woensdag 11 maart 2026

1. Hagar


"Hij nodigt hen allen uit om tot Hem te komen
en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
man en vrouw
allen zijn voor God gelijk"
2 Nephi 26:33

In het verleden heb ik volop gebruik gemaakt van de evangelieverhandeling ras en het priesterschap. Ik heb er ondertussen een nieuw schriftuurlijk vriendje bij, Schripture Helps. Ik heb daar eerder ook al uit geciteerd, maar vandaag zal ik dat rijkelijk doen. Alles wat schuin geschreven staat komt hieruit. 

Ongemerkt in het kader van 'man en vrouw' wordt mijn persoonlijk lijstje van personen waar ik bij stil wil staan steeds langer. Terwijl ik eigenlijk nog niet eens zo lang onderweg ben. Ondertussen heb ik stilgestaan bij Ada en Zilla, de twee vrouwen van Lamech. Bij de drie dochters van de Egyptische priester Onitah en Egyptus de vrouw van Cham. En vandaag bij Hagar, de Egyptische slavin van Sarai die door haar aan Abraham werd gegeven. 

Allereerst wil ik beginnen met een toespraak van president Russell M. Nelson die het volgende zei over Hagar en Sara: "Het Oude Testament is niet enkel Schriftuur; het is ook een geschiedenisboek. U herinnert zich waarschijnlijk het huwelijk van Sarai en Abraham. Omdat zij kinderloos waren gaf Sarai aan Abraham haar slavin Hagar als vrouw, overeenkomstig de aanwijzingen van de Heer".

"Ondanks de beloften van de Heer aan Abraham dat hij een groot nageslacht zou krijgen, kon Saraï na vele jaren huwelijk nog steeds geen kinderen krijgen. Door Hagar aan Abraham te geven als tweede vrouw, hoopte Saraï Abraham in staat te stellen kinderen te krijgen en de beloften van de Heer te vervullen. Uit latere openbaringen begrijpen we dat dit een gebod van God was dat Abraham en Saraï gehoorzaamden. Het Boek van Mormon leert dat het huwelijk tussen één man en één vrouw Gods geldende huwelijkswet is. God heeft echter soms het meervoudig huwelijk als uitzondering geboden. Een van de redenen die God voor het meervoudig huwelijk heeft gegeven, is zaad voor Hem te verwekken". 

Het interessante is dat het Hagar is, de slavin van Sara, die die rol vervuld. Een Egyptische. Want laten we wel wezen, aan het woord Egypte zit toch een gekleurd randje vanwege Egyptus en de vloek van Cham. Aan dat wat verboden is. "Uit de openbaring van de laatste dagen begrijpen we dat dit een gebod van God was dat Abraham en Sara gehoorzaamden." 

"Toen Hagar ontdekte dat ze zwanger was, werd Sara veracht in Hagars ogen. Dit impliceert dat Hagar een gebrek aan respect of zelfs minachting voor Sara toonde. Toen de spanningen opliepen, herinnerde Abraham Sara eraan dat zij gezag had over Hagar binnen het huishouden en dat Sara kon ingrijpen om het conflict binnen hun gezin op te lossen. Sarah ging vervolgens hardhandig te werk tegen Hagar waardoor Hagar vluchtte". Deze vlucht leidde tot

Hagar's eerste ontmoeting met een engel

"Een engel van de Heer trof haar in de woestijn...
Hagar, slavin van Sarai, waar kom je vandaan en waar ga je heen? vroeg Hij.
Ik ben gevlucht van Sarai, mijn meesteres, antwoordde ze.
Ga naar je meesteres terug, zei de engel van de Heer, en wees haar weer gehoorzaam.
Ik zal je heel veel nakomelingen geven, zo veel dat ze niet te tellen zullen zijn.
Je bent nu zwanger en je zult een zoon ter wereld brengen. 
Die moet je Ismaël noemen."
Genesis 16:7-11

Hoewel Hagar als surrogaat voor Sara optrad, openbaarde de Heer aan haar hoe Ismaël zou heten, samen met de belofte dat haar nageslacht vermenigvuldigd zou worden. Hagar is een van de weinige vrouwen in de Schrift die een goddelijke aankondiging van de geboorte van haar eigen kind ontving. Alleen Hagar en Maria kregen te horen hoe ze hun zonen moesten noemen.

"Toen riep zij de Heer, die tot haar had gesproken, zo aan:
U bent een God van het zien.
Want zei ze, heb ik hier niet hem gezien die naar mij heeft omgezien?"
Genesis 16:13

"De interacties tussen Abraham, Sara en Hagar kunnen ons eraan herinneren dat we allemaal behoefte hebben aan genade, barmhartigheid en verlossing door Jezus Christus. Ondanks hun omstandigheden en onvolmaaktheid hielden Abraham, Sara en Hagar van de Heer en werden ze rijkelijk door Hem gezegend.  Hagar besluit om terug te keren naar Abraham, en Sara stelde haar in staat haar eigen verbondsbeloften met betrekking tot haar nageslacht te ontvangen". 

"En Hagar baarde Abram een zoon;
En Abram noemde den naam des zoons, 
die Hagar gebaard had, Ismael.
En Abram was zes en tachtig jaren oud,
toen Hagar Ismaël baarde."
Genesis 16:15,16

Hagar wist hierdoor dat de Heer over haar waakte. Desondanks wil dat nog niet zeggen dat het voor Hagar makkelijk moet zijn geweest. Zeker met deze woorden van de engel in haar oren "en verneder u onder haar handen". Toch weerhield het haar niet en gaf zij gehoor aan de  woorden van de engel "keer weder tot uw vrouw".

Wanneer Abram 99 jaar oud is krijgt hij van de Heer te horen dat Sara een zoon zal baren. En 

"Abraham zeide tot God:
Och, dat Ismaël mocht leven voor uw aangezicht!
En God zeide: Voorwaar, Sara, uw huisvrouw, zal u een zoon baren,
en gij zult zijn naam noemen Izak;
En Ik zal mijn verbond met hem oprichten"
Genesis 17:18,19

President Nelson: "Abraham hield van Ismaël, maar hij was niet het kind dat het verbond zou doorgeven. Abraham hield zowel van Ismaël als van Izak. God beloofde Abraham dat Ismaël de voorvader van een talrijk en groot volk zou worden. Tegelijkertijd liet God er geen twijfel over bestaan dat het eeuwigdurend verbond met Izak zou worden voortgezet". 

