Posts tonen met het label Nehoriaanse olifant. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Nehoriaanse olifant. Alle posts tonen

maandag 19 januari 2026

4. Onze ware identiteit en labels


"U dient allemaal de waarheden van het evangelie tot u te nemen
die te maken hebben met uw eeuwige aard
en uw eigen identiteit en unieke persoonlijkheid." 
President Spencer W. Kimball


Tijdens de algemene conferentie van 2020 zei ouderling Quentin L. Cook het volgende: "Laten we onszelf op dit keerpunt van tweehonderd jaar kerkgeschiedenis vast voornemen om rechtschapen te leven en eensgezinder te zijn dan ooit tevoren. Met ons geheel inclusieve leer kunnen wij een oase van eenheid zijn waar diversiteit gevierd wordt. Eenheid en diversiteit zijn geen tegengestelden. We kunnen meer eenheid bereiken als we een inclusieve sfeer en respect voor diversiteit cultiveren". 

Tijdens dezelfde conferentie zei president Dallin H. Oaks dit: "En er is onrecht geweest. In het openbare leven en in onze persoonlijke opvattingen hebben we racisme en daarmee gepaarde grieven gehad. In een aangrijpende persoonlijke verhandeling heeft eerwaarde Theresa A. Dear van de National Association for the Advancement of Colored People (NAACP) ons erop gewezen dat racisme gedijt waar sprake is van haat, verdrukking, samenspanning, passiviteit, onverschilligheid en zwijgzaamheid. We moeten als burgers en leden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen meer doen om racisme uit te bannen."

En ook president Russell M. Nelson sprak tijdens deze conferentie: "Het evangelienet waarmee het verstrooide Israël wordt vergaderd, is groot. Er is ruimte voor ieder die het evangelie van Jezus Christus volledig wil aanvaarden. Iedere bekeerling wordt een van Gods verbondskinderen, hetzij door geboorte, hetzij door adoptie. Ieder wordt erfgenaam van alles wat God de trouwe kinderen Israël beloofd heeft! Ieder van ons heeft goddelijk potentieel, omdat ieder een kind van God is. We zijn wat Hem betreft allemaal gelijk. De implicaties van deze waarheid zijn enorm. Broeders en zusters, luister alstublieft goed naar wat ik nu ga zeggen. God heeft het ene ras niet meer lief dan het andere. Zijn leer is in dit opzicht helder. Hij nodigt allen uit om tot Hem te komen, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw. Ik verzeker u dat uw status voor God niet door uw huidskleur wordt bepaald. Of u wel of niet bij God in de gunst staat, is afhankelijk van uw toewijding aan God en zijn geboden, en niet van uw huidskleur. Het bedroeft mij zeer dat onze zwarte broeders en zusters over de hele wereld door racisme en vooroordeel zo veel ellende te verduren hebben. Ik roep vandaag onze leden overal op om het goede voorbeeld te geven en zich te ontdoen van elke houding of handeling die door vooroordeel wordt ingegeven. Ik smeek u om respect voor al Gods kinderen te bevorderen". 

"Zwarte Heiligen der Laatste Dagen noemden deze verklaring van president Nelson historisch". Over historisch gesproken, ik vond dat ook van de evangelieverklaring Ras en het priesterschap. Ondanks dat ik amen kan zeggen op al het bovenstaande, ervaar ik een maar-gevoel. De opdracht is racisme uitbannen, heden en verleden. Kunnen we dit echter uitbannen zonder bewustwording? Hoe ziet dat er in de praktijk dan uit? Kijkend naar wat Theresa A. Dear van het NAACP zei, die door president Oaks werd geciteerd, viel mij het woord zwijgzaamheid op. Was ik zelf jaren niet zwijgzaam geweest over mijn eigen ervaringen, zelfs als de openbaring op het priesterschap werd besproken? Echter, die zwijgzaamheid doorbreken bleek in de praktijk nog niet zo eenvoudig te zijn en ik liep tegen dingen aan zoals 'profeten maken geen fouten'. 

De kerk heeft een artikel geschreven over de rol van profeten. Dit artikel gaat ook in op de feilbaarheid van profeten. Interessant is trouwens ook deze opmerking over unanimiteit: "De leer wordt verklaard en uitgelegd door de president van de kerk, waarbij het Eerste Presidium en het Quorum der Twaalf hem ondersteunen. Zij handelen unaniem, volgens het patroon in Leer en Verbonden 107:27-31". Gelukkig, ondanks alles, is mijn moeder niet weggerend. Waar ik het echter over wil hebben, is wat te doen met sommige boeken van de kerk. Boeken hebben geen mond. Ze staan stil in de kast, mij om het even in welke kast, maar ze spreken wel degelijk.

Het is geweldig, behalve dan...


behalve dan de minder leuke stukjes.
Met wat voor films en muziek voed jij je geest?


Op bovenstaande poster heeft men het over films en muziek, maar hoe zit het met sommige kerkboeken? Boeken die geweldig zijn... op de racistische stukjes na dan. 



Wie van de oudere generatie, en daar reken ik mijzelf ook toe, is niet grootgebracht met deze boeken van Joseph Fielding Smith? En dat Shawn Crank zegt dat hij altijd quotes ziet van deze boeken, daar heeft hij helemaal gelijk in. Tijdens de afgelopen oktoberconferentie citeerde president Oaks nog uit deel 1 (zie voetnoot 6) door president Joseph Fielding Smith te citeren. 


Deze boeken zijn nog steeds te verkrijgen, en zoals je in de beschrijving kunt lezen, een 'must have' voor Heiligen der Laatste Dagen. En ook bij ons in de kerkmediatheek staan ze nog volop. Alleen, je voelt hem al aankomen, ik zie tevens het insect. Het insect van racisme. 

De Leer tot Zaligmaking, deel 1:
- blz. 63: "Er is een reden waarom de ene mens wordt geboren met een zwarte huid en met andere nadelen, terwijl de ander wordt geboren met een blanke huid en grote voordelen. Deze reden is dat wij, voordat wij hier kwamen, reeds bestonden en in mindere of meerdere mate gehoorzaam waren aan de wetten die ons daar werden gegeven. Zij die daar in alle opzichten getrouw waren, ontvingen grotere zegeningen hier, en zij die niet standvastig waren, ontvangen minder."
- blz. 67: "Bij de oorlog in de hemelen was geen sprake van neutrale partijen. Allen hebben partij gekozen, hetzij voor Christus, hetzij voor Satan. Ieder had daar beschikking over zijn vrije wil, en de mensen ontvangen hier beloningen op grond van wat zij daar hebben gedaan, net als zij in het hiernamaals beloningen zullen ontvangen voor de in het lichaam verrichte daden. De negers zullen, dat is duidelijk, de beloning ontvangen die zij verdienen."
- blz. 139: "Tubal-Kaïn was de vader van alle smeden, lang voor de zondvloed kwam. Toch hebben in het midden van de negentiende eeuw, toen Speke Grant, Livingstone en anderen de ontdekkingsreizen maakten naar de binnenlanden van Afrika, de afstammelingen van Kaïn aangetroffen die nog als wilden in het 'stenen tijdperk' leefden. Columbus zag in 1492 dat het 'stenen tijdperk' nog lang niet voorbij was. Zo troffen pioniers in 1847 in Utah vergelijkbare toestanden in de dalen van onze bergen aan". Dit is slechts een klein gedeelte van pagina 139.  

