Posts tonen met het label Elijah Able. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Elijah Able. Alle posts tonen

dinsdag 16 december 2025

3. Racisme, heden of verleden


"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het verleden."
Evangelieverhandeling 
'Ras en het priesterschap'




Zoals jullie kunnen zien, kan ik nog geen afstand doen van bovenstaande woorden. In mijn vorige logje schreef ik dat ik stil wil staan bij deze woorden uit de evangelieverhandeling 'ras en het priesterschap', dat uit de "geschiedenis van de kerk blijkt dat de kerkleiders al vroeg ophielden met het verlenen van het priesterschap aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst. De verslagen van de kerk bieden geen helder inzicht in de oorsprong van dit gebruik". 

Dit gebruik

Wanneer het gaat om bewustzijn, dat racisme vrijwel onmogelijk te bestrijden is zonder dat bewustzijn, wil ik als eerste stilstaan bij het woord "gebruik". Jarenlang dacht ik, en velen met mij, dat de restrictie er was vanaf de herstelling van de kerk. Daarnaast, en dat dachten ook velen met mij, ging het om een openbaring van God. Wat wij nu weten is dat toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van Joseph Smith herstelde, er helemaal geen onderscheid werd gemaakt tussen wit en zwart, wat ik de HOE van de herstelling noem. Vandaar ook deze regel in de evangelieverhandeling: "Er is geen betrouwbaar bewijs dat het priesterschap aan zwarte mannen werd onthouden zolang Joseph Smith leefde". Tevens lezen we in de Officiële Verklaring 2 dat het ging om een gebruik, niet om een openbaring. 

Een gebruik dat eigenlijk zo teruggedraaid had kunnen worden. Omdat "het priesterschap lange tijd aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst was onthouden, meenden de kerkleiders dat er behoefte was aan een openbaring van God om het beleid te wijzigen". Uiteindelijk werd door openbaring dit gebruik teruggedraaid. Paul W. Reeve: "In oktober 1978 presenteerde president Edon N. Tanner van het Eerste Presidium de openbaring aan de wereldwijde Kerk ter goedkeuring. Het was de enige keer dat een leer of beleid met betrekking tot de raciale beperkingen aan de Kerk werd voorgelegd om te worden opgenomen in de canon, het formele proces waarmee openbaringen Schrift worden in de tradities van de Heiligen der Laatste Dagen. De openbaring herstelde de Afrikaanse bevolking in haar universele wortels. Het bracht het beleid en de praktijk van de Kerk weer in overeenstemming met de Schriften van de herstelling en herstelde wat verloren was gegaan in de eerste decennia van de Kerk, toen zwarte mannen tot priester werden gewijd en het Eerste Presidium mensen van elke huidskleur in de tempel van Nauvoo verwelkomde. Het bevestigde dat de leer van de Kerk inderdaad gebaseerd was op inclusiviteit". 

De instelling

Als tweede wil ik stilstaan bij de instelling van dit gebruik toen "president Brigham Young in 1852 officieel verklaarde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet langer tot priester geordend konden worden". In het opschrift van Officiële Verklaring 2 kunnen we lezen dat de verslagen van de kerk geen helder inzicht bieden in de oorsprong van dit gebruik. Men mocht toen, wat leidde tot aanpassingen, wel hebben geschreven dat de kerkverslagen geen helder inzicht verschaffen. Ondertussen weten we wel meer over de instelling van deze restrictie, opnieuw dankzij verslagen. 
 
"Tegen de tijd dat de Heiligen naar Utah migreerden, waren er zowel vrije als tot slaaf gemaakte zwarte leden van de kerk. Green Flake, Hark Lake en Oscar Crosby, leden van de voorhoede van de pioniersgroep van 1847, waren ten tijde van hun pioniersreis tot slaaf gemaakt door families van Heiligen der Laatste Dagen" (Slavery and Abolition).



"In 1850 creëerde het Congres van de Verenigde Staten het Territorium Utah, en de president van de Verenigde Staten benoemde Brigham Young tot gouverneur. Zuiderlingen die zich bij de kerk hadden aangesloten en met hun slaven naar Utah waren verhuisd, vroegen zich af wat de wettelijke status van slavernij in het Territorium was" (Evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). 

"In 1852 debatteerden kerkleiders in de wetgevende vergadering van Utah over wat te doen met de slavernij van zwarte mensen in het Utah-territorium. Brigham Young en Orson Spencer pleitten voor legaliseren en reguleren van de slavernij, waarbij het mogelijk zou zijn om tot slaaf gemaakte mannen en vrouwen naar het territorium te brengen, maar de slavernij van hun nakomelingen zou verboden zijn en hun toestemming vereist voor elke verplaatsing. Deze aanpak zou uiteindelijk een einde maken aan de slavernij in het territorium. Apostel Orson Pratt hield een hartstochtelijke toespraak tegen elk compromis met de slavernij: "De Afrikaners binden, omdat hij van kleur anders is dan wij, zei hij, is genoeg om de engelen in de hemel te doen blozen. Het standpunt van Young en Spencer kreeg de overhand, en de wetgevende macht keurde een vorm van zwarte slavernij goed die een humane behandeling en toegang tot onderwijs vereiste (Slavery and Abolition)”. Desondanks stond het toe dat degenen die als slaven naar het gebied waren gebracht, levenslang in slavernij werden gehouden (1).

Brigham Young is degene die officieel verklaarde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst het priesterschap niet meer mochten dragen. Door deze woorden lijkt het al te gemakkelijk om te denken dat de restrictie volledig de verantwoordelijkheid is van president Brigham Young. Maar niets is minder waar. In de evangelieverhandeling 'ras en priesterschap' lezen we dat: “in de loop der jaren hebben kerkleiders en leden gespeculeerd over de reden voor deze beperking op het priesterschap en de tempel". Opeenvolgende leiders en leden hebben zo ook hun steentje bijgedragen aan deze scheiding op basis van ras. Waardoor "de beperkingen steeds werden aangescherpt" tot het punt dat men dacht dat "het priesterschap en de tempels altijd wit zijn geweest en de raciale beperkingen al vanaf het begin bestonden". 

"In januari en februari gaf Brigham Young twee toespraken in het orgaan van de wetgevende macht in Utah. Hij kondigde aan dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst van het priesterschap werden uitgesloten" (Evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). Deze twee toespraken van Brigham Young, ik deel ze onder de afbeelding, zijn samen met andere gebeurtenissen "volledig te bestuderen in een nieuwe digitale database: This Abominable Slavery. Paul Reeve, hoogleraar geschiedenis en Simmons-leerstoelhouder Mormoonse studie aan de Universiteit van Utah, heeft de nieuwe database ontwikkeld in samenwerking met de J. Willard Marriott Library en met medewerking van de afdeling Kerkgeschiedenis van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Dit publieke geschiedenisproject onderzoekt de slavernij van de inheemse bevolking en Afro-Amerikanen in het Utah-territorium aan de hand van primaire bronnen, waarvan vele voor het eerst openbaar toegankelijk zijn. De digitale collectie stelt het grote publiek in staat de documenten zelf te lezen, aldus Reeve. Mensen hoeven ons niet op ons woord te geloven, maar ze kunnen het bewijsmateriaal inzien en de toespraken in hun geheel lezen. Het is een bron van nieuwe informatie over slavernij in het Utah-territorium, maar ook over het raciale priesterschap en de tempelbeperking binnen De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen."