"En aangaande Ismaël heb Ik u verhoord;
zie, Ik heb hem gezegend,
en zal hem vruchtbaar maken, 
en hem gans zeer vermenigvuldigen;
twaalf vorsten zal hij gewinnen,
en Ik zal hem tot een groot volk stellen;
maar Mijn verbond zal Ik met Izak oprichten,"
Genesis 17:20,21

Een jaar nadat God dit tegen Abraham heeft gezegd, krijgen Abraham en Sara inderdaad een zoon die zij Izak noemen. Dan komt de dag dat "Abraham een groten maaltijd maakt, omdat Izak gespeend werd. En Sara zag den zoon van Hagar, de Egyptische, dien zij Abraham gebaard had, spottende. En zij zeide tot Abraham: Drijf deze dienstmaagd en haar zoon uit; want de zoon deze dienstmaagd zal met mijn zoon, met Izak, niet erven. En dit woord was zeer kwaad in Abrahams ogen, ter oorzake van zijn zoon".  Maar God zei tegen Abraham:

"Laat het niet kwaad zijn in uw ogen,
over den jongen,
en over uw dienstmaagd;
al wat Sara tot u zal zeggen, hoor naar haar stem;
want in Izak zal uw zaad genoemd worden.
Doch Ik zal ook den zoon dezer dienstmaagd tot een volk stellen,
omdat hij uw zaad is."
Genesis 21:12,13




Hagar's tweede ontmoeting met een engel

Opnieuw, jaren later, nu vanwege Ismaël, bevindt Hagar zich opnieuw in de woestijn. Hagar en haar zoon zijn verdwaald en uiteindelijk zonder water. Hagar heeft haar zoon, hij moet ondertussen een jaar of veertien zijn, onder een struik achtergelaten omdat ze er niet tegen kon dat ze hem zou zien sterven en barst in tranen uit. "En God hoorde de stem van den jongen; en de Engel Gods riep Hagar toe uit den hemel, en zeide tot haar:

"Wat is u, Hagar? Vrees niet; 
want God heeft naar des jongens stem gehoord, 
ter plaatse waar hij is.
Sta op, hef den jongen op, en houd hem vast met uw hand;
want ik zal hem tot een groot volk stellen.
En God opende haar ogen, dat zij een waterput zag;
en zij ging, en vulde de fles met water, en gaf den jongen te drinken;
En God was met den jongen;"
Genesis 21:17-19

Het Oude Testament beschrijft omgang met Zijn verbondsvolk en de mensen met wie zij in contact kwamen. Onder die verhalen bevinden zich die van vrouwen die een groot geloof in God hadden, en een opmerkelijke kracht toonden. Het Oude Testament geeft ook een inkijkje in de grote uitdagingen waar vrouwen in de oudheid mee te maken kregen, waar ze vaak onderdrukt, misbruikt en op andere manieren slecht werden behandeld. Gewoonten en gebruiken die in de meeste moderne samenlevingen onrechtvaardig en problematisch lijken, werden gevormd door de culturele normen van die tijd. Door de uitdagingen te erkennen waar vrouwen in de tijd van het Oude Testament vaak mee te maken kregen, kunnen we hun geloof nog meer waarderen. Toen Hagar bijvoorbeeld naar de woestijn vluchtte, gaf de Heer haar inzicht in wie ze was, waardoor ze verklaarde dat de Heer een God is die mensen in hun lijden ziet. 

"Je staat er op deze reis niet alleen voor.
Je vader in de hemel kent je.
Zelfs als niemand anders je hoort, dan hoort Hij je wel.
De belangstelling van je hemelse Vader hangt niet af van 
hoe rijk, hoe mooi, hoe gezond of hoe slim je bent.
Hij ziet je niet zoals de wereld je ziet.
Hij ziet wie je echt bent.
Hij ziet je hart aan."


"De Heer weet wie je echt bent. Je staat er op deze reis niet alleen voor." Dit alles is terug te zien in het verhaal van Hagar, die zelf niet anders dan dit kan bevestigen. Dit blijkt wel uit haar woorden: "U bent een God van het zien", waardoor ze tot het inzicht kwam wie ze was. Een dochter van hemelse Vader. 

Ondanks dat kan ik niet zomaar verder reizen. Omdat haar naam ook voorkomt in zowel het Nieuwe Testament, hierin wordt opnieuw over haar gesproken als de niet-vrije, als in de Leer en Verbonden, waar men het heeft over concubine's. Daarnaast is daar mijn rode draad allen zijn gelijk voor God. Waar plaats ik Hagar de slavin, de niet-vrije, een dochter van hemelse Vader, in deze zin. En dan heb ik nog deze opmerking dat de Heer niemand verwerpt die tot hem komt, man en vrouw. Dat niemand verworpen wordt blijkt wel uit Hagar's verhaal. Maar waar plaats ik Ismaël in het geheel, als zijnde zaad van Abraham? En dan is er nog Ketura, die eigenlijk ook niet mag ontbreken in dit verhaal. Met wie Abraham zes zonen kreeg, waaronder Midian. 

Ik heb nog geen route uitgestippeld, maar vroeg of laat, afhankelijk van hoe de wind waait, ga ik zeker nog een keer stil staan bij Hagar en haar zoon Ismaël. Dat weet ik dan wel weer. Bij Ketura waarschijnlijk wanneer Mozes Egypte ontvlucht. 



vrijdag 6 maart 2026

Het Cham-pad

 

"En Noach begon een akkerman te zijn, en hij plantte een wijngaard.
En hij dronk van dien wijn, en werd dronken, 
en hij ontblootte zich in het midden zijner tent.
En Cham, Kanaäns vader, zag zijns vader naaktheid,
en hij gaf het zijner broederen daarbuiten te kennen.
Toen namen Sem en Jafeth een kleed, en zij leiden het op hun beider schouderen,
en gingen achterwaarts, en bedekten de naaktheid huns vaders;
en hun aangezichten waren achterwaarts gekeerd, 
zodat zij de naaktheid huns vaders niets zagen.
En Noach ontwaakte van zijn wijn; 
en hij merkte wat zijn kleinste zoon hem gedaan had.
En hij zeide: Vervloekt zij Kanaän; een knecht der knechten zij hij zijn broederen!
Voorts zeide hij: Gezegend zij de HEERE, de God van Sem;
en Kanaän zij hem een knecht!
Genesis 9:20-27