Leer tot Zaligmaking, deel 2:
- blz. 56: De enige zielen die ter wereld komen en aan beperkingen onderhevig zijn, zijn de negers. Zij kunnen het priesterschap niet dragen; maar negers mogen wel worden gedoopt, en we hebben in de kerk veel negers. Met welk recht of om welke reden zullen wij daarom onschuldige kinderen het recht ontzeggen het celestiale koninkrijk binnen te gaan, of ze nu zwart, bruin of geel zijn, als die kinderen, in alle onschuld en zonder zonden, jong sterven? Als een neger het celestiale koninkrijk kan verwerven door zich te laten dopen, en de Chinezen en de Japanners of welk ras dan ook, zou het dan consequent zijn kinderen het recht te ontzeggen dit rijk binnen te gaan alleen omdat zij onder ongunstige omstandigheden werden geboren?

Leer tot Zaligmaking, deel 3:
- blz. 148: Een van het bloed van Kaïn mag, als hij zich werkelijk bekeert, gedoopt en lid van de kerk worden en een patriarchale zegen ontvangen. Sommige negers die lid van de kerk zijn, hebben een patriarchale zegen ontvangen. 

In de mediatheek van de kerk stond nog een boekje van Joseph Fielding Smith. Ik neem daar ook maar gelijk een aantal uitspraken uit mee. 

De weg naar volmaking:
- blz. 50: Dat de neger bijvoorbeeld beperkingen zijn opgelegd wegens hun houding in de geestenwereld zal door weinigen worden betwijfeld. Het zou niet rechtvaardig zijn als hun de macht van het Priesterschap zou worden onthouden, indien dat niet een straf zou zijn voor enige daad of daden vóór hun geboorte begaan. Toch komen zij, gelijk alle andere geesten die in deze wereld werden geboren, onschuldig voor God, voor zover het hun sterfelijk bestaan betreft. Hier kunnen zij onder bepaalde beperkingen hun tweede staat volbrengen. Indien zij in deze staat trouw blijken te zijn, zal onze eeuwige Vader, Die rechtvaardig en waar is, het ongetwijfeld dienovereenkomstig belonen en zullen zij enige zegeningen tot verhoging ontvangen.
- blz 53: Is het niet redelijk te geloven dat de Here de uitverkoren geesten voor de beste klasse naties zou uitkiezen? En is het niet redelijk te geloven dat minder waardige geesten voor een minder begunstigd geslacht worden bestemd? Is dat niet in hoge mate de verklaring van de rassen in al hun verscheidenheid van kleur en intelligentie die wij in de wereld aantreffen? 
- blz. 100; Niet alleen dat Kain moest lijden, maar door zijn goddeloosheid werd hij de vader van een minderwaardig ras. Een vloek werd over hem uitgesproken en die vloek heeft zich over zijn nakomelingschap voortgezet zolang de tijd duurt. Miljoenen zijn met de vloek van een zwarte huid in de wereld gekomen en werden het voorrecht van het priesterschap en de volledige zegeningen van het Evangelie onthouden. Deze zijn de afstammelingen van Kaïn. Bovendien heeft men hen van het begin afgescheiden gehouden van de rest van het mensdom. Henoch zag de mensen van Kanaän, de afstammelingen van Kaïn, en hij zegt: .... er kwam een zwarte kleur op alle kinderen van Kanaän, dat zij onder alle mensen werden veracht... En Henoch ging voort het ganse volk tot bekering te roepen, behalve het volk van Kanaän  (Mozes 7:8,12). Billijkheidshalve moet worden gezegd dat er onder de nakomelingen van Kaïn velen zijn geweest die rechtschapen waren en in deze tweede staat zo goed mogelijk leefden volgens het licht dat zij hadden. Laten wij bidden dat de Here hen wegens hun onkreukbaarheid zal zegenen met enige zegeningen van verhoging, indien niet de volheid. Maar wat een contrast! 

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Want in dit boekje, De weg naar volmaking, wordt ook stilgestaan bij woorden van president Brigham Young, bij Cham, Egyptus en het volk van Kanaän (zie Mozes 7). Wil ik hiermee zeggen, vanwege de insecten, dat deze boeken in het water gegooid kunnen worden of dat de naam van de Brigham Young universiteit veranderd moet worden? Nee. Maar het geeft wel aan waarom ik ervoor gekozen heb om vier jaar door de Schriften te reizen aan de hand van de standaardwerken. Juist omdat ik zelf opnieuw mijn Schriften moest leren lezen, los van deze teksten van het verleden. Een proces dat nog steeds gaande is. Dit is ook waarom ik bijvoorbeeld soms zo de nadruk leg op de HOE van de herstelling. Dat toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk herstelde, er geen onderscheid werd gemaakt tussen wit en zwart. Dit veranderde na de dood van Joseph Smith. Of het verbond van Abraham, omdat in het oude gedachtengoed zwarte mensen van Afrikaanse afkomst hiervan uitgesloten waren, wat vaak ook doorwerkte in hun patriarchale zegens. Daarnaast, vergeet niet dat er veel exemplaren van deze boeken zijn verkocht en evenveel leden van de kerk hierdoor zijn beïnvloed, zoals Brad Wilcox, die zich verontschuldigde voor een onjuiste uitspraak over zwarte mensen en het priesterschap. Wat een voorbeeld is van hoe woorden uit het verleden doorwerken in het heden. 

Tot slot nog twee dingen. Allereerst dit. In het verleden heb ik een stukje geschreven dat ik de titel Stof heb gegeven. Dat logje gaat over Bruce R. McConkie, die president Joseph Fielding Smith aanhaalt, die het volgende heeft gezegd: "Het maakt geen verschil wat er geschreven staat of wat iemand heeft gezegd. Als wat er gezegd wordt in strijd is met wat de Heer heeft geopenbaard, dan kunnen we dat opzij zetten. Mijn woorden en leringen van ieder ander lid van de Kerk, hoog of laag, als ze niet in overeenstemming zijn met de openbaringen, hoeven we ze niet te accepteren. Laten we deze kwestie duidelijk hebben. Wij hebben de vier standaardwerken aanvaard als maatstaf, of weegschaal, waaraan wij de leer van ieder mens afmeten. Je kunt de boeken die door de autoriteiten van de Kerk zijn geschreven niet als standaarden in de leer aanvaarden, alleen voor zover ze in overeenstemming zijn met het geopenbaarde woord in de standaardwerken. Elke man die schrijft, is verantwoordelijk voor wat hij schrijft. Niet de kerk. Als Joseph Fielding Smith iets schrijft dat niet in overeenstemming is met de openbaringen, dan is ieder lid van de kerk verplicht het te verwerpen. Als hij datgene schrijft wat in perfecte harmonie is met het geopenbaarde woord van de Heer, dan zou het aanvaard moeten worden". 

En ten tweede de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap' die ik, zoals ik al zei, als historisch heb ervaren. Daarin staat namelijk het volgende: "Vandaag verwerpt de kerk de theorieën die men in het verleden aanhaalde: een zwarte huid is een teken van goddelijke ongunst of vervloeking; een zwarte huid wijst op onrechtschapen handelingen in het voorsterfelijk leven; huwelijken tussen verschillende rassen zijn zondig; zwarte of mensen van andere rassen of volkeren zijn ondergeschikt. De kerkleiders in deze tijd veroordelen elke vorm van racisme in het heden of verleden. De kerk verklaart dat verlossing door Jezus Christus voor de hele mensheid beschikbaar is volgens de voorwaarden die God eraan heeft verbonden. Ze bevestigt dat God niet iemand om de persoon aanneemt en verklaart uitdrukkelijk dat elke rechtschapen mens, ongeacht zijn of haar ras, genade vindt bij Hem. De leringen van de kerk met betrekking tot de kinderen van God worden samengevat in het tweede boek van Nephi: "De Heer verwerpt niemand die tot Hem komt, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw, allen zijn voor God gelijk". 