Racisme in het verleden






Op deze toespraak van president Brigham Young is een voorwoord. Wat ik belangrijk vind om aan te halen uit dit voorwoord is dit: "Zelfs als de beperking al van kracht was voordat Young deze aan het parlement kenbaar maakte, hebben historici geen bewijs gevonden dat kerkelijke publicaties er vóór 1852 over spraken, een feit dat snel veranderde. Na de zitting van het parlement publiceerde de kerkelijke krant Deseret News een eigen artikel over de rassenbeperking, en andere kerkelijke publicaties volgden dit voorbeeld. In de daaropvolgende vijf jaar werd de rassenbeperking in ten minste vijf artikelen in kranten van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen genoemd. 1852 was ongetwijfeld een cruciaal keerpunt in de openlijke erkenning van het rassenverbod door de kerk". 




In het artikel Slavery and Abolition konden we al lezen dat "apostel Orson Pratt een hartstochtelijke toespraak hield tegen elk compromis met de slavernij". In het voorwoord op deze toespraak kunnen we daarover het volgende lezen: "De andere reden waarom Youngs toespraak van 4 februari significant is, is dat deze intrigerende aanwijzingen biedt over een voortdurend debat met Orson Pratt. Young maakt duidelijk dat Pratt ook op 4 februari sprak... Het is een belangrijke context om te weten dat een apostel/wetgever het oneens was met de profeet/gouverneur van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen en dat Youngs ideeën over ras en stemrecht niet uit het niets zijn ontstaan, maar duidelijk voortkwamen uit specifieke en aardse omstandigheden. De toespraak van Young op 4 februari is daarom een belangrijk contextueel element dat helpt om zijn raciale opvattingen, die hij de volgende dag krachtig naar voren bracht, beter te begrijpen". 




Opnieuw geknipt en geplakt in de inleiding op het document: "De toespraak van Young op 5 februari werd gehouden in de context van een debat met Orson Pratt over stemrecht in het Utah-territorium. Pratt pleitte voor stemrecht voor zwarte mannen, een idee dat Brigham Young resoluut verwierp. Deze nieuwe contextuele informatie helpt Youngs vergelijking tussen priesterschap vloeken en stemrecht in het Utah-territorium te verklaren. Young maakte ook duidelijk dat hij de eerste profeet van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen was die een raciale beperking op het priesterschap uitsprak. Hoewel Pratts toespraak van de dag ervoor niet bewaard is gebleven, is het niet moeilijk voor te stellen dat Pratt erop stond dat geen enkele andere profeet het priesterschap had beperkt voor mannen van zwarte Afrikaanse afkomst en dat er geen bewijs was dat Afrikanen afstammen van Kaïn. Joseph Smith had dergelijke ordeningen immers wel goedgekeurd. Young maakte in ieder geval duidelijk dat, zelfs als geen enkele andere profeet of apostel het eerder had gezegd, hij het nu wel zei... hij beweerde precies het tegenovergestelde. Zelfs als Smith het nooit eerder had gezegd, verklaarde hij, Brigham Young, het nu wel. Het is een duidelijke aanwijzing dat Young zijn eigen koers vaart in raciale kwesties en de kerk die hij leidde, wegleidde van een open raciale ordening naar een gesegregeerd priesterschap. Het was een beslissing die een precedent zou scheppen voor de rest van de negentiende eeuw en het eerste driekwart van de twintigste eeuw. Wat Brigham Young begon als een beperking van het priesterschap voor zwarte mannen, groeide uit tot een beperking van de toegang tot de tempel voor zwarte vrouwen en mannen (behalve om plaatsvervangende dopen voor de doden te verrichten). Het beleid breidde zich ook uit tot een verbod op zendingswerk voor zwarte vrouwen en zwarte mannen,  ondanks het feit dat Elijah Able, een van de eerste zwarte priesterschapsdragers van de Kerk, drie zendingen voor zijn geloof had vervuld. Youngs rechtvaardiging voor deze beperking was gebaseerd op de bijbelse vloek van Kaïn...."

Dit is wat Paul Reeve zegt over deze toespraak van 5 februari 1852: "Op 5 februari verwierp Brigham Young het zwarte stemrecht, terwijl hij tegelijkertijd een raciale priesterschapsbeperking bevestigde en betoogde dat witte mensen superieur waren aan zwarte mensen. Het vertegenwoordigt Brigham Youngs meest complete en krachtige verwoording van een priesterschapsbeperking. Er is geen verslag waarin Brigham Young melding maakt van een openbaring waarin de beperking wordt goedgekeurd. In plaats daarvan vertrouwde hij primair op zijn interpretatie van de bijbelse vloek van Kaïn, terwijl hij tegelijkertijd Pratts stelling dat Afro-Amerikaanse mannen zouden mogen stemmen rechtstreeks in twijfel trok". 

Tot slot nog één ding, ik citeer opnieuw uit de evangelieverhandeling Ras en priesterschap: "Deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. Die ideeën waren eerder gebruikt om de legalisatie van zwarte 'herendienst' in het Territorium Utah te propageren. Eén denkbeeld bestond in de Verenigde Staten al in de jaren dertig van de achttiende eeuw, namelijk dat zwarten afstamden van de Bijbelse figuur Kaïn, die zijn broer Abel vermoordde. Aanhangers van deze overtuiging geloofden dat God Kaïn had 'vervloekt' met een donkere huid. Dienstbaarheid van zwarten werd soms beschouwd als een tweede vloek op Kanaän, de kleinzoon van Noach, wegens Chams gebrek aan respect voor zijn vader". 

"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het verleden."



(1): De schuingedrukte tekst komt uit het boekje Let's talk about race and priesthood van Paul W. Reeve. 

vrijdag 10 oktober 2025

2. Het Kirtlandtempelveldje

 

"De tempel is de poort tot de grootste zegeningen 
die God voor ieder van ons in petto heeft,
want de tempel is de enige plek op aarde
waar we alle zegeningen kunnen ontvangen 
die aan Abraham zijn beloofd."

President Russell M. Nelson 




Op dit moment heb ik mijn tent opgeslagen bij de Kirtlandtempel en daar geniet ik van het uitzicht. Bijzonder vond ik het om te weten dat Elijah Able, een van de aanwezigen was die in deze tempel zijn wassingen en zalving ontving. Ik hoop ook dat jullie Elijah Ables licentie hebben gelezen waarin staat dat hij naar behoren gemachtigd was om het evangelie te prediken. Bijzonder vond ik ook om te lezen dat er gesproken werd over 'onze waardige broeder in de Heer' en dat 'men bad voor zijn succes'. 