In Scriptures Helps kunnen we de volgende uitleg lezen over bovenstaande tekst: 
"De Schrift geeft geen duidelijk verklaring 
-waarom Ham's zoon Kanaän vervloekt werd vanwege de overtreding van zijn vader tegen Noach. 
- Het is ook niet duidelijk wat Hams overtreding precies inhield, maar het lijkt erop dat hij zijn vader niet respecteerde of misschien iets heiligs onteerde. 
- Omdat we niet alle relevante details van het verhaal kennen, weten we niet precies wat er gebeurde of wat de betekenis ervan was. 
- Door Kanaän te vervloeken verklaarde Noach dat Kanaän een dienaar van Sem en Jafeth zou zijn. 
- Joseph Smiths geïnspireerde vertaling van de Bijbel voegt daaraan toe dat een sluier van duisternis Kanaän zou bedekken, zodat hij onder alle mensen bekend zou zijn. De betekenis van deze sluier van duisternis is onduidelijk. 
- Sommigen hebben de vloek van Kanaän ten onrechte gebruikt om slavernij en discriminatie te rechtvaardigen, met name jegens mensen van Afrikaanse afkomst. De Heer heeft geleerd: Het is niet juist dat iemand een ander tot slaaf maakt. 
- Bovendien leert het Boek van Mormon dat de Heer iedereen uitnodigt om tot Hem te komen en deel te hebben aan Zijn goedheid, want allen zijn gelijk voor God"


Ondanks bovenstaand commentaar kan ik de bordjes langs de weg met de tekst 'Het verleden werkt door' niet negeren. Cham, de jongste zoon van Noach is daar helaas een 'prachtig' voorbeeld van. Twee jaar geleden, in het kader van 150 jaar afschaffing slavernij heeft het Nederlands Dagblad onderzoek gedaan naar Cham en zijn vloek: De vloek van Cham: hoe een giftige theorie tot op vandaag wordt doorverteld aan kinderen. Ik denk dat de titel van dit artikel voor zich zelf spreekt. 

Uiteraard wordt er in dit artikel van het Nederlands Dagblad aandacht gegeven aan bepaalde teksten uit de Bijbel die eeuwenlang gebruikt zijn om de slavernij te rechtvaardigen. Daarnaast werd er gesproken of we nu wel of niet aandacht aan de vloek van Cham moeten geven. Ook werd in dit artikel gesproken, als je toch deze geschiedenis wil bespreken, of het misschien zinvol is deze Bijbels te voorzien van extra uitleg in plaats van het te negeren, wat ik ook terug zie in mijn Gospel Library App. (Engelse taal)

In het artikel wordt ook gezegd hoe iets in iemands hoofd kan gaan zitten, zeker als dit keer op keer maar herhaald wordt. In die zin, denk ik, algemeen gesproken, moeten wij ook als het ware onthoofden, en kunnen we de boodschap, tegengesteld aan de vloek van Cham, niet vaak genoeg herhalen. Want laten we wel wezen, ook wij, kijkend naar onze eigen kerkgeschiedenis, kunnen niet heen om het feit hoe kerkleiders en -leden beïnvloed zijn geweest door deze "giftige theorie", met alle gevolgen van dien. 

Vandaar ook dat in de evangelieverhandeling ras en het priesterschap het volgende hierover gezegd wordt, wat ik niet los kan zien van de restrictie: "Deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. Die ideeën waren eerder gebruikt om de legalisatie van zwarte herendienst in het Territorium Utah te propageren. Eén denkbeeld bestond in de Verenigde Staten al in de jaren dertig van de achttiende eeuw, namelijk dat zwarten afstamden van de Bijbelse figuur Kaïn, die zijn broer Abel vermoordde. Aanhangers van deze overtuiging geloofden dat God Kaïn had vervloekt met een donkere huid. Dienstbaarheid van zwarten werd soms beschouwd als een tweede vloek op Kanaän, de kleinzoon van Noach, wegens Chams gebrek aan respect voor zijn vader. 


Ik deel opnieuw, ondertussen voor de derde keer, bovenstaande afbeelding. Dit is mijn manier van herhalen. Zie het tevens maar als een waarschuwingsbord op het Cham-pad. Let op, stap niet in de valkuil van het verleden. Een valkuil die te maken heeft met Kaïn, Cham en zijn vrouw Egyptus en uiteraard de vloeken van Kaïn en Cham. In Abraham hoofdstuk 1 wordt niet alleen gesproken over De dochters van Onitah, drie opmerkelijke jonge vrouwen, rechtstreeks uit de lendenen van Cham, maar ook over twee andere nakomelingen van Cham. De Farao die de eerste regering van Egypte vestigde en de Farao uit de dagen van Abraham. 

Scripture Helps, Abraham 1:
"Abraham gaf een korte uitleg over de ontdekking en bewoning van Egypte na de zondvloed. Hij schreef over een vloek in het land die bewaard bleef tot in het nageslacht van Noach's zoon Cham. Abraham merkte later op dat de eerste Farao een rechtvaardig man was. Hij zei dat Noach Farao zegende met de zegeningen van de aarde en met de zegeningen van wijsheid maar hem vervloekte wat betreft het priesterschap. Deze verzen geven geen duidelijke verklaring voor de aard van de vloeken of de reden ervoor. In het verleden hebben sommigen de vloek van Cham's nageslacht ten onrechte in verband gebracht met de beperking voor het priesterschap en de tempel die in onze bedeling golden voor mensen van Afrikaanse afkomst. De Kerk verwerpt deze en andere vroegere theorieën die een verklaring probeerden te geven voor de beperking voor het priesterschap en de tempel". 

Scripture Helps, Abraham 1:
In de voetnoot van ditzelfde stuk kunnen we lezen: "Sommigen hebben gespeculeerd dat de Farao geen recht had op het priesterschap omdat hij een afstammeling was van Kaïn via Egyptus, de vrouw van Cham. Maar deze opvatting gaat verder dan wat de Schrift leert en zou vandaag de dag niet langer moeten worden verkondigd".  