"U dient allemaal de waarheden van het evangelie tot u te nemen
die te maken hebben met uw eeuwige aard
en uw eigen identiteit en unieke persoonlijkheid."
President Spencer W. Kimball



maandag 29 december 2025

Ik ga weer op reis


Deze week, nog net op de grens van het oude jaar, dat in het teken stond van de Leer en Verbonden en mijn jaarthema 'God heeft zijn kinderen in alle landen van de wereld lief', heb ik al de overstap gemaakt naar het Oude Testament. In het inleidende materiaal van deze week op dit gedeelte van de Bijbel worden verschillende studietips gegeven, die allemaal de moeite van het lezen waard zijn. Zelf wil ik met name stilstaan bij deze tip: 

"Door het Oude Testament
kan ik mijn verbondsrelatie met God
beter begrijpen." 

"Het Oude Testament gaat over God, die ons door een verbond tot zijn 'persoonlijk eigendom' wil maken. Daarom is leren over verbonden een goede manier om je voor te bereiden op het lezen van het Oude Testament - in het bijzonder het eeuwigdurend verbond dat God aan profeten vanouds, zoals Abraham, Izak, Jakob en hun nageslacht, aanbood". In hoeverre dit tot uiting komt op mijn blog weet ik nog niet. Ik reis namelijk ook nog met een speciaal ticket door de Schriften en de bestemming was en is "Allen zijn gelijk voor God", mijn rode draad, waar ik allerlei onderwerpen aan op kan hangen, en misschien zelfs, net zoals vorig jaar, een thema. 

Als tip verwijst men ook naar de toespraak 'Het eeuwigdurend verbond' van president Russell M. Nelson, waar ik het volgende uit heb gehaald:
- "Wanneer we het evangelie aanvaarden en ons laten dopen, nemen we de heilige naam van Jezus Christus op ons. De doop is de poort waardoor wij mede-erfgenamen worden van de beloften die de Heer gegeven heeft aan Abraham, Izak en Jakob en hun nageslacht."
- "Het nieuw en eeuwigdurend verbond en het verbond van Abraham zijn in feite hetzelfde. Het zijn twee manieren om het verbond te omschrijven dat God op verschillende momenten met mannen en vrouwen heeft gesloten."
- "Daarom werd dit eeuwigdurend verbond hersteld als onderdeel van de grote herstelling van de volheid van het evangelie."
- "Net als Adam betraden u en ik het verbondspad na de doop. In de tempel betreden we het pad nog verder. De zegeningen van het verbond van Abraham ontvangt men in de heilige tempel."
- "Het verbond van Abraham kan worden vervuld dankzij de verzoening van onze Heiland, de Heer Jezus Christus. Jezus Christus is het middelpunt van het verbond van Abraham."
- "Allen die het evangelie aanvaarden, worden het nageslacht van Abraham. Zo worden we door geboorte of adoptie erfgenaam van het verbond."
- "Bij de inwijding van de Kirtlandtempel in 1836 is, op aanwijzing van de Heer, Elia verschenen. Waarom? Om de kinderen tot de vaders terug te brengen. Ook Elias verscheen. Waarom? Om de bedeling van het evangelie van Abraham over te dragen aan Joseph Smith en Oliver Cowdery, en te vertellen dat in ons en in onze nakomelingen alle geslachten na ons gezegend zouden zijn."

Het is niet de eerste keer dat ik op mijn blog heb geschreven over het verbond van Abraham. Elke keer weer als ik dergelijke woorden lees, ben ik onder de indruk. En nu gaan wij hem, Abraham, door het Oude Testament, als het ware 'echt' ontmoeten. Al bekruipt mij soms ook een gevoel van "hoe is het - in Gods naam - mogelijk?", wat ik onder andere niet los kan zien van de Nehoriaanse olifant, die tevens ook volledig voorbijgaat aan het Abrahamitische verbond. Een olifant die niet alleen een symbool van hedendaags racisme is, maar daardoor tevens toch ook een vertegenwoordiger van het racisme uit het verleden is geworden. Racisme dat door onze hedendaagse leiders, of het nu gaat om het heden of verleden, wordt veroordeeld. Daarom begrijp ik ook zo goed de woorden van Carol Lawrence-Costly, die zei: "dat vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden".  

Ondanks dit verleden en heden wil ik graag gehoor geven aan de woorden van Bruce R. McConkie, die zei: "Vergeet alles wat Brigham Young en anderen hebben gezegd". Heel graag zelfs. En wil ik ook graag met Ahmed Corbitt vooruitkijken. Dat blijkt nog niet zo eenvoudig te zijn, zoals ik de afgelopen jaren heb mogen ervaren. Als het gaat om deze gebeurtenissen, terugkijkend, terwijl ik sta op de grens van een nieuw jaar, dan denk ik, samenvattend en benoemend, onwetendheid wat betreft HOE de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van Joseph Smith zonder aanzien des persoons heeft hersteld, wel gezien kan worden als een rode draad in dit geheel. Kennen jullie de evangelieverhandeling 'ras en het priesterschap'? Die was voor mij een bron van inspiratie en is dat nog steeds.

De inleiding van deze week is voor mij een voorbereiding op mijn reis door het Oude Testament. Ik ben mij nu nog aan het oriënteren. Waar ik zeker naartoe wil gaan, is Verbonden. Naast het bezoeken van Verbonden, zal ik dit jaar waarschijnlijk ook opnieuw stilstaan bij de HOE van de herstelling. Dan is er ook nog een andere plek die ik zeker wil gaan bezoeken. Een plaats die ik de vorige keer maar half heb gezien, maar die zeker niet mag ontbreken op mijn Oude Testament-reis. En, tenslotte, mijn zitten in de woestijn met het volk van Israël, nu bijna vier jaar geleden.

Wat in ieder geval zeker is, is dat ik de Kom-dan-volg-Mij-Oude-Testament-route neem, maar niet op een dusdanige manier dat ik nergens mijn tent kan opslaan. Ik houd niet van een te strak reisschema. Ik denk, kijkend naar mijn route en wat er op mijn lijstje staat aan bezichtigingen, dat ik grotendeels wel klaar ben voor dit avontuur. Voor de rest laat ik mij leiden door het moment. Uiteraard deel ik mijn ervaringen van wat ik zoal onderweg tegenkom hier op mijn blog. 

"HOE meer we de Bijbel lezen en bestuderen, 
HOE beter we de leerstellige fundering 
van het herstelde evangelie van Jezus Christus begrijpen". 

donderdag 18 december 2025

4. Racisme, heden of verleden


"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het heden."



Racisme bestrijden zonder bewustwording is vrijwel onmogelijk. Maar wat betekent racisme nu precies? Als ik dat google, zie ik door de bomen het bos niet meer. Als er iets is wat ik zo tegen het einde van het jaar wil vermijden, is het dat wel. Daarom heb ik het omgedraaid, omdat ik de vraag over racisme makkelijker kan beantwoorden door te zeggen wat racisme niet is. Daarnaast bewandel ik hiermee het kerkelijke pad. 

