niet voor mogen en kunnen sluiten. Hierbij denk ik aan de toespraak  'Vergeet mij niet' van president Dieter F. Uchtdorf . Eerst zegt hij, en dit haakt in op wat president Hinckley ook al aangaf: “Wees onderwijl dankbaar voor alle kleine successen bij u thuis, in uw familierelaties, uw opleiding en bestaansmogelijkheden, uw deelname in de kerk en uw persoonlijke vooruitgang. Net als bij de vergeet-mij-nietjes lijken die successen in uw ogen misschien erg klein en gaan anderen eraan voorbij. Maar God merkt ze op en voor Hem zijn ze van tel. Als u succes alleen ziet als de volmaaktste roos of een oogstrelende orchidee, gaat u voorbij aan enkele van de mooiste ervaringen die het leven biedt”.

Maar, er is ook een schaduwkant, wat te maken heeft met anders naar bovenstaand filmpje kijken. President Uchtdorf: “In onze ijver om alle taken en plichten te vervullen die we als lid van de kerk op ons nemen, zien we het evangelie soms als een lange lijst met taken die we aan onze al onmogelijke lange waslijst van dingen moeten toevoegen, als een blok tijd dat we ergens in ons drukke schema moeten inpassen. We staren ons blind op wat de Heer van ons vraagt en hoe we dat kunnen doen, maar vergeten wel eens waarom”.

Dat brengt mij op een andere toespraak. Er zijn veel prachtige toespraken, maar deze is mij dierbaar, en dat is die van president Boyd K. Packer 'Ouders in Zion', waarin hij het volgende zegt: “Sommige moeders raken ontmoedigd - zelfs depressief. Ik ontvang brieven met het woord schuld, omdat ze niet alles kunnen. Naar de kerk gaan is, of zou moeten zijn, een verademing van het dagelijkse leven. Het zou rust en tevredenheid moeten brengen. Als het druk en ontmoediging met zich mee brengt, is er iets uit balans”.

Behalve dat, en misschien staan we daar niet voldoende bij stil, zegt hij ook dit: “We moeten oppassen dat de programma's en activiteiten van de kerk niet te zwaar worden voor sommige gezinnen. Wanneer de beginselen van het evangelie worden begrepen en toegepast, versterken en beschermen ze zowel personen als gezinnen. Toewijding aan het gezin en toewijding aan de kerk zijn geen verschillende dingen”.

Tot slot nog een uitspraak uit deze toespraak. Alhoewel deze toespraak een 'oudje' is, is hij naar mijn gevoel nog steeds actueel, die zeker de moeite waard is om in zijn geheel te lezen, en dat is deze: “De meeste gezinnen doen hun best; maar sommigen raken, wanneer ze worden belast met gezondheidsproblemen en financiële problemen, gewoon uitgeput terwijl ze proberen bij te blijven, en uiteindelijk trekken ze zich terug in inactiviteit. Ze zien niet dat ze zich verplaatsen van de enige beste bron van licht en waarheid, van hulp bij hun gezin, naar de schaduw waar gevaar en liefdesverdriet wachten”.

Kijken en zien. 

dinsdag 4 augustus 2026

Blikjes en Esther

 

In het verleden schreef ik naast dit blog nog voor een ander blog. Dit blog is ondertussen gesloten, maar zo af en toe haal ik iets van dat blog. Dit blog van toen noem ik nu mijn voorraadkast en af en toe haal ik een blikje uit deze kast, en open ik dat hier op mijn levensreisblog.

Deze week staat onze leesopdracht in het teken van Esther. In ons Kom dan en volg Mij-materiaal werd onder andere gezegd dat we "misschien niet altijd de invloed van de Heer herkennen in de kleine details van ons leven, maar wat we leren uit wat Esther meemaakte, kunnen we leren dat Hij ons kan leiden op ons pad en ons kan voorbereiden op een tijd waarin wij als een werktuig in de handen van de Heer zijn oogmerken kunnen volbrengen". Ook werd president Dieter F. Uchtdorf aangehaald, die het had over "een ieder van ons een unieke plaats inneemt en een belangrijke taak heeft die alleen wij kunnen doen". De Heer heeft u uw verantwoordelijkheid niet voor niets gegeven. Er zijn wellicht mensen en harten die alleen u kunt raken. Misschien kan niemand het precies zo doen als u". 

Ook wordt er verwezen naar een artikel voor de jongvolwassenen, dat ging over Lessen van Esther over je goddelijke potentieel verwezenlijken. Waarin de vraag wordt gesteld: 


"Maak je je weleens zorgen 
dat je je goddelijke potentieel niet waarmaakt?"


De schrijver van het artikel 'Lessen van Esther' heeft het erover dat "hij nog steeds probeert te begrijpen dat zijn bijdragen ertoe doen, ook al lijken ze misschien klein". Maar elke keuze is een daad van geloof. Als ik gehoor geef aan ingevingen, vergroot de Heer mijn vermogen om Hem te dienen. En op die momenten maak ik mijn goddelijk potentieel waar. Esther begreep haar rol misschien niet volledig, maar de Heer wel".


Blikje

En de Heere God riep Adam,
en zeide tot hem: 
Waar zijt gij?
Gen 3:9

Of met andere woorden
Waar ben je? 

In ideeën voor individuele Schriftstudie van deze week kunnen we lezen "God heeft een werk voor mij te doen". In de bijbehorende tekst wordt dan een verwijzing gemaakt naar een toespraak van president Russell M. Nelson 'Leden van de ware millenniumgeneratie worden'. Puur kijkend, denkend in termen van leeftijd, vallen de meesten van ons buiten deze groep. En zou je kunnen denken 'deze toespraak is niet op mij van toepassing'. Maar is dat wel zo? 