De reden dat ik deze groep heb afgeplakt is dat het mij er niet om gaat wie wat heeft gezegd, maar dat het gezegd wordt. In dit artikel geeft iemand als reactie "dat Hager wist waarom Ismaël niet het priesterschap kon krijgen, omdat zijn moeder, Hagar, een nakomeling was van Kaïn. Deze vloek van Kaïn werd namelijk via Egyptus, die getrouwd was met Noach's zoon Cham, doorgegeven aan zijn nageslacht". Dit is voor mij slechts een voorbeeld van hoe het racisme van het verleden doorwerkt in het heden. Ook bij ons in de kerk. 

Wat betreft de dienstbaarheid van zwarten, vanaf het begin van de herstelling heeft de Heer onderwezen dat "het niet juist is dat iemand een ander tot slaaf maakt", LV 101:79. Daarnaast, omdat "vooroordelen diepgeworteld zijn", is het belangrijk om te onthouden, "dat de kerk de theorieën die men in het verleden aanhaalde, dat een zwarte huid een teken is van goddelijke ongunst of vervloeking, of dat een zwarte huid wijst op onrechtschapen handelingen in het voorsterfelijk leven en/of dat zwarten of mensen van andere rassen of volkeren ondergeschikt zijn, heeft verworpen". 

Het is mij om het even wat voor huidskleur iemand heeft uit het pleisterdoosje "omdat onze status voor God niet door onze huidskleur wordt bepaald". "Hij verwerpt niemand die tot Hem komt, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw; allen zijn voor God gelijk.
 

maandag 2 maart 2026

Het vertellen van je verhaal

 


Onlangs waren wij in het Noordbrabants museum, waar wij onder andere naar de tentoonstelling Ketahanan 'verhalen van veerkracht' zijn geweest. Een tentoonstelling die in samenwerking met de Molukse gemeenschap is gemaakt en die "opgebouwd is rond vier thema's: (de)kolonisatie, diaspora, veerkracht en toekomst". 



"Deze tweedelige collage van Eva Ririhena toont haar twee grootmoeders. 
Dora van moederskant en Johanna van vaderskant. 
Hiermee laat ze zien dat haar identiteit bestaat uit twee helften, 
twee achtergronden, van twee kanten van de wereld. 
Tegelijkertijd blijven deze vrouwen voor altijd verbonden via haar."


Ik kon mijzelf herkennen in bovenstaande collage, maar ook in de thema's die aan bod kwamen. En zeker ook in de opmerking dat het verleden doorwerkt in het heden. Alhoewel ik daar in een ander jasje stond, zijn dit ook onderwerpen die deel uitmaken van mijn verhaal. Wat mij, ik reis nog steeds door de Schriften, mij brengt bij de vloek van Cham, die  eeuwenlang gebruikt is voor het rechtvaardigen van slavernij. 

Voordat ik echter het Cham-pad op ga wil ik eerst stil staan bij iets anders. Onlangs heb ik weer een uitnodiging van het ziekenhuis gehad voor een controle afspraak. Volgende maand is het vier jaar geleden dat ik de diagnose kanker kreeg. Er staat dus weer een onderzoek voor de deur. Het kan zijn dat ik daar op een later moment nog op terug kom. 

In de periode dat ik mijn diagnose kreeg bestudeerden wij ook het Oude Testament en ben ik met kanker in mijn rugzakje, al schrijvend op reis geweest met het volk van Israël. Toen dit traject was afgerond,  heeft die ervaring mij aangezet om al schrijvend te blijven reizen. Echter, ergens tijdens die reis veranderde steeds meer de inhoud van mijn rugzakje en besloot ik op een gegeven moment dat het tijd was om over te stappen op een andere trein. Niet alleen dat, ik besloot ook deze ervaringen niet voor mijzelf te houden maar verslag te doen van wat ik zoal onderweg tegen kwam. En zo reisde ik van het Oude Testament naar het Nieuwe Testamemt. Daarna bezocht ik het Boek van Mormon en vorig jaar de Leer en Verbonden. En dan nu terug bij het Oude Testament, waar het in wezen allemaal mee begon. 

Terugkijkend op mijn reis door de Schriften tot nu toe kan ik zeggen dat ik ondertussen het nodige heb geschreven. Een reis die uiteindelijk begon met God houdt van diversiteit. Daarna was alles grotendeels afhankelijk van waar ik was op dat moment. Onlangs in onze eigen wijk nog, die bestaat uit 19 verschillende nationaliteiten, waaronder leden uit Curacao, Brazilië, Peru, Roemenie, Dominicaanse Republiek, India, Italie, Nigeria, Schotland en Wit-Rusland, om een paar landen als voorbeelden te noemen, sprak onze bisschop nog over eenheid en het belang van diversiteit. Ondanks de aandacht voor dit onderwerp binnen de kerk is dit voor mij geen reden om mijn reis te beëindigen, hoe aantrekkelijk dit soms ook lijkt. Er zijn nog te veel Oude Testament plaatsen die ik wil bezoeken en waar ik verslag van wil doen. 

Daarnaast heb ik nog niet ervaren hoe het is om door het Oude Testament te reizen met in mijn rugzakje dat "allen gelijk zijn voor God". Kanker heeft daar toentertijd een stokje voor gestoken. Daar op terugkomend, mensen denken dat als je 'klaar' bent met je behandelingen dat dan de vlag uit kan. Alleen je bent er dan nog niet. De fase erna heeft zo ook zijn eigen uitdagingen. Ga je overleven, herleven of voortleven? 

Kijkend naar de openbaring op het priesterschap, toen ging min of meer wel de vlag uit, en gaf ouderling Bruce R. McConkie na deze gebeurtenissen een toespraak waarin hij zei: "Vergeet alles wat ik heb gezegd of wie dan ook in het verleden heeft gezegd dat in strijd is met de huidige openbaring. We spraken met een beperkt begrip en zonder het licht en de kennis die nu in de wereld is gekomen". Echter zo eenvoudig bleek dit vergeten niet te zijn, waardoor de vlag toch iets minder fier wapperde

Over deze fase na het opheffen van de restrictie zei Carol Lawrence-Costly, voormalig raadgeefster in het algemeen jongevrouwen presidium, het volgende: "Ondanks dat de ban in 1978 eindigde betekende dit geen einde aan oude ideeën binnen en buiten de kerk. Ik geloofde, naïef gedacht, dat het priesterschap voor elke man in de kerk racisme onder leden zou wissen of afschaffen. Ik begreep toen nog niet dat de vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". Wat ik zie als de doorwerking, of een bijwerking, van het racisme uit het verleden in het heden.