Ik denk dat je in de eerste alinea van de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap' heel duidelijk kunt lezen wat racisme niet is. Een verhandeling die voor mij een bron van inspiratie is: "De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen omarmt de hele mensheid, zowel volgens haar theologie als in de praktijk. Volgens de Schriftuur en de leringen van de kerk heeft God al zijn kinderen lief en is eeuwig heil voor iedereen mogelijk. God heeft alle rassen en etnische groepen geschapen en beschouwt ze als gelijkwaardig. In het Boek van Mormon wordt het zo verwoord: "Allen zijn voor God gelijk". 
 
"Allen zijn voor God gelijk."

In Race and The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints lezen we onder andere nog dit: "Ras is een concept dat mensen categoriseert op basis van hun huidskleur of andere fysieke kenmerken. Helaas wordt ras vaak gebruikt om mishandeling te rechtvaardigen of om te suggereren dat de ene groep beter is dan de andere. De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen leert dat iedereen een gelijk kind van God is, ongeacht ras, etniciteit, achtergrond, huidskleur of nationaliteit. Het Boek van Mormon leert: "Allen zijn gelijk voor God. God heeft al zijn kinderen lief. We zijn gelijk in zijn ogen".  

"We zijn gelijk in zijn ogen."

Ondanks dat "Allen gelijk zijn voor God", lees ik vervolgens ook in de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap', die over racisme gaat, dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet tot het priesterschap werden geordend en dat zij en de vrouwen niet mochten deelnemen aan de tempelbegiftiging of aan verzegelverordeningen. Ik lees over slavernij, rassenscheiding en vooroordelen. Dat zwarten geen tempelhuwelijk konden sluiten. Daaroverheen lees ik dat in de loop der jaren door kerkleiders en -leden gespeculeerd werd over deze redenen van beperkingen. En dat deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. 

“Op 8 juni 1978 werd een openbaring ontvangen die de restrictie tot het priesterschap herriep en tevens dat de zegeningen van de tempel beschikbaar werden gesteld voor alle waardige heiligen der laatste dagen, zowel mannen als vrouwen. Deze afdeling staat in de kerk bekend als de openbaring over het priesterschap, en is een historisch keerpunt" (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). Dit was voor velen een dag van vreugde; het veegde echter uiteindelijk alleen de blaadjes schoon. 

Deze maand werd in ons 'Kom dan volg Mij'-lesboek aandacht gegeven aan Officiële Verklaring 2. In de inleidende tekst werd dit gezegd: "Maar eeuwige waarheid verandert niet, hoewel ons begrip ervan wél verandert. En soms werpt openbaring meer licht op waarheid". De waarheid is dat "God geen aannemer des persoons is". Woorden die mij zo terugbrengen  naar de nieuwtestamentische kerk. Niet alleen dat, ook naar de proclamatie over de herstelling en de eerste zin uit dit woordmonument, wat mijn rode draad, mijn thema, van dit jaar was: 




In deze les over Officiële Verklaring 2, wordt ook verwezen naar Ahmad Corbitt's 'A Personal Essay on Race and the Priesthood'. Aan ouderling Corbitt's essay, dat uit vier delen bestaat, heb ik in het verleden al de nodige aandacht gegeven, dus ik zal dat niet opnieuw doen. Waar ik wel bij stil wil staan, is dat ouderling Corbitt zijn ervaringen ook nog gebundeld heeft in een boekje 'Stay Thou Nearby', samen met drie andere zwarte algemene autoriteiten, waaronder Tracy Y. Browning en ouderling Edward Dube. Vertel je verhaal ten voeten uit. 
Wanneer je het hebt over het veroordelen van het racisme in het heden of verleden, dan kun je je ogen niet sluiten voor het feit, wat met bewustzijn te maken heeft, dat het racisme van het verleden doorwerkt in het heden. Dat is in de maatschappij zo, en helaas in de kerk is het soms ook niet anders, omdat wij die maatschappij zijn, maar dan in het klein. 

Paul Reeve, onder andere de schrijver van het boekje 'Let's talk about Race and priesthood', geeft dit als antwoord: "Hoe kunnen Heiligen der Laatste Dagen in de 21ste eeuw gehoor geven aan de oproep van president Nelson om overal het voortouw te nemen in het opgeven van vooroordelen? President Nelson pleitte ervoor om respect voor al Gods kinderen te bevorderen. Hoe beantwoorden we zijn oproep als we niet in staat zijn te herkennen hoe vooroordelen eruitzien en wat ze zijn? Hoe kunnen we racisme uitroeien als we niet bereid zijn de wortels ervan te onderzoeken?" 

 Carol Lawrence-Costly, zij vertelde ook haar verhaal in Stay Thou Nearby, en ik denk dat haar woorden heel goed weergeven wat ik bedoel met alleen de blaadjes werden schoongeveegd: "Ondanks dat de ban in 1978 eindigde, betekende dit geen einde aan oude ideeën binnen en buiten de kerk. Ik geloofde, naïef gedacht, dat het priesterschap voor elke man in de kerk racisme onder leden zou wissen of afschaffen. Ik begreep toen nog niet dat de vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". 


Carol Lawrence-Costly



Ik deel deze gevoelens van Carol Lawrence-Costly, zeker als het gaat om de woorden dat "vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". Mijn vorig logje ging over dat de kerkleiders in deze tijd elke vorm van racisme veroordelen. Over dit verleden zei Paul Reeve: "Mensen hoeven ons niet op ons woord te geloven, maar ze kunnen het bewijsmateriaal inzien en de toespraken in hun geheel lezen". Uit dit geheel van toespraken over het verleden heb ik onderstaand stukje geknipt.

Verleden

"De Afrikaan heeft het recht de eerste beginselen van het evangelie te ontvangen; 
deze vrijheid wordt al deze dienaren aangeboden.
Ze genieten de vrijheid om zich te laten dopen tot vergeving van zonden 
en om de heilige Geest te ontvangen door handoplegging;
zij genieten het voorrecht nederig te leven voor de Heer, hun grote Meester,
om zo voortdurend de geest van de Heer te genieten.
Kortom, voor zover het de gewone gemakken van leven, 
verlossing, licht, waarheid en genot betreft, 
heeft de zwarte Afrikaan precies hetzelfde voorrecht als de witte man.
Maar 
ze kunnen niet in het priesterschap delen;
ze kunnen de heerschappij niet verdragen;
ze kunnen nergens heersen totdat de vloek van hen is verwijderd;
zij zijn een dienaar van dienaren."

Heden

Mijn laatste stukje van dit jaar wil ik afsluiten met de Nehoriaanse olifant, die geen nieuwe verschijning op mijn blog is. Ik blijk iets te hebben met olifanten, want dit is niet de eerste olifant op mijn blog. Nehoriaanse verwijst naar Nehor, een man uit het Boek van Mormon, die door zijn vleierijen allerlei mensen voor zich weet te winnen, wat de man in onderstaande video uiteindelijk ook doet. Deze video bevestigt niet alleen "de gangbare raciale ideeën van de minderwaardigheid van sommige rassen in het verleden (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap)", het legt ook bloot, ondanks de grote, prachtige, huizige strik, hoe dit doorwerkt in het heden, en wordt zo, hierdoor, een raciaal verleden in stand gehouden. Daarnaast kun je volgens mij deze video ook scharen onder de woorden: "In de loop der jaren zijn er allerlei theorieën aangevoerd om de beperking te rechtvaardigen". Ouderling Jeffrey R. Holland van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft beklemtoond dat de theorieën waarmee men de beperkingen probeerde te verklaren folklore zijn, die in geen geval in stand mogen worden gehouden". 