Eigenlijk heel logisch, zou je zeggen, maar "de kerk werd opgericht toen rassenscheiding hoogtij vierde. Veel mensen van Afrikaanse afkomst leefden in slavernij, en rassenscheiding en vooroordelen waren de norm". Desondanks, dat weten we ook, zie je dat niet terug in de praktijk van de HOE, "de eerste twee decennia na de oprichting van de kerk". Behalve dat Elijah Able in de Kirtlandtempel was, liet hij zich later ook in de Nauvootempel plaatsvervangend dopen voor verwanten. Vanwege het woordje logisch, misschien kan ik beter zeggen leerstellig, heb ik mijn tentje opgeslagen op het Kirtlandtempelveldje.  

Vorig jaar tijdens de algemene conferentie van april gaf president Nelson een prachtige toespraak: Verheug u in de gave van priesterschapssleutels. Deze toespraak ging onder andere over de Kirtlandtempel en het "uitzonderlijk belang van deze tempel in de herstelling van het evangelie van Jezus Christus". Natuurlijk heb ik ook een soepje gemaakt van deze toespraak. Al heb ik toen alleen het recept met jullie gedeeld met de woorden dat ik de uitwerking ervan zou bewaren tot een later tijdstip. Vandaag, vergeet niet dat ik aan het kamperen ben, kom ik terug op deze toespraak. Om die reden houd ik het eenvoudig, en sta ik alleen stil bij de drie stellingen van president Nelson uit deze toespraak, waarvan ik denk dat ze genoeg zeggen. Daarnaast ga ik ervan uit dat, al heb ik onderweg al de nodige aandacht gegeven aan het verbond van Abraham, er nog genoeg gelegenheden zullen zijn dat ik alsnog terug zal komen op een van deze drie stellingen. 

President Russell M. Nelson: "Op grond van priesterschapssleutels hebben wij het gezag om alle zegeningen die God aan Abraham beloofde aan iedere verbondsgetrouwe man en vrouw te verlenen. Tempelwerk maakt deze uitzonderlijke zegeningen aan al Gods kinderen beschikbaar, waar of wanneer ze ook leefden of leven. Laten we ons verheugen dat priesterschapssleutels weer op aarde zijn! Denk eens goed na over de volgende drie stellingen:

  1. De vergadering van Israël is bewijs dat God al zijn kinderen liefheeft.
  2. Het evangelie van Abraham is aanvullend bewijs dat God al zijn kinderen liefheeft. Hij nodigt allen uit om tot Hem te komen - zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw; allen zijn voor God gelijk.
  3. De verzegelbevoegdheid is allesovertreffend bewijs dat God al zijn kinderen waar ook liefheeft en wil dat iedereen ervoor kiest om bij Hem terug te keren".

maandag 6 oktober 2025

1. Het Kirtlandtempelveldje



"...en Hij nodigt allen uit om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid;
en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw;
en Hij is de heidenen indachtig;
en allen zijn voor God gelijk, 
zowel de Joden als de andere volken."
2 Nephi 26:33


Zo tussendoor liet ik jullie al weten dat ik op weg was naar de Kirtlandtempel en dat ik daar mijn tent wou opslaan. Ik ben gearriveerd bij Leer en Verbonden 109 en 110, afdelingen die gaan over de Kirtlandtempel. Ik weet nog niet hoeveel stukjes ik zal schrijven over deze afdelingen; voor nu heb ik in ieder geval twee nachten geboekt. Vandaag is dag één.

Mocht je het nog niet weten: ik ben hier met een speciale reden. Ik schrijf namelijk over HOE de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld, dat "allen gelijk zijn voor God". En dat het daardoor niet anders kan zijn dat je dit terugziet in de theorie, in de leer van de Schriften. Vandaag wil ik echter ook stilstaan bij HOE dat in de praktijk eruitzag. 




Het Kirtlandtempelveldje:

Zo tussendoor liet ik jullie al weten dat ik op weg was naar de Kirtland tempel en dat ik daar mijn tent wou opslaan. Ik ben gearriveerd bij Leer en Verbonden 109 en 110, afdelingen die gaan over de Kirtland tempel. Ik weet nog niet hoeveel stukjes ik zal schrijven over deze afdelingen, voor nu heb ik in ieder geval twee nachten geboekt. Vandaag is dag één.

Mocht je het nog niet weten ik ben hier met een speciale reden. Ik schrijf namelijk over HOE de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld, dat "allen gelijk zijn voor God". En dat het daardoor niet anders zo kan zijn dat je dit terug ziet in de theorie, in de leer van de Schriften. Vandaag wil ik echter ook stilstaan bij HOE dat in de praktijk er uit zag. 





Ook hij gaf gehoor aan de roep om het evangelie te delen met zijn naaste, wat hem naar New York en Canada bracht. Dat Elijah Able daar in de tempel aanwezig was, laat zien "dat allen gelijk zijn voor God". Wat niet alleen de praktijk van de HOE van de herstelling laat zien, maar ook de theorie van de HOE van het herstelde evangelie. Dit is wat de Heer er zelf over zegt in het voorwoord op de Leer en Verbonden: 


"want Ik ben geen aannemer des persoons, 
de stem van de Heer is gericht tot de einden der aarde, 
opdat allen die willen horen, mogen horen;
Ik, de Heer, ben gewillig deze dingen bekend te maken aan alle vlees"
LV 1:11,34,35


"Deze dingen bekend te maken aan alle vlees" heeft alles te maken met zendingswerk en de zending van de kerk, maar ook met de tempel. Dit is wat president Russell M. Nelson erover zei: "Iedere tempel is een symbool van ons geloof in God en een bewijs van ons geloof in een leven na de dood. De tempel is het doel van iedere activiteit, iedere les en iedere stap voorwaarts in de kerk. Al ons werk voor de verkondiging van het evangelie, de vervolmaking van de heiligen en de verlossing van de doden leidt naar de tempel. De tempelverordeningen zijn uitermate belangrijk. Zonder deze verordeningen kunnen we niet in Gods heerlijkheid terugkeren". 

In zijn toespraak 'Verordeningen en verbonden' zegt ouderling Neuenschwander ook iets over de zending van de kerk en in het verlengde daarvan de tempel: "Zowel oude als moderne geschriften getuigen van de fundamentele leer dat Jezus Christus en zijn zoenoffer centraal staan in het heilsplan. Voor een Heilige der Laatste Dagen heeft de leer van verlossing, alleen in en door de naam van Jezus Christus, en de zending van de kerk om iedereen uit te nodigen tot Hem te komen, betrekking op allen die op deze aarde hebben geleefd of ooit zullen leven. Deze leer is van nature inclusief en sluit niemand uit of stelt vrij. Op de vraag hoe de kerk deze zending, om iedereen uit te nodigen tot Christus, vervult, antwoorden we allemaal snel: door het evangelie te verkondigen, de heiligen te vervolmaken en de doden te verlossen". In zijn toespraak gaat hij verder in waarom hij vindt dat we allemaal te snel zijn in ons antwoord als ons die vraag wordt gesteld.