En zo zag ik meer overeenkomsten tussen mijn beide rugzakjes. Behandeld worden voor kanker is niet alleen een lichamelijk proces, het beïnvloed je leven op tal van andere manieren. En zo is de restrictieperiode ook gelinkt aan allerlei andere onderwerpen. Bijvoorbeeld aan het voorbestaan, het eeuwig huwelijk, de vloek van Kaïn en Cham en niet te vergeten het verbond van Abraham, waar we het nu over hebben. Of het opslaan van mijn tent bij de Kirtlandtempel wat daar mee te maken heeft, en de woorden van president Russell M. Nelson: "Op grond van priesterschapssleutels hebben wij het gezag om alle zegeningen die God aan Abraham beloofde aan iedere verbondsgetrouwe man en vrouw te verlenen. Tempelwerk maakt deze uitzonderlijke zegeningen aan al Gods kinderen beschikbaar, waar of wanneer ze ook leefden of leven. Laten we ons verheugen dat priesterschapsleutels weer op aarde zijn!" 

Wat voor mij ook vervat zit in deze ene zin, wat te maken heeft met de Hoe van de herstelling:
Jezus brak met de vastgeroeste traditie van vijandigheid 
tussen zwart en wit
Wat een variatie is op "Jezus brak met de vastgeroeste traditie van vijandigheid tussen Samaritanen en Joden", afkomstig uit een toespraak van ouderling Ulisses Soares. 

In één van de voetnoten van deze toespraak van ouderling Soares verwijst hij naar een toespraak van Martin Luther King jr.: Facing the Challenge of a New Age, de uitdaging van een nieuw tijdperk aangaan. Sommige mensen maken onderscheid tussen hun leven voor en na de kanker. Zover ben ik nog niet omdat ik nog in remissie zit. Daarnaast, wat ik ook zie als iets behorend bij deze fase, is het vertellen van mijn verhaal en mijn uiteindelijke beslissing om dit te doen aan de hand van de Schriften. 

In Facing the Challenge of a New Age, zegt Martin Luther King namelijk iets wat ik herkende: "De grote tragedie van fysieke slavernij was dat het leidde tot verlamming van mentale slavernij. Zolang de zwarte man deze onderdanige houding behield en de hem toegewezen plaats accepteerde, heerste er een soort raciale vrede. Maar het was een ongemakkelijke vrede waarin de zwarte man gedwongen werd geduldig beledigingen, onrecht en uitbuiting te verdragen. Het was een negatieve vrede. Ware vrede is niet slechts de afwezigheid van een negatieve kracht - spanning, verwarring of oorlog; het is de aanwezigheid van een positieve kracht - rechtvaardigheid, goede wil en broederschap. En zo was de vrede die op dat moment tussen de rassen bestond een negatieve vrede, verstoken van elke positieve en blijvende kwaliteit. Zijn religie openbaarde hem dat God al zijn kinderen liefheeft, en dat ieder mens, van een zwarte tot een witte, van belang is op Gods klavier...Met dit nieuwe zelfrespect en hernieuwde gevoel van waardigheid bij de zwarte bevolking werd de negatieve vrede in het Zuiden snel ondermijnd." Wat mij doet denken aan Rood is de kleur van...

Onlangs bespraken wij in onze vrouwenorganisatie opnieuw een toespraak van ouderling Soares die als titel had Met de deugd van zelfbeheersing getooid. Zoals wij de toespraak in onze vrouwenorganisatie bespraken stond het woord zelfreflectie centraal. Zelfreflectie, maar dan gezien door de ogen van kanker, heeft ook te maken met dat je naar binnen kijkt, naar wat wel of niet goed gaat en hoe daarmee om te gaan. Vaak heeft men het dan ook over verschillende fases die je doorloopt. Over de laatste fase, heroriëntatie en aanpassen aan nieuwe situatie, werd dit gezegd: "Veel mensen ervaren deze 2.0 versie van zichzelf als beter dan wie ze waren voor ze ziek waren. Je hebt sinds de diagnose een lange weg afgelegd met veel dips en uitdagingen. Maar meestal hervind je jezelf. Of kom je er sterker uit". Dat is een bemoedigende uitkomst. Alleen het bezig zijn met die 2.0 versie van mijzelf voelt gek genoeg, omdat ik nog druk bezig ben met dit rugzakje, toch als een ander rugzakje, als een andere reis.   

In  de toespraak 'Met de deugd van zelfbeheersing getooid' werd ook Martin Luther King jr. aangehaald, alleen nu niet als voetnoot: "De ultieme maatstaf voor iemands karakter is niet waar hij staat in tijden van voorspoed en comfort, maar waar hij staat in tijden van tegenspoed en controverse". Als er iemand werd geconfronteerd met tegenspoed en controverse was het Martin Luther King jr. wel. "Martin Luther Kings filosofie van niet-gewelddadig verzet leidde bij talrijke gelegenheden tot zijn arrestatie. In totaal is hij 29 keer opgepakt. King werd gehaat door aanhangers van de rassenscheiding in de zuidelijke staten. Er werd een aanslag op zijn woonhuis gepleegd en hij en andere zwarte leiders werden op beschuldiging van samenzwering veroordeeld. Hij werd in de borst gestoken, meermaals geslagen, en bijna dagelijks met de dood bedreigd". Ondanks dit alles bleef hij trouw aan zijn principes en bleef hij zich vasthouden aan zijn droom. 

In die zin, zeker kijkend naar deze toespraak van ouderling Soares, vind ik Martin Luther King jr. een voorbeeld van iemand die met de deugd van zelfbeheersing getooid was. Zeker als ik kijk naar hem door deze woorden: "Hoewel we ernaar streven zachtmoedig te zijn en twist te vermijden, betekent dat niet dat we moeten marchanderen met onze toewijding aan de waarheden die we begrijpen. We moeten ons standpunt of onze waarden niet opgeven. Het evangelie van Jezus Christus en de verbonden die we gesloten hebben, maken ons voorvechters in de eeuwige strijd tussen waarheid en dwaling. In die strijd is er geen tussenweg". 