Ik kan nu niet anders denken aan Paul Reeve's woorden: "Het raciale probleem van het mormonisme is een witheidsprobleem". Tevens moest ik denken aan de woorden van Green Flake. Hij was een van de zwarte pioniers die een standbeeld kreeg, en die op zijn eigen grafsteen kerfde: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen", nu we het dan toch hebben over huizen en perspectief. En ja, je hoeft mij ook niet op mijn woord te geloven. Kijk en vergelijk zelf maar. 




dinsdag 18 november 2025

2. De HOE van de herstelling


"De Kirtlandtempel is van uitzonderlijk belang
in de herstelling van het evangelie van Jezus Christus. "
Russell M. Nelson

Graag kijk ik vooruit, maar hoe ik het ook draai of keer, ik kan niet om het verleden heen. Zeker als het gaat om HOE de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld, waarbij er geen onderscheid werd gemaakt tussen zwart en wit. Een voorbeeld van dit door elkaar heen lopen van heden en verleden heeft te maken met deze tekst uit de Leer en Verbonden:
"en om de hoogste te verwerven, 
moet een mens tot deze orde van het priesterschap toetreden
(namelijk het nieuw en eeuwigdurend huwelijksverbond);
LV 131:2

"Ieder mens is een geliefde zoon of dochter van hemelse Ouders. Het heilsplan van onze hemelse Vader maakt het ieder mogelijk om het eeuwige leven te ontvangen, ofwel het leven dat God leidt. Als onderdeel van zijn plan stelde de Vader het nieuw en eeuwigdurend verbond in, zodat zijn zoons en dochters in zijn tegenwoordigheid kunnen terugkeren en het eeuwige leven beërven. Dit verbond omvat de volheid van het evangelie van Jezus Christus, met inbegrip van alle verordeningen en verbonden die voor het heil van het mensdom noodzakelijk zijn, die vanouds gegeven zijn en in deze laatste dagen op aarde zijn hersteld". Omdat dit verbond in de laatste bedeling is hersteld, is het nieuw, en omdat het de ganse eeuwigheid omspant, is het eeuwigdurend". De woorden nieuw en eeuwigdurend slaan ook op het celestiale huwelijk. Dit huwelijk is op zich zelf al een nieuw en eeuwigdurend verbond en het is tevens een onderdeel van het nieuw en eeuwigdurend verbond. 


Tijdens mijn reis door deze afdeling kwam ik de volgende opmerking tegen "dat de uitleg die in vers 2 tussen haakjes staat door ouderling Orson Pratt, onder leiding van president Brigham Young, toegevoegd werd, toen deze afdeling in de Leer en Verbonden werd opgenomen". Ook zei president Brigham Young: "Alle heiligen der laatste dagen treden toe tot het nieuw en eeuwigdurend verbond wanneer zij tot deze kerk toetreden". 

Alhoewel president Brigham Young zei dat alle heiligen der laatste dagen die zich laten dopen en daardoor toetreden tot het nieuw en eeuwigdurend verbond, verklaarde hij vervolgens wel in 1852 officieel dat zwarte mannen van Afrikaanse niet langer tot priester geordend konden worden. Hieruit vloeide voort dat, zowel de mannen als de vrouwen, uitgesloten werden van het nieuw en eeuwigdurend huwelijksverbond. Dit duurde tot 1978. Daarna gingen we terug naar de situatie van vòòr 1852; door de profeet Joseph Smith heeft de Heer de leer hersteld dat huwelijks- en gezinsrelaties eeuwig kunnen zijn". 

"Op grond van priesterschapssleutels 
hebben wij het gezag om alle zegeningen die God aan Abraham beloofde 
aan iedere verbondsgetrouwe man en vrouw te verlenen."
President Russell M. Nelson 


Iemand die dit heel goed begreep was Jane Elizabeth Manning James, een getrouw zwart lid die regelmatig contact opnam met haar kerkleiders en toestemming vroeg om haar tempelbegiftiging te ontvangen en verzegeld te worden aan haar dierbaren, want God had immers beloofd alle volken der aarde door Abraham te zegenen. President Russell M. Nelson haalt president Young aan in zijn toespraak Children of the Covenant. Hij gaat in op wat Jane Manning als argument gebruikt. Hij heeft zijn toespraak gebaseerd op deze tekst uit het Boek van Mormon: 

"U bent van het huis van Israël;
u bent van het verbond dat de Vader met uw vaderen heeft gesloten toen Hij tot Abraham zei:
En in uw nageslacht zullen alle geslachten van de aarde worden gezegend. 
De Vader heeft Mij eerst voor u doen opstaan
en Mij gezonden om u te zegenen 
door eenieder van u af te wenden van zijn ongerechtigheden;
en wel omdat u kinderen van het verbond bent -
3 Nephi 20:24-26

In deze toespraak heeft president Nelson het over het verbond van Abraham en de zegeningen die bij dit verbond horen. Ook zegt hij, "precies zoals beloofd, dat de Meester verscheen in de laatste dagen om het verbond met Abraham te vernieuwen". En dan zegt hij dit: "Wij zijn ook kinderen van het verbond. Wij hebben, net als zij vanouds, het heilige priesterschap en het eeuwige evangelie ontvangen. Abraham, Isaak en Jakob zijn onze voorouders. Wij zijn van Israël. Wij hebben recht op het evangelie, de zegeningen van het priesterschap en het eeuwige leven. De volken der aarde zullen gezegend worden door onze inspanningen en door de arbeid van ons nageslacht. Het letterlijke zaad van Abraham en zij die door adoptie in zijn familie worden verzameld, ontvangen deze beloofde zegeningen - gebaseerd op aanvaarding van de Heer en gehoorzaamheid aan zijn geboden. De profeet Elia kwam om kennis te planten over deze beloften die aan de vaderen waren gedaan".

"Zie, Ik zal u het priesterschap openbaren, 
door de hand van de profeet Elia,
voordat de grote en geduchte dag van de Heer komt.
LV 2:1

President Nelson: "Bij de doop verbinden wij ons ertoe de Heer te dienen en zijn geboden te onderhouden. Wanneer we deelnemen aan het avondmaal, hernieuwen we verbonden. We ontvangen het verbond van het priesterschap en de bekronende zegeningen van de begiftiging, en de verbonden die uniek zijn voor de heilige tempel. Het nieuwe en eeuwige verbond van het evangelie stelt ons in staat om in aanmerking te komen voor een huwelijk in de tempel en gezegend te worden om in de eerste opstanding tevoorschijn te komen en tronen, koninkrijken, prinsdommen en machten, heerschappijen en alle hoogten en diepten beërven...tot onze verhoging en verheerlijking in alle dingen, LV 132." 

"Zie, Ik zal u het priesterschap openbaren,
door de hand van de profeet Elia,
voordat de grote en geduchte dag van de Heer komt."
Geschiedenis van Joseph Smith 1:38

donderdag 13 november 2025

1: De HOE van de herstelling

 

Tijdens de afgelopen oktober conferentie zijn er vele prachtige toespraken gegeven, maar eentje die zeker niet mag ontbreken op mijn blog is die van ouderling Peter M. Johnson De kracht van bediening aan die ene. In deze toespraak vertelt hij dat hij 19 jaar was toen hij lid werd van de kerk en dat hij een jaar later een voltijdzending aanvaardde. Hij wist echter niet veel over de geschiedenis van de kerk toen hij aan zijn zending begon.