In deze toespraak zegt president Russel M. Nelson een paar keer "Een lid van de ware millennium generatie is iemand..." Ik denk dat gezien zijn antwoorden we ons dus wel degelijk aangesproken kunnen en mogen voelen. Ook geeft hij ons tegelijkertijd vier aanbevelingen die alle vier, ook gescheiden van elkaar, zeker de moeite waard zijn om aandacht aan te geven, maar wat ik nu niet ga doen. In deze toespraak zegt president Nelson het volgende, en dat heeft alles te maken met "Waar zijt gij": 

"Je hoeft je niet af te vragen of je bent waar de Heer wil dat je bent, 
of dat je doet wat Hij wil dat je doet.
Je kunt het weten."    

Eerder had hij al gezegd "Vraag je hemelse Vader in de naam van Jezus Christus wat Hij van jou en je zending hier op aarde vindt. Vraag het met een oprechte bedoeling, dan zal de Geest je in de loop van de tijd de levensveranderende waarheid influisteren. Noteer die ingevingen en neem ze vaak door, en handel er naar".  

Ouderling Milton, dit komt uit de toespraak die we gisteren bespraken: "Niettemin kost het tijd en geduld om de stem van de Heer te leren begrijpen. We schenken aandacht aan de gedachten en gevoelens die in ons opkomen, en we schrijven ze op, zoals onze profeet ons heeft aangeraden. Onze ingevingen noteren is een belangrijk onderdeel van het ontvangen. Daardoor kunnen we ons herinneren, overdenken en opnieuw voelen wat de Heer ons leert. Als u dat proces dag in dag uit, maand in maand uit en jaar in jaar uit herhaalt, zult u in het beginsel openbaring groeien". Is dat niet iets wat we allemaal willen en meer dan ooit nodig hebben?





zondag 19 juli 2026

2. Alle gevolgen van dien


In mijn vierde logje, dat ging over afstamming is niet bepalend, had ik het onder andere over Batseba. Zij wordt namelijk zwanger van koning David, met alle gevolgen van dien. Een van de gevolgen was dat onderstaande profetie letterlijk werd vervuld:

"Het zwaard zal nooit uit uw huis wijken,
omdat u mij, de Heer hebt veracht
en de vrouw van Uria hebt genomen"
2 Samuel 12:10

"Daarna gebeurde het volgende. Absalom, de zoon van David, had een knappe zuster, en haar naam was Tamar. En Amnon, de zoon van David, kreeg haar lief. Ammon leed om zijn zuster Tamar tot hij er ziek van werd, want zij was maagd, zodat het in de ogen van Amnon moeilijk was om haar iets aan te doen". Dit vind ik op zich al een kwalijke opmerking, en het heeft hem uiteindelijk ook niet weerhouden om te doen wat hij deed, ondanks de smeekbede van Tamar om het niet te doen. "Nee, mijn broer, verkracht mij niet, want zoiets doet men niet in Israël; doe deze schandelijke daad niet. Hij wilde echter niet naar haar stem luisteren, maar omdat hij sterker was dan zij, verkrachtte hij haar en sliep met haar. Daarna haatte Amnon haar met een heel diepe haat. Ja, de haat waarmee hij haar haatte was groter dan de liefde waarmee hij haar had liefgehad. Sta op, ga weg! Hij riep zijn knecht, zijn bediende, en zei: Stuur die vrouw toch bij mij vandaan, naar buiten, en doe de deur achter haar op slot", 2 Samuel 13:1-17.

"Waarom is het een drogreden als we denken dat wat wij doen
onze eigen zaak is 
en niemand anders zal schaden?"

Allereerst dit. Het is een commentaar op wat Amnon deed, maar je kunt het ook zien als een 'alle gevolgen van dien': "Amnon hield niet echt van Tamar. Nadat hij zijn lust had bevredigd, verachtte hij haar. Hoe vaak zien we zulke grove onrechtvaardigheid jegens vrouwen bij slechte mannen? Ze buiten vrouwen uit en verachten hen vervolgens, in plaats van zichzelf. Amnon wilde Tamar niet van de schande redden door haar als vrouw of bijvrouw in zijn huishouden op te nemen. Wetende dat ze te schande was gemaakt en daardoor van een echtgenoot verstoken zou blijven, rouwde Tamar als een weduwe. David was woedend over de manier waarop Amnon Tamar had behandeld, maar wat kon hij doen of zeggen? Zijn eigen gedrag met Batseba had hem geen reden gegeven om hem te veroordelen. Dit was wederom een gevolg van de zonde. Vanwege zijn eigen schuldgevoel greep David niet in om deze grote gruweldaad in zijn eigen huishouden te corrigeren. David leerde de droevige les dat de zonden van een mens hem vaak tot in de derde en vierde generatie kunnen achtervolgen". 

Ik bleek echter ook een ander commentaar op dit verhaal te hebben wat ik jullie niet wil onthouden. Het is een EO artikel met de titel "Waarom we het verhaal van Tamar moeten doorvertellen".  Uit dit artikel komt ook onderstaande uitspraak:

"Stilte oog in oog met het kwaad, is kwaad;
God zal ons niet onschuldig houden.
Niet spreken is spreken,
niet handelen is handelen"
Dietrich Bonhoeffer

De verkrachting van Tamar is inderdaad misschien niet direct een onderwerp voor een preek, maar "Davids lijdelijke passiviteit zou ons moeten aansporen tot handelen". Davids sprakeloosheid zou ons moeten aanzetten tot spreken. In de kerk zouden er geen eenzame, verlaten vrouwen moeten zijn, alleen maar dochters van God die gezien worden en gekoesterd worden". Een gemeenschap van mannen en vrouwen die een onbeperkt leefbare omgeving creëren.