Deze uitspraak van ouderling Neuenschwander en president Nelson over de zending van de kerk kan ik niet loszien van afdeling 110, waar ik in deel 2, mijn tweede dag op het Kirtlandtempelveldje, op terug wil komen. Voor nu wil ik het bij twee delen houden, maar jullie weten: zo de wind waait. Dat is de reden ook dat ik nog twee uitspraken deel uit de toespraak van ouderling Neuenschwander, waar ik dus voor nu niet verder op in wil gaan, maar die wel zo mooi zijn dat ik er niet zomaar aan voorbij kon lopen.

Ouderling Neuenschwander:
 - "Heilige verordeningen en het goddelijke gezag om ze te bedienen, zijn niet begonnen met de herstelling van het evangelie en de oprichting van de hedendaagse kerk in 1830. De heilige verordeningen van het evangelie, als vereisten voor verlossing en verhoging, werden ingesteld vóór de grondlegging der wereld. Ze zijn altijd een onveranderlijk onderdeel van het evangelie geweest."
- "De profeet Joseph Smith leerde: Verordeningen die vóór de grondlegging der wereld in de hemelen zijn ingesteld in het priesterschap, voor de redding van de mens, mogen niet worden gewijzigd of veranderd. Allen moeten op dezelfde beginselen worden gered." 

"Want zie, dit is mijn werk en mijn heerlijkheid:
de onsterfelijkheid en het eeuwige leven
van de mens tot stand te brengen"
Mozes 1:39

zondag 7 september 2025

2. Onschuldig voor God


Ouderling Quentin L. Cook: "Uit het Boek van Mormon blijkt duidelijk dat allen uitgenodigd worden om deel te hebben aan de goedheid van de Heer. Allen zijn voor God gelijk. Alle mensen zijn gelijkelijk begunstigd, en niemand wordt buitengesloten". Dit, dat God geen aannemer des persoons is, is mijn rode draad waar ik van alles aan ophang. Voordat ik verder reis naar de andere afdelingen, wil ik toch nog even opnieuw stilstaan bij onderstaand vers. 

"Iedere mensengeest was in het begin onschuldig; 
en omdat God de mens van de val heeft verlost,
zijn de mensen, in hun kinderlijke staat,
wederom onschuldig geworden voor het aangezicht van God".
LV 93:38

Ouderling Boyd K. Packer heeft een prachtige toespraak gegeven die als titel mee kreeg: 'Little children'. Hij is degene die het woord onschuldig schuin weergeeft. Daarnaast is hij degene die deze tekst uit de Leer en Verbonden naast Moroni 8 legt. Over dit hoofdstuk uit het Boek van Mormon zegt hij: "Lees de hele brief. Het is ware leer". In deze brief kunnen we onder andere het volgende lezen: 

"Kleine kinderen zijn levend in Christus, ja, vanaf de grondlegging van de wereld;
zo niet, dan is God een partijdig God, en ook een veranderlijk God
en een aannemer des persoons".
Moroni 8:12


"In 1842 werden de Geloofsartikelen geschreven door de profeet Joseph Smith naar aanleiding van een verzoek van John Wentworth, een krantenredacteur uit Chicago, die informatie wilde over de geschiedenis en geloofsovertuigingen van de kerk. De Geloofsartikelen werden geschreven onder inspiratie van God. Ze bevatten directe en eenvoudige verklaringen van een aantal leerstellingen en beginselen van onze religie". In deze Geloofsartikelen kunnen we onder andere lezen dat:
"Wij geloven dat de mens zal worden gestraft
voor zijn eigen zonden
en niet voor Adams overtreding" 
Geloofsartikel 2

Want dat is ook wat we in deze brief van Mormon aan zijn zoon Moroni kunnen lezen, dat "de vervloeking van Adam van hen is weggenomen in Mij". Vandaar dat Geloofsartikel 3 dit zegt:

"Wij geloven dat door de verzoening van Christus 
de gehele mensheid kan worden gered
door gehoorzaamheid 
aan de wetten en verordeningen van het evangelie"
Geloofsartikel 3

Mormon schreef ook aan zijn zoon Moroni dat "de Heer aan hem had geopenbaard dat in Hem, Jezus Christus, de wet van de besnijdenis was weggedaan". Zoals zij in de dagen van Mormon en Moroni streden over of kinderen wel of niet gedoopt moesten worden, zo liepen de emoties in de nieuwtestamentische kerk hoog op bij de vraag of niet-Joden, wanneer zij lid werden van de kerk, nu wel of niet besneden moesten worden. De eindconclusie van deze discussie was: 

"Mij heeft God doen zien, dat ik niemand onheilig of onrein mag noemen.
Inderdaad bemerk ik, dat er bij God geen aanneming des persoons is,
maar onder elk volk wie Hem vereert en gerechtigheid werkt, Hem welgevallig is.
Zou iemand het water kunnen weren, om dezen te dopen,
die evenals wij de Heilige Geest hebben ontvangen?"

In zijn toespraak 'De Leer van Christus' gaat ouderling D. Todd Christofferson in op wat er toen gebeurde in de nieuwtestamentische kerk. "Door deze ervaring en openbaring aan Petrus veranderde de Heer de gewoonte in de kerk en openbaarde een vollediger leerstellig begrip aan zijn discipelen. En zo strekte de evangelieverkondiging zich uit tot de gehele mensheid". 

President Russell M. Nelson zei hierover dat als "wij ons laten dopen en bevestigen als lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, wij deel gaan uitmaken van de familie van Abraham. Wij hebben het recht om het evangelie, de zegeningen van het priesterschap en het eeuwige leven te ontvangen. Wij zijn kinderen van het verbond". Iemand die dat heel goed begreep, was Jane Elizabeth James Manning. Daarnaast denk ik dat je dit ook niet los kunt zien van dat wij de nieuwtestamentische kerk hersteld zijn. 

"Begin 1883 had Jane Elizabeth Manning James president John Taylor toestemming gevraagd voor haar begiftiging. President Taylor besprak de kwestie met haar, maar hij vond dat de tijd nog niet rijp was voor zwarte heiligen om de hogere verordeningen van de tempel te ontvangen. Hij had de kwestie enkele jaren eerder opnieuw bekeken toen een andere zwarte heilige, Elijah Able, vroeg om zijn tempelverordeningen te ontvangen. Hoewel zijn onderzoek bevestigde dat Elijah in de jaren 1830 het Melchizedekse priesterschap had ontvangen, besloten president Taylor en andere kerkleiders desondanks Elijah's verzoek af te wijzen op grond van zijn ras. Bijna twee jaar na het gesprek met president Taylor had Jane hem opnieuw gesmeekt: Ik besef mijn ras en huidskleur en kan mijn begiftiging niet verwachten, verklaarde ze destijds. Toch merkte ze op dat God had beloofd al Abrahams nakomelingen te zegenen. Aangezien dit de volheid van alle bedelingen is, vroeg ze: is er dan geen zegen voor mij?"