Ouderling Johnson: "Ik kwam er tijdens mijn zending al snel achter dat er een periode was geweest dat zwarte mensen van Afrikaanse afkomst niet alle zegeningen van aanbidding in het huis des Heren konden ontvangen. Toen ik dit hoorde, was ik boos, in de war, vol twijfel en angst. Die gevoelens werden zo sterk dat ik een tijdlang niet in staat was de invloed van de Heilige Geest te herkennen". Wat hem door deze periode heen hield waren de woorden van zijn collega die zei dat hij van hem hield. Daarna, zoals hij zelf zegt "vatte hij moed om in de naam van Jezus Christus tot mijn hemelse Vader te bidden" en las hij een tekst waarin gezegd werd: "Heb Ik u daarover geen vrede in uw gemoed geschonken? Welk groter getuigenis kunt u hebben dan van God? Toen ik dat las, wist ik het weer".

Toen mijn moeder lid werd van de kerk in de jaren zestig, wist zij niet dat haar kinderen ook uitgesloten waren van de zegeningen van de tempel, en mijn broer ook van het priesterschap. Daar kwam ze pas na een jaar lidmaatschap achter toen ze iets zei over dat ze hoopte dat haar zoon ooit in de toekomst op zending kon gaan. Zij heeft weken gehuild, maar uiteindelijk was haar conclusie dat Joseph Smith een profeet van God was en het Boek van Mormon het woord van God. Hoe pijnlijk deze ervaringen ook waren, zowel van ouderling Johnson als die van mijn moeder, beiden werden geleid door hun getuigenis. Ik zelf vond het bijzonder om dit verhaal, vanwege de herkenbaarheid, te horen vanaf de kansel tijdens de algemene conferentie. Toch was dit niet de eerste keer dat ouderling Johnson dit verhaal deelde. Hij had dit al eerder, uitgebreider, gedaan tijdens een andere gelegenheid. 

Ouderling Johnson staat wat dit betreft niet alleen in het delen van zijn verhaal. Andere algemene autoriteiten hebben ook hun gevoelens gedeeld over hoe zij zijn omgegaan met deze restrictie periode, zoals Tracy Y. Browning, Ahmed Corbitt, Edward Dube en Carol Lawrence-Costly. Zij hebben zelfs hun ervaringen gebundeld in een boek Stay Thou Nearby. Zou je tegen hen ook zeggen dat ze het verleden moeten laten rusten? Hieruit blijkt wel hoe belangrijk het is dat je je verhaal kunt vertellen. Al blijkt dat in de praktijk niet altijd zo eenvoudig te zijn. Ik denk hierbij aan zuster Browning's woorden "dat ze zich soms door zondagse bijeenkomsten heen heeft geworsteld waar ideeën, houdingen en leringen over ras en/of het priesterschap en de tempelbeperkingen, waar de kerk en haar leiders al lang afstand van hadden genomen, werden gedeeld". 

Kijkend naar wat de kerk en haar leiders al lang hebben los gelaten, en de aanpassingen die vervolgens zijn gedaan in de inleidende kopjes van onze Schriften, zijn we er nog niet als het gaat om vooroordelen, ondanks de oproep van onze leiders om racisme uit te bannen en haar boodschap "dat God het ene ras niet meer lief heeft dan het andere. Dat zijn leer in dit opzicht helder is. Hij nodigt allen uit om tot Hem te komen". 

De kerk zelf beseft heel goed dat het adresseren van racisme, "een proces van de lange adem is en dat racisme nog steeds kan voorkomen onder haar leden". Wat, ik geef het toe, soms het nodige vraagt van mijn zelfbeheersing als het gaat om dit onderwerp. Al probeer ik in mijn achterhoofd te houden dat "een vraag de ene persoon van streek kan maken, en dat een ander er juist energie door krijgt", zoals ik. En soms ben ik gewoon van streek. 


Race and The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints


Een artikel waar ik nog geen aandacht aan heb gegeven, is Race and The Church of Jesus Christ of Later-day Saints. In dit artikel worden een aantal vragen gesteld die de kerk tegelijkertijd ook beantwoord. Daar ik door de Leer en Verbonden reis en volgende maand  onze 'Kom dan en volg Mij' leesopdracht Officiële Verklaring 2 voorbij komt, wil ik stil staan bij een aantal vragen uit dit artikel:

"Wat weten we over de oorsprong
van de priesterschaps- en tempelrestrictie?"

In het antwoord wordt onder andere gesproken over Elijah Able en dat Brigham Young zich in 1847 nog instemmend uitsprak over de bediening van het priesterschap door Q. Walker Lewis, een zwarte ouderling. We kunnen echter ook lezen dat Brigham Young vijf jaar later, tijdens de wetgevende vergadering van het territorium Utah, aankondigde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet meer tot het priesterschap geordend konden worden en dat daardoor mannen en vrouwen ook niet meer konden deelnamen aan begiftigings- en verzegelingsverordeningen in de tempel. En dan wordt er dit gezegd:

- Brigham Youngs uitleg voor de beperking was gebaseerd op destijds gangbare ideeën die zwarte mensen identificeerden als afstammelingen van de Bijbelse figuren Kain en Cham. De Kerk heeft sindsdien deze rechtvaardiging voor de beperking verworpen, evenals latere rechtvaardigingen die suggereerden dat deze in het vooraards leven ontstond.

- Er is geen gedocumenteerde openbaring met betrekking tot de oorsprong van de priesterschaps- en tempelbeperking. Kerkpresidenten na Brigham Young handhaafden de beperking ondanks toenemende maatschappelijke druk, omdat ze vonden dat ze een openbaring van God nodig hadden om er een einde aan te maken.

- Kerkleiders raden tegenwoordig af om te speculeren over de oorsprong van de beperking. President Dallin H. Oaks heeft bijvoorbeeld gezegd: Als we ons bezighouden met wat niet is geopenbaard of met eerdere verklaringen van mensen die met een beperkt begrip te werk gingen kan dat alleen maar tot speculatie en frustratie leiden...Laten we allen vooruitkijken in de eenheid van ons geloof en vertrouwen op de belofte van de Heer dat 'Hij allen uitnodigt om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid; en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw' (2 Nephi 26:33).

"Wat heeft de Kerk gezegd over eerdere theorieën
die probeerden de redenen voor de priesterschaps- en
tempelbeperkingen te verklaren?"

Interessant vind ik dat president Oaks het in zijn opmerking heeft over een beperkt begrip. Ouderling Bruce R. McConkie zei dit namelijk ook in een toespraak, na de openbaring op het priesterschap: "Vergeet alles wat ik heb gezegd, of wat Brigham Young, president George Q. Cannon of wie dan ook in het verleden heeft gezegd dat in strijd is met de huidige openbaring. We spraken met een beperkt begrip en zonder het licht en de kennis die nu in de wereld is gekomen." Deze uitspraak van Bruce R. Mc.Conkie kun je ook teruglezen in dit vraag-en-antwoord artikel van de kerk. 