Als vader had Martin Luther King jr. een wens. Dat zijn vier kinderen zouden opgroeien in een wereld waar ze niet zouden worden beoordeeld op de kleur van hun huid, maar op wie ze waren als persoon. Getuigt zijn verhaal juist ook niet van goed voorouderschap?




donderdag 26 februari 2026

De dochters van Onitah


"en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
man en vrouw"
2 Nephi 26:33

Voordat ik ergens anders bij stil sta wil ik eerst aandacht geven aan drie jonge vrouwen. Drie vrouwen waar ik, net als bij Ada en Zilla, niet zomaar aan voorbij kan lopen, omdat ze het waard zijn om genoemd te worden. Niet alleen dat, ook dienen als voorbeeld.

"Deze priester nu had op dit altaar drie maagden tegelijk geofferd,
die de dochters van Onitah waren,
iemand van koninklijke afstamming, 
rechtstreeks uit de lendenen van Cham.
Deze maagden werden wegens hun deugd geofferd;
zij wilden zich niet neerbuigen om goden van hout of steen te aanbidden;
daarom werden zij op dit altaar gedood"
Abraham 1:11

Samen zijn deze drie dochters van Onitah, ze worden zelfs niet eens bij naam genoemd, goed voor één vers in onze standaardwerken. Ondanks dat, of misschien juist wel hierdoor, weten we eigenlijk meer dan genoeg. 

Dochters van Onitah 


Opmerkelijke jonge vrouwen
Neal A. Maxwell 


Wat ik bijzonder vind, zie het maar als een schepje bovenop, nog even los van dat er gesproken wordt over koninklijke afstamming, is dat zij rechtstreeks kwamen "uit de lendenen van Cham". In die zin is er een overeenkomst met Ada en Zilla, zij behoorden namelijk tot de lijn van Kaïn op wie een teken en een vloek rustte. In hoeverre kunnen we hun voorvader Cham los zien van de vloek van Cham? Cham die door de eeuwen heen zwart is gemaakt, ik heb het nu niet over de kleur van een huid, wiens naam door de eeuwen heen gebruikt werd om racisme en slavernij te rechtvaardigen. 

Los van afstamming is er nog een overeenkomst. Want net zoals Ada en Zilla niet bogen voor Lamech, bogen deze dochters van Onitah niet voor "goden van hout en steen". Toch is er ook een verschil. Rond Ada en Zilla ervoer ik een stilte, die in zekere mate ook rond deze drie vrouwen was en is, maar niet zoals bij de eerst genoemden. Ik kwam namelijk het volgende commentaar tegen: "Ouderling Neal A. Maxwell van het Quorum van de Twaalf Apostelen besprak deze drie deugdzame jonge vrouwen, samen met drie uitzonderlijk  trouwe jonge mannen - Sadrach, Mesach en Abednego (zie Daniel 3:12-30) - als wonderbaarlijke voorbeelden van het doorstaan van onzekerheid en het vertrouwen op God: Naast die drie jonge mannen zijn er drie jonge vrouwen van wie we de namen niet kennen. Ze worden genoemd in het boek Abraham. Opmerkelijke jonge vrouwen over wie ik graag meer zou willen weten. Ze werden daadwerkelijk op het altaar geofferd omdat ze niet wilden neerbuigen om een afgodsbeeld van hout of steen te aanbidden (Abraham 1:11). Op een dag zullen de gelovigen hen ontmoeten. (zie Not my Will, but Thine, 1988)."

In Schriture Helps, wat ben ik blij met deze aanvulling van de kerk, is een artikel dat gaat over Women in the Old Testament. In dit artikel kunnen we onder andere het volgende lezen: "Het Oude Testament beschrijft Gods omgang met Zijn verbondsvolk en de mensen met wie zij in contact kwamen. Onder deze verhalen bevinden zich beschrijvingen van vrouwen die een groot geloof in God hadden en opmerkelijk geestelijke kracht toonden. Het Oude Testament geeft ook een inkijkje in de grote uitdagingen waar vrouwen in de oudheid mee te maken kregen, waar ze vaak werden onderdrukt, misbruikt en op andere manieren werden mishandeld". 

In dit artikel, Women in the Old Testament, heeft men het ook over deze drie opmerkelijke jonge vrouwen: "Zelfs wanneer we verhalen tegenkomen over vrouwen die weinig details bevatten, kunnen we over deze ervaringen nadenken en vragen stellen om een dieper begrip te krijgen. Abrahams verhaal vermeldt bijvoorbeeld kort de dochters van Onitah, een man van koninklijke afkomst van Cham. Deze drie dochters werden op een altaar geofferd vanwege hun deugdzaamheid: ze weigerden voor afgoden te buigen. We kunnen inzicht verkrijgen door ons af te vragen wat we van het voorbeeld van deze vrouwen kunnen leren. Wat betekent het dat ze deugdzaamheid toonden door afgoden te weigeren te aanbidden? Hoe ziet die deugdzaamheid er vandaag de dag uit?"

Ik ben op reis, onderweg genietend van het uitzicht. 


maandag 23 februari 2026

3. Gods koninkrijk is een 'melting pot'


"geloof en bekeer u van uw zonden
en laat u dopen in de naam van Jezus Christus, de Zoon van God,
evenals onze vaderen,
en u zult de Heilige Geest ontvangen,
opdat alle dingen u geopenbaard kunnen worden"


Dit keer heb ik bewust niet vermeld waar we deze tekst uit de standaardwerken kunnen terug vinden. Vooral de woorden "evenals onze vaderen" kunnen je op het verkeerde been zetten. Het was echter Noach (zie Mozes 8:24), die dit zei in de dagen van vóór de zondvloed. 




Het had echter ook zomaar een tekst uit het Boek of Mormon, de Leer en Verbonden of uit het Nieuwe Testament kunnen zijn.