"Vandaag verwerpt de kerk de theorieën die men in het verleden aanhaalde: een zwarte huid is een teken van goddelijke ongunst of vervloeking; een zwarte huid wijst op onrechtschapen handelingen in het voorsterfelijk leven". Hoe pijnlijk dit ook voor haar moet zijn geweest: "Jane behield haar hele leven haar identiteit, zowel als zwarte als mormoon, en behield haar gevoel van eigenwaarde en waardigheid. De moeilijkheden van het leven veranderden nooit Jane's openlijke toewijding aan het evangelie". 

In zijn toespraak, tot slot, heeft ouderling Christofferson het erover dat er in de herstelde Kerk van Jezus Christus volgens dezelfde patronen wordt gewerkt als toen in de nieuwtestamentische kerk. Om vervolgens dit te zeggen: "Tegelijkertijd moeten we bedenken dat niet iedere uitspraak door een kerkleider, vroeger en nu, noodzakelijkerwijs leerstellig is. We gaan er in de kerk vanuit dat een enkele uitspraak van een leider vaak een persoonlijke, weliswaar goed doordachte mening vertegenwoordigt, die niet als officieel beleid voor de hele kerk bedoeld is. De profeet Joseph Smith leerde dat een profeet alleen een profeet is wanneer hij als zodanig optreedt."

"en uw naam
zal in eervolle herinnering
aan het nageslacht worden doorgegeven"


donderdag 7 augustus 2025

Priesterschap en zo

 

Ik vind Leer en Verbonden 84 een fascinerende afdeling. Laat dit nu net een van de afdelingen zijn waarvan president Nelson tegen ons vrouwen zei dat als wij meer over priesterschapsmacht willen leren, deze afdeling een mooi punt van vertrek is. Het probleem is echter dat ik ervoor gekozen heb mij eerst bezig te houden met priesterschap en zo, en dat dit mij dusdanig in beslag genomen heeft, dat ik niet anders kan dan deze rit uit te zitten. 

Vorige week liet ik jullie een foto zien die slechts een klein gedeelte van deze prachtige omgeving had gevangen. Desondanks was er op deze foto genoeg te zien, en daar gaf ik toen, zonder verslag, een paar voorbeelden van. Terwijl ik doorliep na het maken van de foto, besefte ik dat er toch nog iets ontbrak op deze foto wat er eigenlijk wel op had horen te staan, en dat heeft te maken met Elijah Able en priesterschap en meer. 

Elijah Able, als drager van het Melchizedekse priesterschap, was een van degenen die gehoor gaf aan de woorden "Welnu, ga heen in de gehele wereld", vers 62. Meermalen vervulde hij een zending voor de Heer. Ik denk aan hem bij deze tekst: "En eenieder die uitgaat en dit evangelie van het koninkrijk predikt, en in alle dingen getrouw blijft, zal niet vermoeid van geest zijn", vers 80. Dit niet vermoeid van geest zijn, blijkt voor mij onder andere uit dat Elijah ondanks alles, want uiteindelijk zoals W. Paul Reeve het omschrijft, "werden de bekronende rituelen van zijn geloof hem onthouden", zijn gehele leven getrouw bleef.

 "Want wie ook getrouw zijn zodat zij deze twee priesterschappen, 
waarvan Ik heb gesproken, verkrijgen 
en hun roeping grootmaken, 
worden door de Geest geheiligd ter vernieuwing van hun lichaam. 
Zij worden de zonen van Mozes en van Aaron en het nageslacht van Abraham, 
en de kerk en het koninkrijk, en de uitverkoren van God. 
En ook: Allen die dit priesterschap ontvangen, ontvangen Mij, zegt de Heer"
LV 84:33-35

Wat trouwens ook interessant is, alhoewel dit een niet door mij gekozen pad is, kom ik, weliswaar via een omweg, toch ook uit bij en meer, wat in dit stukje staat voor priesterschapsmacht en vrouwen. Dit is wat president Nelson daarover zegt: "Elke vrouw of man die met God verbonden sluit en die verbonden nakomt, en die waardig aan priesterschapsverordeningen deelneemt, heeft rechtstreeks toegang tot de macht van God".  



Afbeelding Pixabay
Quote: W. Paul Reeve, Let's talk about Race and Priesthood, blz. 77

zondag 25 mei 2025

1. Het belang van verslagen


"Ziet, er zal onder u een verslag worden bijgehouden."
Leer en Verbonden 21:1

Mijn reis door de Leer en Verbonden brengt mij op heel bijzondere plekken, zoals onlangs met Leer en Verbonden 47. Deze afdeling gaat over John Whitmer die gevraagd wordt om Oliver Cowdery als kerkhistoricus en -griffier te vervangen. In een les die ging over dit hoofdstuk werd deze vraag gesteld: "Waarom is het volgens u belangrijk dat iemand de geschiedenis van de kerk schrijft?" Deze vraag maakte dat ik moest denken aan het belang van verslagen, maar ook aan mijn blog. Had ik wat ik nu schrijf over ras en het priesterschap ooit kunnen schrijven zonder deze verslagen? Zonder deze kennis van het verleden? 

In het verleden heb ik een stukje geschreven over de openbaring op het priesterschap en laat ik zien hoe deze openbaring eerst - wat ik nu het blaadje noem - in onze Schriften stond en hoe hij nu in onze Schriften staat - de wortel. Ik wil niet afdoen aan de vreugde en de dankbaarheid van het blaadje. 

Blaadje

Wat ik probeer te doen is te laten zien hoe belangrijk verslagen zijn. Want, als die verslagen er niet zouden zijn geweest, zouden wij dan hebben geweten HOE de Heer zijn kerk heeft hersteld? Want het is in de opschrift van de wortel-openbaring dat wij lezen "In de tijd van Joseph Smith is een klein aantal zwarte mannelijke leden van de kerk tot het priesterschap geordend". 

Wortel

Een prachtig voorbeeld van zo'n zwarte priesterschapdrager uit de dagen van Joseph Smith is Elijah Able die in 1836 tot het Melchizedekse priesterschap werd geordend. In een artikel van de kerk over Elijah Able staat deze opmerking: "Begin twintigste eeuw raakte Able's status als zwarte priesterschapsdrager grotendeels in vergetelheid. Historici herontdekten later het verhaal van Able's ordening tot het priesterschap, zijn geloof in het herstelde evangelie en zijn werk als vroege zendeling". 