Wat ik heel mooi vind, sluit aan bij deze woorden: "Ach, mijn Heer! Wat moeten wij doen? En de Heere opende de ogen van de knecht, zodat hij zag; en zie, de berg was vol paarden en strijdwagens van vuur rondom Elisa". Wat te maken heeft met ogen om te zien: "Misschien is het belangrijkste dat wij duidelijk moeten zien wie God is en wie wij werkelijk zijn - zoons en dochters van hemelse Ouders met een goddelijke aard en een eeuwige bestemming. Vraag God om deze waarheden aan u te openbaren, alsook hoe Hij over u denkt. Hoe beter u begrijpt wat uw identiteit en bestemming is - dat diep van binnen begrijpt - hoe meer het uw hele leven zal beïnvloeden. Als we begrijpen hoe God ons ziet, bereidt dat ons erop voor om anderen te zien zoals Hij ze ziet". Iets wat Amnon duidelijk niet begreep, met alle gevolgen van dien. 




zondag 21 juni 2026

We zijn meer dan onze etiketten


"Het is namelijk niet wat de mens ziet,
want de mens ziet aan wat voor ogen is,
maar de Heere ziet het hart aan."
1 Samuel 16:7


Mijn vorige logje ging over dat afstamming niet bepalend is, en ik eindigde met bovenstaande tekst. Toen Samuel Eliab zag, dacht hij: "Deze is vast en zeker voor de Heere Zijn gezalfde". Maar de Heer zei: "Kijk niet naar zijn uiterlijk en ook niet naar de hoogte van zijn gestalte". Op de een af andere manier kwam Eliab waarschijnlijk over als iemand, gebaseerd op hoe hij eruitzag, die het goed zou doen als koning. “De Heer leerde aan Samuel dat Hij ons anders ziet dan dat mensen elkaar meestal zien". 

In dat opzicht zijn wij net zo menselijk als Samuel, want ook wij hebben de neiging om aan een knap uiterlijk automatisch positieve eigenschappen toe te schrijven, zoals betrouwbaarheid en eerlijkheid, wat het halo-effect wordt genoemd, wat ons denken kan belemmeren. Omgekeerd werkt het ook zo. Dus in die zin moeten we voorzichtig zijn met het labelen van iemand, gebaseerd op de eerste indruk. 

Uiteraard zijn labels niet altijd negatief. President Russell M. Nelson zei dat “labels leuk kunnen zijn".  Ze laten zien aan welke positieve zaken je waarde hecht. Maar als er een label is dat jouw belangrijkste identiteit vervangt, kunnen de gevolgen geestelijk verstikkend zijn". Met je belangrijkste identiteit bedoelt president Nelson dat je een geestkind van God bent en dat het belangrijk is dat je deze waarheid kent en begrijpt. 

Eerder dit jaar heb ik een aantal logjes geschreven die gingen over onze ware identiteit en labels. Toen was echter mijn insteek dat afstamming WEL DEGELIJK van belang was en is. Daar tegenovergesteld aan, kijkend naar de afstammingslijn van Christus, zien we dat afstamming NIET belangrijk is. Of het nu gaat om wel of niet, beiden hebben uiteindelijk ook te maken met hoe jij jezelf ziet.

"Ik geloof dat mijn hemelse Vader de volgende eigenschappen in mij ziet
die veel anderen niet zien:...."

Bovenstaande stelling, een van de vier, komt uit een seminarieles waarin de Heer het hart aanziet. Dat ik juist deze stelling eruit heb gehaald, en niet: "Als ik andere mensen voor het eerst ontmoet heb ik de neiging om vooral te kijken naar...", heeft te maken met hoe hemelse Vader jou en mij ziet. Welk label heeft Hij op een ieder van ons geplakt. En dat bovenal te blijven zien. Los van wat anderen wel of niet zien. Los van wat anderen wel of niet doen. Omdat dit, kijkend naar president Nelsons woorden, als je je ware identiteit uit het oog verliest, geestelijk verstikkende gevolgen kan hebben. Wat ik terugzie in het leven van Saul. 

Toen Saul als koning werd geroepen, zoon van een vermogend vader, en in heel Israël geen knappere man dan hij, was zijn reactie: "Ben ik niet een Benjaminiet, uit de kleinste van de stammen van Israël? En is mijn geslacht niet het geringste van al de geslachten uit de stam van Benjamin?" In dit opzicht past hij, nu we het toch over labels hebben, aan de ene kant in het halo-effect-hokje, en aan de andere kant in het vakje 'Wie ben ik dat', zoals Mozes, een groot profeet vanouds, zich dat afvroeg. Echter Saul vergat op een gegeven moment wie hij was, want dit is wat Samuel later tegen hem zegt: "Is het niet zo dat u, hoewel klein in eigen oog, hoofd van de stammen van Israël geworden bent, en dat de Heere u tot koning over Israël gezalfd heeft? Omdat u het woord van de Heere verworpen hebt, heeft Hij u verworpen, zodat u geen koning meer zult zijn. Toen zei Saul tegen Samuel: Ik heb gezondigd, omdat ik het bevel van de Heere en uw woorden overtreden heb, want ik was bevreesd voor het volk en heb naar hun stem geluisterd" (1 Samuel 15:17,23,24). Hij verloor uit het oog wat God in hem zag en wat zijn ware identiteit was.