"Wat leren hedendaagse kerkleiders over racisme"

"God houdt niet meer van het ene ras dan van het andere, en levende profeten en apostelen nodigen iedereen met raciale vooroordelen uit tot bekering. De Schriften leren herhaaldelijk dat God alle mensen liefheeft en niet de ene persoon of groep boven de andere bevooroordeelt vanwege hun uiterlijk, nationale afkomst of sociale status. Hedendaagse profeten hebben duidelijk gemaakt dat heiligen met anderen moeten samenwerken om raciale vooroordelen uit te bannen. Ik roep onze leden overal op om het voortouw te nemen in het afzweren van houdingen en daden die door vooroordelen worden gekenmerkt, aldus president Nelson. Evenzo riep president Dallin H. Oaks de leden van de kerk op om racisme uit te roeien." In dit stukje deelt zuster Tracy Browning haar gevoelens en geeft ouderling Peter M. Johnson raad. Hij zegt onder andere dat God houdt van diversiteit. Deze opmerking van dat God houdt van diversiteit staat aan de basis van mijn reis door de Schriften wat ik nu al bijna voor het derde jaar op rij doe.

Uiteindelijk komen er in dit vraag-en-antwoord-artikel 13 vragen voorbij. Het wordt wel een heel lang stuk als ik nu zou ingaan op al die dertien vragen. Misschien volgt er nog een deel twee. Mocht dat niet het geval zijn, dan wil ik niet zomaar verder reizen zonder aandacht te geven aan wat W. Paul Reeve heeft gezegd, wat in wezen mijn antwoord is op de laatste vraag. Dit komt uit het boekje Let's talk about race and priesthood. W. Paul Reeve: "Hoe kunnen we racisme uitroeien als we niet bereid zijn de wortels ervan te onderzoeken? De geschiedenis kan ons helpen van het verleden te leren om een respectvollere toekomst te creëren. Het is, naar mijn mening, veel winstgevender om van onze collectieve geschiedenis te leren in plaats van deze te verdedigen of te ontkennen". 

Een tijdje terug heb ik een stukje geschreven over "Hoe kan de kerkgeschiedenis een erfdeel worden van ons allen". Eén van de nevendoelen van het bijhouden van verslagen is juist "om ernaar te streven te getuigen van de fundamentele waarheden van de herstelling en die te verdedigen". Een prachtig voorbeeld van het ontkennen van onze gezamenlijke geschiedenis  vind ik nog steeds de Nehoriaanse olifant. Omdat men in deze video voorbij gaat aan het het feit dat toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van Joseph Smith herstelde er geen onderscheid werd gemaakt tussen zwart en wit, omdat allen gelijk zijn voor God. 

Wanneer ik het heb over de HOE van de herstelling dan heb ik het over de fundamentele waarheid van de herstelling. Vooruitkijken, waar president Oaks het over heeft, heeft voor mij, gedeeltelijk, ook te maken met terugkijken. Omdat het ontvangen van het priesterschap en de zegeningen van de tempel voor zowel de mannen als de vrouwen in 1978, alles te maken heeft met terugontvangen van wat men na de herstelling al had, en in HOE de Heer zijn kerk herstelde door middel van Joseph Smith. Niet alleen dat, "God heeft zijn kerk om een heel eenvoudige reden hersteld, omdat Hij van al zijn kinderen houdt en wil dat ze vreugde in dit leven hebben en bij Hem terugkeren". Vandaar dat ik er voor gekozen heb om gedurende vier jaar door de standaardwerken van de kerk te reizen. De uiteindelijke ware schoonheid van het evangelie van Jezus Christus zit hem inderdaad in het vooruitkijken. Ik moet ineens aan onze zoon denken die zei 'op naar de sterren en daar voorbij'. Misschien vanwege mijn vorig blogje. 

dinsdag 28 oktober 2025

Woorden doen ertoe

 

Eerder deze maand schreef ik dat ik wist waar ik mijn tent de volgende keer wil gaan opslaan. Dat weten houdt niet automatisch in dat ik keurig netjes van afdeling naar afdeling, als in een stoptrein, daar naartoe afreis. Soms komt er iets voorbij waardoor ik de Leer en Verbonden gewoon even de Leer en Verbonden laat zijn. Terwijl ik aan de andere kant toch ook denk: 'Is dat wel zo?' Omdat ik nu op een punt ben aangekomen dat ik het een niet meer los kan zien van het andere, vanwege de onderlinge verwevenheid. 

Een paar weken geleden werd in onze vrouwenorganisatie de toespraak 'De verzoening van Jezus Christus brengt de ultieme redding', van ouderling Cook besproken. Zelf was ik niet aanwezig, maar ik had deze toespraak wel al gelezen. In deze toespraak gaat het over de handkargroepen Willie en Martin, waar het helemaal mis mee gaat. "Zij werden geplaagd door uithongering, blootstelling aan vrieskou en veel sterfgevallen. Berichten over de gevaarlijke situatie waarin deze groepen zich bevonden, bereikten president Brigham Young". En dit is wat hij zei: "Ga en breng de mensen die nu op de vlakten zijn hierheen". 

Dankzij al de hulp en inzet die toen werd geboden, werden zij gered en werd veel erger leed voorkomen. Het waren echter niet alleen de mannen die hun inzet toonden. Ook de vrouwen deden hun deel, wat er uiteindelijk toe leidde dat door de redding van deze handkarpioniers de ZHV, de vrouwenorganisatie van de kerk, nieuw leven werd ingeblazen. 




Terwijl ik dit zo las, zowel deze toespraak als de verhalen eromheen, vroeg ik mij af of er onder al die reddingswerkers ook iemand was die zwart was. Net zoals we nu weten dat er onder al de pioniers van toen ook zwarte pioniers waren, die zo ook hun steentje bijdroegen aan de opbouw van Gods koninkrijk op aarde. En dat bleek zo te zijn. Zijn naam was Thomas Coleman, ook wel bekend als Thomas Bankhead. 


In de database van de kerk kunnen wij onder andere het volgende over hem lezen: "Thomas, een Afro-Amerikaanse man die mogelijk tot slaaf was gemaakt, arriveerde rond 1850 in Utah, omdat zijn naam voorkomt in de volkstelling van Utah van 1850, samen met de families Bankhead. Hij was een van de reddingswerkers die in de winter van 1856 werden uitgezonden om de leden van de kerk te helpen die in Wyoming gestrand waren. Helaas werd Thomas in december 1866 vermoord en begraven in Salt Lake City.

In dit artikel van de kerk wordt vermeld dat hij werd vermoord. Toen ik verder op hem zocht kwam ik het volgende tegen in de J. Willard Mariott Library: dat het ging om een raciale lynchpartij, althans dat vermeldt het kopje: "Thomas Coleman zou in 1848 in Salt Lake City zijn aangekomen, mogelijk als slaaf van John en Nancy Crosby Bankhead, bekeerlingen tot De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen vanuit Mississippi. Het is mogelijk dat Thomas in Mississippi als Heilige der Laatste Dagen werd gedoopt rond de tijd dat slaven zich bekeerden, maar lidmaatschapsgegevens zijn niet bewaard gebleven om dat definitief vast te stellen. Een krant in Salt Lake City meldde dat hij ten tijde van zijn moord lid was van de kerk. Hij stond waarschijnlijk bekend als Thomas Bankhead in vroege documenten, maar gebruikte Coleman (soms Colburn) als zijn achternaam na de emancipatie. Hij werkte vervolgens voor Brigham Young in het Salt Lake House Hotel in het centrum van Salt Lake City. Coleman werd in 1833 geboren, waarschijnlijk in Mississippi, en stierf in Salt Lake City op ongeveer 35 jarige leeftijd". 