Als historici Able's verhaal niet hadden herontdekt, of degenen uit het verleden deze verslagen niet hadden bijgehouden, hadden wij dan geweten wat we nu weten? Dit heeft Marlin K. Jensen, voormalig kerkhistoricus en -griffier erover gezegd: "De kerkhistoricus en -griffier kan een gezaghebbende stem laten horen in historische aangelegenheden. Er zijn altijd historische vraagstukken en soms zelfs historische strijdpunten. Het is nuttig om iemand te hebben tot wie men zich kan wenden voor een betrouwbaar antwoord". 

Ook zegt Jensen dat "het primaire doel van de kerkgeschiedenis is de kerkleden te helpen om hun geloof in Jezus Christus te sterken en zich aan hun heilige verbonden te houden". Is het niet bijzonder dat Jensen het belang van verslagen combineert met het sterken van geloof in Jezus Christus? "Bij het bereiken van dat doel, ik citeer opnieuw Jensen, laten we ons leiden door drie voornaamste overwegingen". Ik denk niet dat ik aandacht zal geven aan deze drie punten. En als ik één zou moeten kiezen dan deze: "Ten eerste streven we ernaar te getuigen van de fundamentele waarheden van de herstelling, en die te verdedigen". Hij stelt echter ook een vraag, en die vraag kan ik absoluut niet links laten liggen. Dus dat wordt mijn volgende stopplaats. Ik hoop jullie daar te zien. 


Foto: Pixabay

zondag 9 maart 2025

2. De waarde van zielen is groot


 "En u zult blijde tijdingen verkondigen, ja maak ze bekend
op de bergen, en op iedere hoge plaats,
en onder ieder volk 
dat u wordt toegestaan te zien."
LV 19:29

In ons lesboek van vorige week stond dit: "Er zijn veel verschillende manieren om iemands waarde te meten. Talent, opleiding, rijkdom en uiterlijk kunnen allemaal beïnvloeden hoe we elkaar - en onszelf - beoordelen. Maar in Gods ogen is onze waarde een veel eenvoudigere zaak":

"Bedenk dat de waarde van zielen groot is in de ogen van God".

Maar wat als je opgroeit in een omgeving waar je waarde bepaald wordt door de kleur van je huid? Wat als je het eigendom bent van iemand anders die, als het gaat om dat we allemaal elkaar beïnvloeden, jouw waarde, zelfs in geld uitgedrukt, kan bepalen? Met wat voor ogen, zo opgroeiend en levend in die omstandigheden, kijk je dan naar je eigen waarde?



"Toegetakeld en beschadigd, en de veilingmeester dacht dat het nauwelijks de moeite waard was om veel tijd aan die oude viool te besteden. Maar hij hield hem met een glimlach omhoog. "Wat wilt u bieden, goede mensen", riep hij uit. "Wie doet het eerste bod?" Eén dollar, één dollar; dan twee! Slechts twee dollar. Wie biedt er meer? Drie dollar eenmaal; drie dollar andermaal; Voor de derde...". Maar nee, van achter uit de zaal kwam een grijze man naar voren die de viool oppakte. Hij veegde het stof van het oude instrument en spande de losse snaren. Hij speelde een prachtige melodie. Het leek wel of de engelen zongen. De muziek hield op en de veilingmeester zei, met zachte stem: "Wat biedt u voor deze oude viool?" En hij  hield het instrument omhoog. "Duizend dollar, wie maakt er twee van? Tweeduizend! En wie maakt er drie van? Drieduizend, eenmaal, drieduizend andermaal, drieduizend voor de derde maal, en verkocht!" zei hij". 

"Green Flake werd als slaaf geboren op een plantage. Op 10-jarige leeftijd werd hij gescheiden van zijn moeder en aan James en Agnes Flake gegeven. Het was in Mississipi dat James, zijn vrouw en hun slaven, waaronder Green Flake, lid worden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Het is ook daar dat Green op 16-jarige leeftijd het getuigenis hoort van een zendeling die beloofde dat families voor eeuwig herenigd zouden worden. Het huishouden van Flake reisde eerst naar Nauvoo, en daarna naar Winter Quarters. Toen de eerste groep heiligen vertrok naar de Rocky Mountains, stuurden drie bekeerde families hun slaven, Green Flake, Hark Lay en Oscar Crosby, vooruit met de pioniersgroep. De eerste pioniers van 1847 ploegden het land en plantten gewassen voor degenen die de volgende dagen en maanden kwamen. Toen James en Agnes Flake in oktober 1948 aankwamen, ontdekten ze dat Green een comfortabele blokhut voor hen had gebouwd. James overleed al snel en drie jaar later ging de weduwe Agnes en haar drie zonen naar Californie. Ze nam haar slavin Liz mee, maar liet Green achter. Enkele jaren later, toen Agnes stervende was, liet ze Amasa Lyman aan Brigham Young schrijven om hem te vragen Green Flake te verkopen om geld in te zamelen voor haar familie. Er vond geen verkoop plaats; Green beschouwde zichzelf waarschijnlijk als bevrijd toen James Madison Flake in 1850 stierf. Naarmate de jaren verstreken, werd Green een populaire spreker op Pioneer Day-vieringen. Tijdens de vieringen van 1894 hield Green Flake een interessante toespraak, waarin hij verklaarde dat hij er trots op was om tot die eervolle en geëerde groep pioniers te behoren in 1847." 

"Zestig jaar eerder, toen Green zich bij de kerk aansloot, was er een zwarte zeventiger genaamd Elijah Able die net teruggekeerd was van een zending. Maar niet lang nadat Green in het Great Basin aankwam, begonnen kerkleiders echter zwarte mannen uit te sluiten van het priesterschap, een verandering die ook de toegang van zwarte leden tot de tempel beperkte. Ondanks deze verandering leeft Green zijn leven in vol geloof. Broeder Flake en vele anderen zoals hij vertrouwden op Gods belofte van een herenigd gezin na dit leven. Veel van de tot slaaf gemaakten werden begraven in ongemarkeerde graven. Dat wetende, beitelde Green zijn eigen grafsteen, waarop staat: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen". Hij werd in 1903 naast zijn vrouw Martha begraven op Union Pioneer Cemetery in Cottonwood Heights, Utah. Een krantenverslag beschreef de overleden pionier en riep uit dat "een van de meest interessante van deze oude garde Green Flake was; de enige gekleurde overlevende van de groep van 1847. Green is een krachtige, breedgeschouderde, goedhartige, vrolijke oude heer, al lang inwoner van Salt Lake County, maar nu woonachtig in John Gray's Lake, Idaho. Hij draagt een bril, maar dat is het enige teken van ouderdom aan hem. Zijn stem zou kunnen dienen als een trompet, en hij stapt weg als een West Pointer als hij loopt". Deseret Evening News zei ten tijde van zijn dood dat broeder Flake de eervolle leeftijd van 76 had bereikt, wat voor iedereen die hem kende 76 jaar van eerlijk en hard werken voor de verbetering van de mensheid en voor een verhoging in het koninkrijk van zijn Vader betekende." 

"De mensen juichten, maar sommigen huilden. We begrijpen eigenlijk niet waardoor de waarde is veranderd. Het antwoord luidde: De Hand van de Meester."