"Als we onze etiketten met die van anderen vergelijken, etiketten aannemen die niet overeenkomen met onze goddelijke aard, of ons door sommige etiketten minderwaardig voelen, kunnen onze eigenwaarde en geestelijke instelling in miljoenen stukjes uiteenspatten. Het enige etiket waardoor het leven echt iets betekent, is onze goddelijke identiteit. En ik hoef dat etiket niet te verdienen. Die liefde krijg ik gratis. Ik weet dat als ik mijn best doe om volgens zijn wil te leven, en altijd besef wie ik echt ben, Hij me zal zegenen. Als al mijn andere etiketten met die ene belangrijke zijn verbonden, kan ik in al die etiketten ware vreugde, kracht en grootsheid vinden." 

Ik denk dat ik het volgende week opnieuw over een man ga hebben. Een man die liet zien dat hij meer was dan het etiket dat aan hem kleefde. En zo de geschiedenis opnieuw labelde. 




maandag 15 juni 2026

3. Afstamming is niet bepalend


Opnieuw ga ik het hebben over een 'buitenbeentje'. Buitenbeentjes zijn vrouwen waarvan je niet direct zou verwachten dat ze genoemd zouden worden in de afstammingslijn van Jezus Christus, omdat hun achtergrond net even anders is. Hierbij denk ik aan Tamar en Rachab, maar ook aan Ruth de Moabitische, waar ik het vandaag over wil hebben. Die door president Thomas S. Monson een voorbeeld van de ideale vrouw wordt genoemd (zie Liahona november 2002, Voorbeelden van navolging).

Wanneer zowel de man van Naomi als beide zonen komen te overlijden, waaronder de man van Ruth, neemt Naomi de beslissing om terug te keren naar Israël. Ruth besluit met haar schoonmoeder mee te gaan naar Israël, ondanks Naomi's woorden: "Zie, je schoonzuster is teruggekeerd naar haar volk en naar haar goden. Keer ook terug, je schoonzuster achterna. Maar Ruth zei: Dring er bij mij niet langer op aan u te verlaten en terug te gaan bij u vandaan. Want waar u heen gaat, zal ik ook gaan, en waar u overnacht, zal ik overnachten".

"Uw volk is mijn volk en uw God is mijn God."
Ruth 1:15,16




Uiteindelijk trouwt Ruth met Boaz, en "hij kwam bij haar. En de Heere gaf haar dat zij zwanger werd en een zoon baarde. Boaz verwekte Obed, Obed verwekte Isaï, en Isaï verwekte David" (Ruth 1:13,21,22). David, die achter de schapen werd weggeroepen, van wie "de Heere zei: Sta op, zalf hem, want deze is het" (1 Samuel 16:12). En zo werd Ruth, de Moabitische, de voormoeder van zowel koning David als van Jezus Christus. 

In Scripture Helps kunnen we het volgende lezen over Ruth: "Een centraal thema in het boek Ruth is verlossing. Ruth was een buitenlandse, kinderloos en weduwe; hierdoor leefde ze in grote armoede en zonder enige steun. Ondanks haar omstandigheden koos ze ervoor om Jehovah te volgen en deel uit te gaan maken van zijn verbondsvolk. Uiteindelijk hertrouwde Ruth, werd ze volledig als Israëlitische geaccepteerd en werd ze met kinderen gezegend. Gezien dit thema van verlossing is het belangrijk op te merken dat Jezus Christus, de Verlosser van de wereld, een directe afstammeling van Ruth was". 

De opmerking dat 'doordat Ruth ervoor koos om Jehova te volgen en dat ze daardoor deel uit ging maken van het verbondsvolk van de Heer' kan ik niet zomaar negeren. In mijn logje over Rachab ging ik in op de vraag waarom Mattheüs vier verschillende vrouwen in zijn stamboom opnam die geen Israëlieten waren, ofwel verbonden waren met niet-Israëlieten, en deelde toen als antwoord vier punten. Dit is antwoord 1: "Het laat zien dat God in het verleden door heidenen heeft gewerkt, waardoor Mattheüs' lezers worden voorbereid op de opdracht om alle volken het evangelie te onderwijzen" (Mattheus 28:19), wat, ik kan het niet anders verwoorden, later toch wel een olifant in de kamer bleek te zijn. Terwijl, of we het nu hebben over de nieuwtestamentische kerk of de nieuwtestamentische kerk hersteld, beide niet los gezien kunnen worden van het verbond van Abraham. 

"En Ik zal van u een grote natie maken en Ik zal u bovenmatig zegenen
en uw naam grootmaken onder alle natiën
en u zult een zegen zijn voor uw nakomelingen na u,
zodat zij deze bediening en dit priesterschap in hun handen
naar alle natiën zullen brengen;
en Ik zal hen zegenen door uw naam;
want allen die dit evangelie aanvaarden,
zullen naar uw naam worden genoemd 
en zullen tot uw nakomelingen worden gerekend
en zullen zich verheffen en u als hun vader prijzen;"
Abraham 2:9,10


President Russell M. Nelson zei in zijn toespraak Laat God zegevieren hierover het volgende: "Het evangelienet waarmee het verstrooide Israël wordt vergaderd, is groot. Er is ruimte voor eenieder die het evangelie van Jezus Christus volledig wil aanvaarden. Iedere bekeerling wordt een van Gods verbondskinderen, hetzij door geboorte, hetzij door adoptie. Ieder wordt erfgenaam van alles wat God de trouwe kinderen Israëls beloofd heeft. Ieder van ons heeft potentieel, omdat ieder een kind van God is. We zijn wat Hem betreft allemaal gelijk. De implicaties van deze waarheid zijn enorm. Broeders en zusters, luister alstublieft goed naar wat ik nu ga zeggen. God heeft het ene ras niet meer lief dan het andere. Zijn leer is in dit opzicht helder. Hij nodigt allen uit om tot Hem te komen, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw". 