"En Petrus zeide tot hen:
Bekeert u, en een iegelijk van u worden gedoopt
in den Naam van Jezus Christus,
tot vergeving der zonden;
en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen."
Handelingen 2:38


Hier wil ik alleen maar mee aangeven dat God's boodschap, altijd en overal, hetzelfde klinkt. En dat iedereen, altijd en overal, is uitgenodigd. Wat mij ook deed denken aan, nu ik toch citeer uit het Nieuwe Testament, de eerste alinea van de proclamatie over de herstelling: "Wij verklaren plechtig dat God zijn kinderen in alle landen van de wereld liefheeft. God de Vader heeft ons de goddelijke geboorte, het weergaloze leven en het oneindige zoenoffer van zijn geliefde Zoon, Jezus Christus, gegeven. Door de macht van de Vader is Jezus herrezen en heeft Hij de dood overwonnen. Hij is onze Heiland, ons Voorbeeld en onze Verlosser". 

De boodschap van het evangelie is eeuwig. President John Taylor heeft het volgende hierover gezegd: "De mens is niet altijd even ontvankelijk geweest voor dezelfde hoeveelheid licht, waarheid en intelligentie als hij in andere tijden had genoten. God heeft in sommige gevallen het licht van zijn aanschijn - zijn Heilige Geest - het licht en de intelligentie die van Hem uitgaan - in zekere mate ingetrokken; maar zijn wetten zijn onveranderlijk en Hij is dezelfde eeuwige, onveranderlijke persoon. De waarheid verandert niet. Wat 1800, 4000 of 6000 jaar geleden waar was, is ook nu nog waar, en wat ooit verkeerd was, is ook nu nog verkeerd. Waarheid is eeuwig en onveranderlijk, net als de grote Elohim, en het is aan ons om haar beginselen te leren kennen, haar te leren waarderen en haar op onszelf toe te passen. Omdat het evangelie een beginsel is dat van God afkomt, is het net als Hij gisteren en heden en voor eeuwig hetzelfde - oneindig en onveranderlijk. God heeft het voor het eeuwig heil van de mens ingesteld, voordat de morgensterren tezamen juichten, voordat deze wereld ontstond. Het was altijd al in Gods gedachten, en zo vaak als er navraag naar werd gedaan, is het geopenbaard als een eeuwig, onveranderlijk plan waarmee de mens verlost, gezegend, verhoogd en verheerlijk wordt...Hieruit leren we dat de beginselen van het evangelie in de eerste tijdperken van de wereld hetzelfde waren als in onze tijd". 

"Dus toen God met Henoch, Noach, Mozes en anderen over verbonden sprak, moedigde Hij hen aan om een vertrouwensrelatie met Hem aan te gaan. We noemen dit verbond het nieuw en eeuwigdurend verbond of het verbond van Abraham - wat verwijst naar het verbond dat God met Abraham en Sara sloot en dat Hij later met hun nakomelingen Izak en Jakob  hernieuwde. In het Oude Testament werd het eenvoudigweg 'het verbond' genoemd. Je zult zien dat het Oude Testament eigenlijk het verhaal is van de mensen die zichzelf als de erfgenamen van dit verbond beschouwden: het verbondsvolk. Het verbond van Abraham is ook tegenwoordig belangrijk, vooral voor heiligen der laatste dagen. Waarom? Omdat wij ook tot het verbondsvolk behoren, of we nu letterlijk nakomelingen van Abraham, Izak of Jakob zijn of niet. Daarom is het belangrijk dat we begrijpen wat het verbond van Abraham is en hoe dat op ons van toepassing is". 

Bij de woorden dat het belangrijk is dat we begrijpen wat het verbond van Abraham is, kan ik niet anders dan denken aan Jane Elizabeth Manning James, een getrouw zwart lid van de kerk die zich afvroeg of er voor haar geen zegen was weggelegd "omdat God immers had beloofd alle volken der aarde door Abraham te zegenen". Terecht dat ze dacht dat de beloofde zegeningen die voortvloeien uit het verbond van Abraham ook op haar van toepassing was. 




donderdag 19 februari 2026

2. Gods koninkrijk is een 'melting pot'






Wanneer deze afbeelding nieuw voor je is ga dan terug naar....Onze ware identiteit en labels. Het lijkt bijna net een bordspel. Ga direct naar de gevangenis, ga niet langs start. Wanneer je in de gevangenis zit dan word je in in je doen en laten beperkt, meestal als gevolg van je eigen gedrag. Toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van de profeet Joseph Smith herstelde, werd er geen onderscheid gemaakt tussen "zwarte en witte, allen waren gelijk voor God". "Echter, vanaf het midden van de negentiende eeuw tot 1978 werden zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet tot het het priesterschap geordend en mochten zwarte mannen en vrouwen niet deelnemen aan de tempelbegiftiging of aan verzegelverordeningen". In dit opzicht werden zij in hun doen en laten beperkt, met dit verschil, dat zij geen schuld droegen aan deze beperking. Het probleem is echter dat in die periode, zowel door kerkleiders als -leden het nodige is onderwezen dat door de kerk nu is verworpen en dat zij "in deze tijd elke vorm van racisme in het heden of verleden veroordelen".

Mozes 7 is een uitgelezen kans om opnieuw uit één van die boeken uit het verleden te citeren. Echter dan sta ik opnieuw stil bij dit insect van racisme uit het verleden. Aan de andere kant, dit insect van racisme kan ook niet volledig door mij genegeerd worden, dit vanwege de doorwerking in het heden wat ik niet los kan zien van stil staan bij de wortels.  De wortels hebben voor mijn gevoel echter ook te maken met context. Want waar plaats ik de restrictie in het plan van zaligheid, in het verbond van Abraham, in de herstelling van de nieuwtestamentische kerk, in wat vóórdat de wereld er was? Wat veel verder gaat dan de openbaring op het priesterschap in 1978, dat in wezen alleen de blaadjes schoon veegde. Waarschijnlijk onnodig om te zeggen, maar ik doe het toch...... ik ben nog niet klaar met dit ijsje. 