Informatie komt uit:

zondag 23 februari 2025

Priesterschap: Hoe het was en nu is


"Zie, dit is mijn leer;
Wie zich bekeert en tot Mij komt, die is mijn kerk."
LV 10:67


Ik ga het niet opnieuw hebben over Bezienswaardigheid: een aantal verzen uit de Leer en Verbonden 10. Desondanks kan ik er toch nog niet helemaal afscheid van nemen, wat komt door bovenstaand vers. Op de een of andere manier blijf ik dit een fascinerend vers vinden. Misschien omdat in dit vers, hoe klein ook, gesproken wordt over het belang van leer, het belang van bekering en tot Hem komen, en niet te vergeten het belang van de kerk. Woorden waar ik niet omheen kan als het gaat om de herstelling van de volheid van het evangelie en in het verlengde daarvan de herstelling van het priesterschap. 




"Toen Jezus Christus op aarde was, stichtte Hij zijn Kerk en gaf Hij zijn apostelen het priesterschap, wat de macht is om in Zijn naam te handelen. Na zijn kruisiging en de dood van zijn apostelen, werden het priesterschapsgezag en de volheid van het evangelie van de aarde weggenomen vanwege goddeloosheid en een verwerping van de waarheid. Begin 1800 herstelden onze Hemelse Vader en Jezus Christus het evangelie via de profeet Joseph Smith. Deze herstelling omvatte het herstel van de priesterschapsmacht en autoriteit". "Deze herstelling van Gods macht was een belangrijk onderdeel van de algehele herstelling van het evangelie van Jezus Christus en zijn kerk". 

De proclamatie over de herstelling heet officieel "De herstelling van de volheid van het evangelie van Jezus Christus". In bovenstaand stukje wordt ook gesproken over de volheid van het evangelie die het priesterschap omvat. Wat is nu dan de volheid van het evangelie? "In
zijn volheid omvat het evangelie, alle leerstellingen, beginselen, wetten, verordeningen en verbonden die nodig zijn om verhoogd te worden in het celestiale koninkrijk. De Heiland heeft beloofd dat als we volharden tot het einde, trouw het evangelie nalevend, Hij ons onschuldig zal houden voor de Vader bij het Laatste Oordeel. De volheid van het evangelie is in alle tijdperken gepredikt toen Gods kinderen voorbereid waren om het te ontvangen. In de laatste dagen, of de bedeling van de volheid der tijden, is het evangelie hersteld door de profeet Joseph Smith". 

In dit stukje over de volheid van het evangelie wordt gesproken over verordeningen: "In de kerk is een verordening een heilige, formele handeling of ceremonie die wordt uitgevoerd door het gezag van het priesterschap. Sommige verordeningen zijn essentieel voor onze verhoging. Ze omvatten de doop, bevestiging, wijding tot het Melchizedekse priesterschap (voor mannen), de tempelbegiftiging en de huwelijksverzegeling. Met elk van deze verordeningen gaan we plechtige verbonden aan met de Heer". Interessant is dat in dit stukje over verordeningen ook geschreven wordt dat "verordeningen en verbonden ons helpen te herinneren wie we zijn". Volgende week bespreken we Leer en Verbonden 18 met als onderwerp "De waarde van zielen is groot", dus op "wie we zijn" kom ik terug. 


Elijah Able

Tijdens de oktober algemene conferentie van 2019 vroeg president Nelson aan ons, zusters, het volgende: "Ik smeek u om alles (cursief van president Nelson) wat u over priesterschapsmacht kunt vinden onder gebed te bestuderen. U kunt bijvoorbeeld beginnen met Leer en Verbonden 84 en 107". Hoe kan ik een dergelijk onderwerp bestuderen zonder stil te staan bij een onderwerp als ras en het priesterschap, gezien mijn eigen verhaal? En HOE de kerk daadwerkelijk is hersteld. Vandaar dat dit voor het derde jaar mijn basis van studie is, maar nu aan de hand van de Leer en Verbonden. Now you know.  

De Heer heeft tegen Joseph Smith gezegd: "Dit geslacht zal mijn woord door u ontvangen". (LV 5:10). En dat heeft het - door het Boek van Momon, de Leer en Verbonden en andere hedendaagse openbaringen. Het Boek van Mormon is de 'sluitsteen' van onze godsdienst. De Leer en Verbonden en voortdurende openbaring in de laatste dagen vormen de 'deksteen'. De Heer heeft zijn zegel van goedkeuring gehecht aan zowel de sluitsteen als de deksteen. Wat je kan lezen in afdeling 1 van de Leer en Verbonden, het voorwoord van de Heer. President Gordon B. Hinckley noemde de Leer en Verbonden zelfs de "grondwet van de kerk". 

Wat ik bijzonder vind aan afdeling 1 is dat de Heer zegt dat Hij geen aannemer des persoons is, wat voor mij heel nieuwtestamentisch klinkt, en wat ik terug zie in HOE de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld. Er werd geen onderscheid gemaakt tussen wit en zwart. Vandaar, zoals je terug kunt lezen in de evangelieverhandeling ras en het priesterschap, "dat er geen betrouwbaar bewijs is dat het priesterschap werd onthouden aan zwarte mannen zolang Joseph Smith leefde", waarvan Elijah Able een voorbeeld is.  

"De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen stelt de zegeningen van herstelde priesterschapsmacht beschikbaar aan alle kinderen van God die zich erop voorbereiden om die te ontvangen. Een belangrijk onderdeel van het evangelie van Jezus Christus is de boodschap dat God priesterschapsmacht en -gezag aan zijn dienstknechten in de kerk heeft verleend, omdat Hij zijn kinderen liefheeft. Door het priesterschap kunnen we de doop, de bevestiging en de gave van de Heilige Geest, de tempelverordeningen en nog veel meer ontvangen. In priesterschapsverordeningen is "de macht der goddelijkheid kenbaar, en ze bereiden ons voor om meer zoals onze hemelse Vader en zijn Zoon, Jezus Christus, te worden". 

Dit is nog maar mijn eerste maand van reizen door de Leer en Verbonden en er is nog zoveel dat ik wil zien, maar voor nu is er geen tijd meer. Afdeling 18 wacht, mijn volgende stop.



 

zondag 14 juli 2024

Voorportaal van de genezing

 

De komende tijd, althans dat is mijn bedoeling, wil ik een aantal bijzondere verhalen met jullie delen over zwarte mensen, die voor of na hun doop werden geconfronteerd met 'ras en het priesterschap'. Ik weet nog dat toen ik mijn verhaal deelde, dat er mensen waren die vonden dat ik dit eigenlijk niet moest doen. Dat lag toch in het verleden? Waarom deze pijnlijke geschiedenis opnieuw oprakelen? Eigenlijk precies wat mensen nu zeggen over het slavernijverleden. Maar zolang ik als het ware tegen een muur op loop als het gaat om dit verleden, kunnen we nog niet spreken van eenheid, van genezing. 