Uiteindelijk gaat het erom of je Jehova wilt volgen en de gesteldheid van je hart. Dit zie je ook in wat er gebeurde rond het kiezen van een opvolger van Saul. Dat Samuel dacht, toen "hij Eliab zag: Deze is vast en zeker de Heere Zijn gezalfde. Maar de Heere zei tegen Samuel: Kijk niet naar zijn uiterlijk en ook niet naar de hoogte van zijn gestalte, want Ik heb hem verworpen" (1 Samuel 16:6,7). Uiteindelijk werd het dus David, want:

"Het is namelijk niet wat de mens ziet,
want de mens ziet aan wat voor ogen is,
maar de Heere ziet het hart aan."
1 Samuel 16:7


dinsdag 9 juni 2026

Debora en Barak


In ons zondagschoollesboek, als inleiding op het boek Richteren, wordt het volgende gezegd: "Onder invloed van de overtuigingen en aanbiddingspraktijken van de Kanaänieten, die ze uit het land moesten verdrijven, overtraden de Israëlieten hun verbonden met de Heer en keerden ze zich van Hem af. Als gevolg daarvan raakten ze zijn bescherming kwijt en raakten ze in slavernij. Maar telkens wanneer dit gebeurde, gaf de Heer zijn verbondsvolk de kans om zich te bekeren, en deed Hij een verlosser opstaan - een milititair leider: die men een 'richter' noemde. 

Tussen al de mannelijke richters die in het boek Richteren worden genoemd, deed de Heer een vrouw opstaan, die veel meer was dan 'zomaar' een richter. Zij was namelijk behalve een richter ook een profetes, die de geest van openbaring had. "Hoewel slechts enkele vrouwen in de Schrift profetessen worden genoemd, hebben velen geprofeteerd, zoals Rebekka, Hanna, Elisabeth en Maria". 

"En Debora, een vrouw die profetes was,
de vrouw van Lappidoth,
die gaf in die tijd als richter leiding aan Israël.
En de Israëlieten gingen voor de rechtspraak naar haar toe.
Richteren 4:4,5

Op een gegeven moment stuurt Debora een bode naar Barak (vers 6) met de woorden: "Heeft de Heere, de God van Israël, niet geboden: Ga, trek op naar de berg Tabor en neem tienduizend man met u mee, van de nakomelingen van Naftali en van de nakomelingen van Zebulon?" In haar vraag aan Barak heeft Debora het over "heeft de Here u niet geboden, ga". Wanneer je dit zo leest, dan lijkt het alsof Barak nog geen gehoor heeft gegeven aan deze opdracht. Maar nu Debora met die vraag komt, wordt het dan toch opeens een heel ander verhaal en kan hij niet meer om deze opdracht heen. Alleen dan wel met haar aan zijn zijde. 

"Als u met mij mee zult gaan, dan ga ik.
Maar als u niet met mij mee zult gaan,
dan ga ik niet."
Richteren 4:8

Vorige week schreef ik nog een logje over de gelijkwaardigheid van man en vrouw. Daarin haalde ik deze woorden van president M. Russell Ballard aan: "Elke priesterschapsleider die de vrouwelijke leidinggevenden niet volledig en met zijn volle respect bij het werk betrekt, respecteert de sleutels die hij heeft gekregen niet, en maakt ze niet groot. Zijn macht en invloed zullen beperkt zijn totdat hij de wegen van de Heer leert". 

Dat Barak haar zijn volle respect betoont, blijkt wel uit de vraag van hem of zij met hem mee wil gaan. Ze zegt: Ja, ik zal wel met u meegaan. Maar er zal op de weg die u gaat voor u geen eer te behalen zijn, want de Heere zal Sisera overleveren in de hand van een vrouw". 

Ik moet nu denken aan een opmerking die ik onlangs hoorde van een man, waarin hij aan zijn vrienden vertelde dat zijn toekomstige vrouw meer verdiende dan hij en dat hij dat lastig vond. Gezien in dit licht kun je je afvragen hoe Barak zich moet hebben gevoeld. Eerst was daar zijn vraag aan Debora of zij met hem mee wil gaan, en daaroverheen, toen hij besloot te gaan, kreeg hij ook nog te horen: "Er zal voor u geen eer te behalen zijn". Dit vanwege Jaël. 

"En zie, Barak achtervolgde Sisera.
Jaël kwam naar buiten, hem tegemoet, en zei tegen hem:
Kom, en ik zal u de man laten zien die u zoekt.
Zo ging hij bij haar naar binnen, en zie daar lag Sisera dood."
Richteren 4:22

Gelukkig ontmoedigde dit hem niet. Is het verhaal van Debora en Barak eigenlijk niet een voorbeeld van hoe mannen en vrouwen in het werk van de Heer zouden moeten samenwerken, ongeacht of je nu wel 'de eer kunt opeisen' of niet? Al wil ik hier niet mee zeggen dat mannen en vrouwen hetzelfde zijn, zoals blijkt uit deze uitspraak: "Mannen en vrouwen zijn gelijk in Gods ogen en in de ogen van de kerk, maar gelijk wil niet zeggen dat ze hetzelfde zijn. De taken en goddelijke gaven van mannen en vrouwen verschillen van karakter, maar niet in belang van invloed. God vindt niet een van beide seksen beter of belangrijker dan de andere. Mannen en vrouwen hebben verschillende gaven, verschillende kwaliteiten, en verschillende standpunten en voorkeuren. Dat is een van de belangrijkste redenen dat we elkaar nodig hebben. Een man en een vrouw werken rechtschapen samen om elkaar aan te vullen." Is dit niet wat Debora en Barak deden? Met dit als resultaat:

"Toen zong Debora met Barak, de zoon van Abinoam, op die dag:
Nu de leiders in Israël de leiding hebben genomen,
nu het volk zich vrijwillig gegeven heeft,
loof de Heere!