In dit artikel kunnen we ook lezen dat de "exacte omstandigheden rond Colemans moord een mysterie zijn". Maar de boodschap die men op zijn borst vond, was deze: "Kennisgeving voor alle n...... Wees gewaarschuwd. Laat witte vrouwen met rust". Doen de omstandigheden er verder nog toe als het artikel zegt: "in beide gevallen was het openbaar dumpen van Colemans lichaam met het bijgevoegde bord duidelijk bedoeld om rassenscheiding af te dwingen en degenen die zouden overwegen deze te overtreden, te terroriseren". 




Deze moord op Thomas Coleman heeft de gemoederen toentertijd flink beziggehouden. En ook nu, waaruit blijkt dat hij niet vergeten is, is dat het geval. Op dit moment is er een petitie om een monument te plaatsen op Capitol Hill, Salt Lake City, ter nagedachtenis van Thomas Coleman. Niet alleen dat, men wil hiermee ook laten zien dat men raciale onrechtvaardigheid veroordeelt. Degene die deze petitie is gestart laat weten "dat hij diep getroffen is door deze afschuwelijke daad van racistisch geweld". 

Ik kan hem in wat hij zegt bijna helemaal volgen, maar een dergelijke petitie ondertekenen voelt voor mij ergens toch als een Nehoriaanse olifant. Volgend jaar reis ik door het Oude Testament. Ik zal dan, door middel van de woorden van een ander, ik ben perslot van rekening een deler, niet een schrijver, waarom ik deze petitie niet kan ondertekenen. Desondanks, alhoewel ik liever stil sta bij HOE de Heer zijn kerk herstelde door middel van Joseph Smith, kan ik uiteindelijk ook niet om Brigham Young heen. Dit vanwege de restrictie op het priesterschap en de tempel, dit begon in 1852 officieel met hem, waar ik zelf 'de vruchten' van heb geplukt. 

De petitie starter heeft het er echter ook over dat president Brigham Young zei "dat de doodstraf Brighams protocol was voor gemengde huwelijken met inbegrip van hun kinderen als onderdeel van een bloedverzoening". Dat zijn woorden die niet te negeren zijn. Dit is wat president Brigham Young letterlijk heeft gezegd: Als iemand op een onbewaakt moment naar hen toe zou lopen en zou roepen: Hak mijn hoof af, om hen te verlossen en man, moeder en kinderen te doden, dan zou de zonde moeten verzoenen. Zou dit hen vervloeken of verwonden? Nee. Het zou hen goed doen, zodat ze samen met hun broederen gered kunnen worden". Dit is wat W. Paul Reeve, schrijver van het boekje Let's talk about race and priesthood, er over zegt: "Bij het doen van dergelijk uitspraken sprak Brigham Young, zoals hij soms deed, met extreme overdrijving. Hij gaf dit zelfs toe in 1948 toen hij erkende: 'Ik zeg vaak zoiets dergelijks, ik bedoel zoiets niet'. Het standpunt van Brigham Young is nooit in de wet van Utah vastgelegd, maar het heeft waarschijnlijk de houding onder Heiligen der Laatste Dagen ten aanzien van geweld, interraciale huwelijken en de status van zwarte mensen in het algemeen beïnvloed". Woorden doen ertoe. 


Mijn vader met twee van onze kinderen


In de evangelieverhandeling ras en het priesterschap lezen we het volgende over deze periode: "In 1850 creëerde het Congres van de Verenigde Staten het Territorium Utah, en de president van de Verenigde Staten benoemde Brigham Young tot gouverneur. Zuiderlingen die zich bij de kerk hadden aangesloten en met hun slaven naar Utah waren verhuisd, vragen zich af wat de wettelijke status van slavernij in het Territorium was. In januari en februari gaf Brigham Young twee toespraken in het orgaan van de wetgevende macht in Utah. Hij kondigde aan dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst van het priesterschap werden uitgesloten". Het gevolg van die toespraken in 1852 was niet alleen uitsluiting van het priesterschap voor de mannen, maar men kon ook niet naar de tempel, zowel de mannen als de vrouwen, om hun begiftiging te ontvangen en daar eeuwige verbonden sluiten. Ook had het tot gevolg dat "in de loop der jaren kerkleiders en -leden speculeerden over de reden voor deze beperking op het priesterschap en de tempel". Theorieën waar ik mee ben grootgebracht, die door de kerk zijn teruggedraaid omdat "geen van deze verklaringen tegenwoordig worden aanvaard als officiële leer van de kerk", en waar ik nu voor bijna het derde jaar op rij over schrijf.

Wat goed is om ook te weten, nu we het toch hebben over 1852, dat, zoals we kunnen lezen in de evangelieverhandeling, "deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. Die ideeën waren eerder gebruikt om de legalisatie van zwarte herendienst in het Territorium Utah te propageren. Eén denkbeeld bestond in al in de jaren dertig van de achttiende eeuw, namelijk dat zwarten afstamden van de Bijbelse figuur Kaïn, die zijn broer, Abel, vermoordde. Aanhangers van deze overtuiging geloofden dat God Kaïn had vervloekt met een donkere huid. Dienstbaarheid van zwarten werd soms beschouwd als een tweede vloek op Kanaän, de kleinzoon van Noach, wegens gebrek aan respect voor zijn vader". Volgend jaar reis ik door het Oude Testament. Ik denk dat dit zeker iets is waar ik stil bij wil staan. 

Waar de petitie starter het ook over heeft is "dat uit talrijke onderzoeken blijkt dat raciale onrechtvaardigheden uit het verleden nog steeds doorwerken in onze samenleving". De kerk kun je ook beschouwen als een soort samenleving, en gezien door die bril, uit eigen ervaring, kan ik alleen maar beamen dat, om wat voor reden dan ook, het voor sommigen onder ons niet mee valt om deze oude denkbeelden van het verleden los te laten. Niet alleen dat, het ook onder ogen zien dat we kunnen spreken van een periode van voor Brigham Young en een periode erna. Een ander punt, wat ook thuishoort in dit rijtje, is dat "de ware kerk wordt geleid door onvolmaakte mensen" en dat God houdt van diversiteit.  

Iemand die aanwezig was, toen zwarte mensen van Afrikaanse afkomst, door middel van openbaring, het priesterschap terug ontvingen, was Bruce R. McConkie. Hij heeft iets over Brigham Young gezegd, maar die lijn kan ik ook doortrekken naar ras en het priesterschap: "Sommige profeten - ik zeg het met respect - weten meer en hebben meer inspiratie dan anderen. Dus als Brigham Young, een van de grootste profeten, iets over Adam zei dat niet in overeenstemming is met wat er in het Boek van Mozes en in hoofdstuk 78 staat, dan prevaleert de Schrift. Dit is een van de redenen waarom we onze geschriften de Standaardwerken noemen. Ze vormen de maatstaf voor oordeel en de meetlat waaraan alle leer en opvattingen worden gewogen, en het maakt geen greintje verschil welke opvattingen erbij betrokken zijn. De Schrift heeft altijd voorrang". Het woord van de Heer is inderdaad de ultieme redding. Dit is wat de Heer er over zegt in het voorwoord op de Leer en Verbonden:

"Ik, de Heer, ben gewillig deze dingen bekend te maken aan alle vlees,
want Ik ben geen aannemer des persoons,
LV 1:34,35