Genezing is niet direct een woord dat ik zelf in eerste instantie zou gebruiken. Het heeft iets zweverigs. Toch kan ik niet om dit woord heen. Zowel door het verhaal dat ik nog met jullie wil gaan delen, als door wat Mpho Tutu van Furth zei tijdens de lezing: 'de reis begint met het vertellen van je verhaal'. 

Maar voordat ik dat doe, wil ik eerst nog aandacht geven aan iets anders. Laten we dit 'het voorportaal van de genezing' noemen. Dit voorportaal van genezing, hoe zweverig dit ook klinkt, heeft niets, maar dan ook niets, met zweverigheid te maken. Mijn vorige logje eindigde ik met deze woorden van ouderling Johnson: "We zijn geneigd om vast te houden aan achterhaalde feiten en verklaringen. We zouden er veel beter aan doen de huidige standpunten van de kerk bij te houden." Voor mij is dit klare taal die hij hier uit. Wat zijn nu die huidige standpunten van de kerk? En waarom speelt dit ook een rol in het proces van eenheid en genezing? 

In het verleden heb ik een aantal stukjes geschreven over aanpassingen in de schriften. Een van deze stukjes ging over het toegevoegde opschrift aan de Officiële Verklaring 2 in de Leer en Verbonden. In dit opschrift kunnen we onder andere lezen dat "in de tijd van Joseph Smith een klein aantal zwarte mannelijke leden van de kerk tot het priesterschap is geordend". En ook, ik denk nu aan Elijah Able, die naar de tempel is geweest. Dit opschrift, dit citaat, geeft het officiële standpunt van de kerk weer. Interessant is dat in deze tekst het volgende wordt gezegd: "Uit de geschiedenis van de kerk blijkt dat de kerkleiders al vroeg ophielden met het verlenen van het priesterschap aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst. De kerkelijke verslagen bieden geen helder inzicht in de oorsprong van dit gebruik." 

"De kerkelijke verslagen bieden geen helder inzicht in de oorsprong van dit gebruik." Is het niet interessant dat de kerk in het opschrift van deze Officiële Verklaring 2 niet het woord 'openbaring' gebruikt, maar het woord 'gebruik'. Dat de kerk een evangelieverhandeling heeft uitgegeven met als titel 'Ras en het priesterschap', om dit nader toe te lichten, waarin onder andere staat dat het priesterschap niet aan zwarte mannen werd onthouden zolang Joseph Smith leefde. Dat het Brigham Young was, de profeet na Joseph Smith, die officieel verkondigde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet langer het priesterschap mochten dragen. Met daaropvolgend, enkele jaren later, de proclamatie over de herstelling. Hoe actueel wil je het hebben?

Het feit dat het zo in onze schriften staat en dat onze kerk er een verhandeling over heeft geschreven, zou eigenlijk al genoeg moeten zijn om dit olifantje van het verleden te wassen en de muur te slechten, maar op de een of andere manier blijkt dat toch niet zo te zijn. Wat ik zie als doorwerking van het verleden. 

Dit jaar staat in het teken van het Boek van Mormon. Onlangs kwam ik nog deze vraag tegen tijdens mijn schriftstudie: "Welke waarheid over de Heer maakt Mormon in vers 36 (Alma 19) duidelijk na dit verslag te hebben opgetekend?" Het antwoord dat men geeft is dit (seminarielesboek): "Van de woorden van Mormon in vers 36 leren we dat de arm van de Heer uitgestrekt is naar alle mensen die zich willen bekeren en in zijn naam geloven." Door het hele Boek van Mormon, wat de sluitsteen van onze godsdienst is, vinden we deze boodschap: 'dat allen gelijk zijn voor God'. 

Het ligt ook niet aan onze lesboeken. Voor ik inga op Johnsons uitspraak, wil ik eerst ouderling Oaks aanhalen, die in deze les zegt: "dat sommige mensen redenen toekenden aan waar we het nu over hebben en er faliekant naast bleken te zitten. Op de vraag of hij ook op redenen doelde die door algemene autoriteiten waren gegeven, antwoordde hij (ouderling Oaks): "Ik heb het over redenen die door algemene autoriteiten zijn geopperd en over redenen die door anderen uitvoerig zijn behandeld. Alle redenen kwamen mij voor als het nemen van onnodige risico's. Laten we niet de fout maken die in het verleden is gemaakt, in dit opzicht en op andere gebieden, om te proberen redenen aan openbaring toe te kennen. De redenen blijken uiteindelijk grotendeels door de mens te zijn bedacht. De openbaringen zijn wat we als de wil van de Heer steunen en daarin schuilt onze veiligheid." Ouderling Oaks gebruikt in 1988 nog het woord openbaring. Echter, als het gaat om de restrictie, dan weten we dat het juiste woord nu 'gebruik' is en niet 'openbaring'.

In dit lesmateriaal wordt ook gezegd dat "we niet alle antwoorden hoeven te kennen, maar we moeten wel op de hoogte blijven van wat we wél weten." Wat weten we nu, heden ten dage, precies? Want er worden nog steeds verklaringen gegeven. Ik heb daar onlangs en in het verleden een voorbeeld van gegeven, met als gemeenschappelijke deler dat men voorbijgaat aan wat we weten, hoe goed ook bedoeld, en aan wat de kerk er zelf heden ten dage over heeft gezegd. 

Ouderling Johnson: "Een andere valkuil, vooral als we al een tijdje lesgeven, is de neiging om vast te houden aan achterhaalde feiten en verklaringen. We zouden er veel beter aan doen de huidige standpunten van de kerk bij te houden." En dan zegt hij dit, uiteindelijk toch nog een heel stuk tekst, ondanks mijn geknip: "Ik ben in de zomer van 1978 voor de seminaries en instituten gaan werken. In juni die zomer werd de openbaring bekendgemaakt dat het priesterschap beschikbaar werd gesteld aan alle mannen die dat waardig waren. In augustus van datzelfde jaar sprak ouderling Bruce R. McConkie, lid van het Quorum der Twaalf, tot personeel van het seminarie en instituut in een bijeenkomst als deze. Hij beklemtoonde hoe de openbaring ons begrip van de kwestie had veranderd. Hij zei: Vergeet alles wat ik eerder heb gezegd, of wat president Brigham Young of president George Q. Cannon of wie dan ook gezegd heeft, wat in strijd is met de huidige openbaring. We spraken met een beperkt begrip en zonder het licht en de kennis die nu in de wereld is gekomen. Het doet er geen greintje meer toe wat wie dan ook over de kwestie heeft gezegd vóór de eerste dag van juni dit jaar." Vervolgens zegt Johnson dit: "Laten we op de hoogte blijven van het licht dat we ontvangen hebben." Op de hoogte zijn is één ding, die ook nog aanvaarden is blijkbaar een geheel ander ding. 


 

Afbeelding: Pixabay