En het land had veertig jaar rust."
HSV Richteren 5:1,2,31




Afbeelding: Pinterest

woensdag 3 juni 2026

Gelijkwaardigheid man en vrouw

 

Mijn vorige logje ging over Rachab, een voormoeder van Jezus, dat ik eindigde met deze woorden: "De opname van vrouwen in de stamboom van de Heiland weerspiegelt de belangrijke waarheid dat mannen en vrouwen gelijk zijn in de ogen van God." Een prachtig voorbeeld hiervan, zeker als het gaat om leiding te krijgen of te ontvangen in je persoonlijk leven, vind ik wat er gebeurde met de moeder van Simson. 

"En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach.
Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
Toen verscheen er een Engel van de Heere aan deze vrouw, en zei tegen haar:
Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. 
U zult echter zwanger worden en een zoon baren."
Richteren 13:2,3 

Na het bezoek van de Engel vertelt de moeder van Simson aan haar man wat haar is overkomen. Hij moet haar hebben geloofd, want vervolgens lezen wij: "Daarop bad Manoach vurig tot de Heere" met de vraag of de Engel opnieuw langs kon komen. "En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was". Waarop zij snel haar man haalt met de woorden: "Zie, de Man die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen. Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna". 

Uiteindelijk "stijgt de Engel in de vlam van het altaar omhoog en zei Manoach tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker sterven, want wij hebben God gezien". Maar zijn vrouw zei tegen hem, wat voor mij ook iets zegt over wat voor vrouw zij is: "Als het de Heere behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen, en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen". Zij, Simsons moeder, plaatst de gebeurtenissen gelijk in een ander perspectief. 'Waarom zou God ons doden, na alles wat Hij aan ons heeft bekendgemaakt?'

Ik kan nu niet anders denken dan aan Helemans' tweeduizend jonge zonen. "Hoewel zij nog nooit hadden gevochten, vreesden zij de dood niet; en zij hechtten meer belang aan de vrijheid van hun vaders dan aan hun eigen leven; ja, hun moeders hadden hun geleerd dat als zij niet twijfelden God hen zou bevrijden. En zij gaven de woorden van hun moeders voor mij weer en zeiden: Wij twijfelen er niet aan dat onze moeders het wisten". Wat als Simson gehoor had gegeven aan dit weten van zowel zijn moeder als vader? Gehoor had gegeven aan deze woorden, voorafgaande aan zijn geboorte, die de Engel sprak tot zijn ouders: "en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen". Helaas slaagde Simson er niet in om "zijn goddelijke roeping te vervullen vanwege zelfzuchtige keuzes". 

Tijdens een algemene vrouwenbijeenkomst gaf president Russell M. Nelson een toespraak waarin hij zei dat hij "ons vrouwen graag wilde laten inzien dat de herstelling van het priesterschap net zo belangrijk is voor ons als vrouw, als voor een man. Omdat het Melchizedeks priesterschap hersteld is, hebben zowel vrouwen als mannen die hun verbonden nakomen, toegang tot alle geestelijke zegeningen van de kerk. De hemel staat evenzeer open voor een vrouw die door haar priesterschapsverbonden met Gods macht begiftigd is, als voor een man die het priesterschap draagt. Zusters, u hebt het recht om vrijelijk een beroep op de macht van de Heiland te doen om uw gezin en andere dierbaren te helpen. Ik loof mannen die het vermogen van hun vrouw respecteren om openbaring te ontvangen en hen als gelijkwaardige partner in hun huwelijk te koesteren". 

Ik denk dat de vader van Simson zo'n soort man was. Die, misschien wel hedendaags gedacht,  zich door de gebeurtenissen rond de aankondiging van zijn kind, zich niet minder man voelde. Wat ik ook terugzie in zijn gebed. In zijn gebed heeft hij het namelijk over "naar ons" en "ons leren" wat wij met het jongetje moeten doen. Hij had namelijk ook kunnen vragen of de Engel aan hem kon verschijnen, daar de Engel al eerder aan zijn vrouw verschenen was. Toen de Engel echter opnieuw aan zijn vrouw verscheen, "stond hij op en ging zijn vrouw achterna". Hij had ook kunnen blijven zitten met de woorden: 'dat zijn vrouwenzaken'. 

Een zwangerschap is nooit alleen een vrouwenzaak en het opvoeden van kinderen ook niet. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid, wat ik ook terugzie in deze woorden, wanneer Simson voor een vrouw kiest buiten het verbond: "Maar zijn vader zei tegen hem, evenals zijn moeder: Is er onder de dochters van je broeders en onder heel mijn volk geen vrouw..." (Richteren 14:3). Deze tekst laat zien dat Manoach en zijn vrouw één waren in hun onderwijs aan hun zoon. En dat ze, of dat nu in een gezamenlijk gesprek was, of los van elkaar, bevestigden wat zij, als ouders, geloofden en waarin zij hun zoon hadden onderwezen. Simson wist wie hij was. Dat blijkt wel uit deze woorden toen hij zijn hart uitstortte bij Delila, de vrouw die hij niet kon weerstaan: "Er is nooit een scheermes op mijn hoofd gekomen, want ik ben als nazireeër aan God gewijd van mijn moedersbuik af".

Een aantal jaren terug stond er in de Liahona een artikel met de titel Dochters van God met zijn priesterschapsmacht verbinden. In dit artikel wordt president M. Russell Ballard aangehaald, die het volgende zei: "Allen die heilige verbonden met de Heer hebben gesloten en die deze verbonden eren, hebben het recht om persoonlijke openbaring te ontvangen, om door de bediening van engelen gezegend te worden", zoals we zagen bij de ouders van Simson, "om met God te communiceren, om de volheid van het evangelie te ontvangen, en samen met Jezus Christus erfgenaam te worden van alles wat de Vader heeft". Man en vrouw. 
 
In dit artikel wordt ook ouderling L. Tom Perry aangehaald die het volgende zei tot de broeders, over de gelijkwaardigheid van man en vrouw: "Broeders, vergeet niet dat in uw rol als leider thuis, uw vrouw uw partner is. Vanaf het begin heeft God tegen de mens gezegd dat het huwelijk een eenheid van man en vrouw is. Daarom is er geen directeur en adjunct-directeur in het gezin. Een echtpaar werkt voortdurend samen aan het welzijn van hun gezin. Ze zijn verenigd in woord en daad als ze het gezin leiden en besturen. Ze staan op gelijke voet. Ze plannen en organiseren samen, en unaniem, de aangelegenheden van het gezin." 

Wat betreft leiderschap in de kerk, "dat hiërarchisch georganiseerd is, terwijl het gezin patriarchaal is" kunnen we in dit artikel ook nog het volgende lezen: "De voorbije jaren hebben ervaren leden van het Quorum der Twaalf Apostelen uitdrukkelijk over de rol van de vrouw in de kerk gesproken. Luisteren we wel aandachtig naar die toespraken? We besteden terecht veel aandacht aan de woorden van hen die we als profeten, zieners en openbaarders steunen. Zij bezitten de sleutels van het koninkrijk, en de Heer geeft via hen leiding aan zijn werk. Daarnaast zijn vrouwelijke kerkleiders aangesteld en hebben zij het priesterschapsgezag ontvangen om zowel mannen als vrouwen van de kerk toe te spreken. We moeten ook aan hun woorden gehoor geven en luisteren naar de raad die God ons via hen geeft."

Tot slot nog deze woorden van president M. Russell Ballard uit dit artikel: "Elke priesterschapsleider die de vrouwelijke leidinggevenden niet volledig en met zijn volle respect bij het werk betrekt, respecteert de sleutels die hij heeft gekregen niet, en maakt ze niet groot. Zijn macht en invloed zullen beperkt zijn totdat hij de wegen van de Heer leert." 




zondag 24 mei 2026

1. Afstamming is niet bepalend

 

Een vrouw waar ik zomaar niet aan voorbij kan reizen is Tamar. Zij hoort voor mij zeker thuis in het rijtje bijzondere vrouwen. En blijkbaar ben ik niet de enige die daar zo over denkt. Zeker als ik kijk naar Mattheüs 1 en het geslachtsregister van Jezus Christus. Vooral als je dat geslachtsregister vergelijkt met die van Lukas. In het geslachtsregister van Lukas wordt namelijk alleen maar gesproken over zonen. Al zal hij zo ook zijn redenen hebben gehad om juist deze insteek te gebruiken. 

Wat het geslachtsregister van Mattheüs nog meer bijzonder maakt, is dat de vrouwen waar hij voor kiest eigenlijk allemaal 'buitenbeentjes' zijn. De eerste vrouw die genoemd wordt is Tamar, en ik denk dat dit label zeker ook van toepassing is op haar. Vandaar dan ook deze vraag uit een les, als stof tot nadenken: "Wat kunnen wij leren van het feit dat Mattheüs deze vier vrouwen in het geslachtsregister van Jezus Christus opneemt?" Want aan de drie overige vrouwen die Mattheüs noemt, hangt ook een speciaal labeltje. Terwijl Mattheüs bijvoorbeeld ook gewoon had kunnen kiezen voor de vrouwen van Abraham, Izak en Jakob, wat hij uiteindelijk niet gedaan heeft. 

Hierbij in het kort het verhaal van Tamar, wat ik vond op Wikipedia. Zelf had ik het zo kort niet kunnen samenvatten, vandaar die keuze: "Juda trouwt met de dochter van Shua, een Kanaäniet. In Genesis hoofdstuk 38 krijgen Juda en zijn vrouw drie kinderen: Er, Onan en Shelah. Er trouwt met Tamar, maar God doodt hem omdat hij goddeloos was in Zijn ogen (Gen. 38:7). Tamar wordt volgens de gewoonte de vrouw van Onan, maar ook hij wordt gedood nadat hij weigert kinderen te verwekken voor de kinderloze weduwe en zijn oudere broer en in plaats daarvan zijn zaad verspilt. Hoewel Tamar met Shelah, de overgebleven broer, had moeten trouwen, stemde Judah daar niet mee in. Daarop misleidt Tamar Juda door zich voor te doen als prostituee en zo gemeenschap met hem te hebben. Wanneer Juda ontdekt dat Tamar zwanger is bereidt hij zich voor haar te laten doden, maar hij herroept zijn plan wanneer hij ontdekt dat hij de vader is (Gen. 38:24-26). Tamar is de moeder van een tweeling: Perez (Peretz) en Zerah (Gen. 38:27-30). De eerste is de patrilineaire voorvader van de Messias, volgens het boek van Ruth (4:18-22)." 



Het volgende komt, door mij samengevat, uit Scripture Helps: "Toen Juda zijn belofte niet nakwam om zijn jongste zoon aan Tamar uit te huwen, liet hij haar zonder echtgenoot en zonder de kans om kinderen te krijgen. Omdat ze graag kinderen wilde, nam Tamar haar toevlucht tot bedrog en speelde de hoer, om een kind met Juda te verwekken. De gebruiken van het leviraatshuwelijk zouden Juda zelfs de mogelijkheid geboden hebben om met Tamar te trouwen als zij niet met een van zijn zonen kon trouwen. Tamar wist waarschijnlijk dat haar daden ernstige gevolgen konden hebben. Toen Juda beval dat Tamar verbrand moest worden nadat hij vernam dat ze zwanger was, gebruikte Tamar de zegelring, armbanden en staf die Juda haar had gegeven, als bewijs dat hij de vader was. Juda bekent zijn zonde en verklaarde: Zij is rechtvaardiger geweest dan ik". 

In een oud lesboek wordt commentaar gegeven op wat er tussen Tamar en Juda gebeurde. Het volgende heb ik er uit gehaald: "Het is belangrijk om Juda's verdraaide waardenstelsel te benadrukken. Hij had er geen enkel probleem mee om Tamar met onvervulde beloftes naar huis te sturen, noch om een prostituee langs de weg op te pikken. Maar toen hij hoorde dat Tamar zwanger was, was hij zo woedend dat hij haar ter dood wilde laten brengen. Ten tweede laat het verhaal de afstamming van Juda zien, waaruit uiteindelijk de Messias zou voortkomen (zie Matteüs 1:3, Lukas 3:33). Een bijkomende les hier is dat afstamming niet bepalend is voor iemands rechtvaardigheid. Tenslotte wordt de waarheid duidelijk aangetoond dat het niet nakomen van verplichtingen vaak tot grotere problemen leidt. Had Juda zijn belofte aan Tamar trouw gehouden, dan zou de verleiding nooit hebben plaatsgevonden. Evenzo, als Juda de morele wetten had nageleefd, zou hij nooit met Tamar gezondigd hebben". 

Vooral de woorden "een bijkomende les hier is dat afstamming niet bepalend is voor iemands rechtvaardigheid" vind ik een zin om te onthouden. Niet alleen dat, ook om opnieuw mee aan de slag te gaan. Zeker als ik deze zin bezie in het licht van "Wij hebben Abraham als vader". "In de dagen van de Heiland waren veel Israëlieten van het verbond buitengewoon trots geworden en hadden ze zich afgewend van de leer van Jehovah. Sommigen geloofden dat het enkel afstammen van Abraham voldoende was om hen te redden. De Joden geloofden dat zij de enigen waren die rechtvaardige kinderen voor Abraham konden voortbrengen en dat alleen Abrahams letterlijke nakomelingen gered konden worden. Maar Johannes berispte hun trots en onrechtvaardigheid door te zeggen dat God uit stenen nakomelingen van Abraham kon opwekken". 

Aan de andere kant, nu we het toch hebben over afstamming, Shelah, die eigenlijk met Tamar had moeten trouwen, wordt gewoon tot de stam van Judah gerekend ondanks dat hij een Kanaänitische moeder had. En, zoals we kunnen lezen in Genesis 46, horend tot het gezin van Jakob die Israël wordt genoemd: "en zij kwamen in Egypte aan, Jakob en heel zijn nageslacht met hem. Zijn zonen en zijn kleinzonen met hem, zijn dochters, en zijn kleindochters en heel zijn nageslacht bracht hij met zich mee naar Egypte. De zonen van Juda; Er, Onan, Sela, Perez en Zerah. Er en Onan waren echter in het land Kanaän gestorven". 

In Numeri 26, vele jaren later, het volk van Israël staat aan de vooravond van het in bezit nemen van het land Kanaän, lezen we dat "de Heer tegen Mozes en tegen Eleazer, de zoon van de priester Aaron, zei: "Neem het aantal op van heel de gemeenschap van de Israëlieten, van twintig jaar oud en daarboven, naar hun families, ieder die in Israël met het leger uittrekt. De zonen van Juda waren Er en Onan, maar Er en Onan waren in het land Kanaän gestorven. En dit waren de nakomelingen van Juda, ingedeeld naar hun geslachten: van Sela het geslacht van de Selanieten; van Perez het geslacht van de Perezieten; van Zerah het geslacht van de Zerahieten. Dit waren de geslachten van Judah, overeenkomstig het aantal van hen die geteld waren; zesenzeventigduizendvijfhonderd."

Interessant is trouwens, ik sta nu opnieuw stil bij Genesis 46, dat Shelah niet de enige was met een Kanaänitische moeder, die deel uitmaakte van het gezin van Jakob dat optrok naar Egypte. "De zonen van Simeon: Jemuel, Jamin, Ohad, Jachin, Zohar en Saul, de zoon van een Kanaänitische vrouw". En ook zijn nageslacht vinden we terug in de telling van Numeri 26: "De nakomelingen van Simeon, ingedeeld naar hun geslachten: van Saul het geslacht van de Saulieten". 

De volgende keer ga ik het hebben over Rachab. Ik vraag mij af wat zij zou vinden van het bovenstaande. Rachab is een hoer en daarnaast ook nog Kanaänitische. En ook zij is terug te vinden in een geslachtsregister. En wat voor een geslachtsregister: "uit wie geboren is Jezus, Die Christus genoemd wordt". Ik denk dat ze waarschijnlijk ook zou zeggen dat afstamming niet bepalend is. En daar kan ik mij helemaal in vinden.

"en Hij nodigt hen allen uit om tot Hem te komen 
en deel te hebben aan zijn goedheid;
en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
zwarte en witte,
geknechte en vrije,
man en vrouw;
en allen zijn voor God gelijk,
zowel de Joden als de andere volken."
2 Nephi 26:33

Afbeelding stamboom: Wikipedia