Voor nu wil ik echter stil staan bij deze laatste alinea uit de evangelieverhandeling ras en het priesterschap: "De kerk verklaart dat verlossing door Jezus Christus voor de hele mensheid beschikbaar is volgens de voorwaarden die God eraan heeft verbonden. Ze bevestigt dat God niet iemand om de persoon aanneemt en verklaart uitdrukkelijk dat elke rechtschapen mens, ongeacht zijn of haar ras, genade vindt bij Hem. De leringen van de kerk met betrekking tot de kinderen van God worden samengevat in een vers uit het tweede boek van Nephi: De Heer verwerpt niemand die tot Hem komt, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw, allen zijn voor God gelijk." Hebben "de voorwaarden die God eraan heeft verbonden" uiteindelijk ook niet te maken met de context waar ik het in voorgaande alinea over heb?

Ondertussen denk ik dat deze tekst uit het Boek van Mormon misschien wel de meest geciteerde tekst op mijn blog is. Naast natuurlijk de evangelieverhandeling ras en het priesterschap. Wie alleen zijn Schriften in het Nederlands leest, heeft misschien Scripture Helps, wat een nieuwe studiehulp is, gemist. Ik heb al eerder hieruit geciteerd. Dat was toen ik een logje had geschreven met de titel Speculaties rond de vloek van Kaïn.  Onderstaande twee voorbeelden komen ook uit deze studiehulp. En ja, opnieuw gaat het over Kaïn, wat natuurlijk niet zonder reden is. 

Wat weten we over de kinderen van Kanaän en hun vloek?
Er is weinig bekend over de inwoners van Kanaän die voor de zondvloed leefden. Ondanks de gelijkenis in naam, is er geen Bijbels bewijs dat suggereert dat deze mensen verwant zijn aan Kaïn. Evenmin is er bewijs dat ze verbonden zijn met de rechtvaardige bewoners van het land Kenan genoemd naar de overgrootvader van Henoch. Ze verschillen ook van Noachs kleinzoon Kanaän en van de Kanaänieten die vaak in het Oude Testament worden genoemd en die later kwamen. Henoch profeteerde dat de kinderen van Kanaän vervloekt zouden worden met onvruchtbaar land, blijkbaar omdat ze de inwoners van Shum hadden uitgeroeid. Het verslag vermeldt vervolgens dat duisternis over de kinderen van Kanaän kwam en dat ze veracht werden onder alle volken. Wat duisternis in dit vers betekent, is onduidelijk. Sommigen hebben aangenomen dat duisternis verwijst naar een donkere huidskleur, maar er is niets in de tekst dat deze interpretatie rechtvaardigt. 

Wat betekent het dat het nageslacht van Kaïn zwart was?
Net als bij de beschrijving van de duisternis die over het volk van Kanaän kwam in Mozes 7:8, is de betekenis zwart in vers 22 onduidelijk. Een beschrijving van Kaïns nakomelingen, die eerder in het boek van Mozes te vinden is, vermeldt dat God hen niet diende omdat hun werken in het duister waren en zij de geboden van God niet hielden. Nadat Kaïn een onheilig verbond met Satan had gesloten en zijn broer Abel had gedood, sprak de Heer een vloek over Kaïn uit. De vloek van Kaïn hield in dat de grond geen gewassen voor hem zou voortbrengen, dat hij als een vluchteling zou rondzwerven en dat hij van Gods aanwezigheid zou worden afgescheiden. De Heer plaatste ook een ongespecificeerd teken op Kaïn om te voorkomen dat anderen wraak op hem zou nemen. Er is geen enkele aanwijzing in de Schrift dat Kaïns teken werd doorgegeven aan zijn nakomelingen. We moeten speculeren over de aard of het uiterlijk van het merkteken dat op Kaïn werd geplaatst, of over de vraag of de vloek op iemand anders dan hem van toepassing was, vermijden."

Bovenstaande teksten uit de studiehulp hebben allemaal op de een of andere manier te maken met een teken of een vloek. In het verleden heb ik een aantal stukjes geschreven over aanpassingen in de Schriften. Mozes 7 vers 8 en vers 22 zijn ook voorbeelden van aanpassingen in voetnoten van de Schriften. Beide verzen, wat in het verleden niet zo was, verwijzen nu naar 2 Nephi 26:33. Dit lijkt misschien een kleinigheid, maar geloof me, dat is het niet. Zeker als je ze leest in de context van de Officiële Verklaring 2: "In de tijd van Joseph Smith is een klein aantal zwarte mannelijke leden van de kerk tot het priesterschap geordend. Ook blijkt uit de geschiedenis van de kerk dat de kerkleiders al vroeg ophielden met het verlenen van het priesterschap aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst". Door deze aanpassing werd duidelijk gemaakt dat de restrictie er niet was vanaf het begin van de herstelling van de kerk. Pas na de dood van Joseph Smith tot 1978. 

Tot slot nog deze woorden van president Dallin H. Oaks uit zijn toespraak Alle mensen overal: "Hij nodigt allen uit. We begrijpen man en vrouw. We begrijpen ook zwarte en witte, wat alle rassen betekent. Maar hoe zit het met slaaf en vrije? Tenslotte is een slaaf ook iemand die gevangen is door de beperkingen van andere onjuiste denkbeelden. De profeet Joseph Smith heeft gezegd dat wij de gevangenen bevrijden". Is onderwijzen over de vloek van Kaïn en Cham, dat een verkeerd denkbeeld is, in wezen ook niet een vorm van bevrijden, maar nu van verkeerde gedachten? Blijkt hieruit niet opnieuw het belang van onderwijs? Vervolgens eindigt president Oaks dit stukje met deze woorden:

"Onze Heiland
nodigt allen uit om tot Hem te komen
en deel te hebben aan zijn goedheid,
Hij verwerpt niemand die tot Hem komt
en allen zijn voor God gelijk"
2 Nephi 26:33


zondag 15 februari 2026

1. Gods koninkrijk is een 'melting pot'


" en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw;
en Hij is de heidenen indachtig; 
en allen zijn voor God gelijk, 
zowel de Joden als de andere volken."
2 Nephi 26:33



"Toen de profeet Joseph Smith voor het eerst over Henoch en zijn stad van heiligheid hoorde, inspireerde dat hem. Dit was het begin van zijn levenslange streven om Zion op te bouwen. Mozes 7 kan je inspireren om daar nu mee verder te gaan". Echter, je voelt hem al aankomen. Ondanks dat ik ook stil sta bij Mozes 7 volg ik toch net een even ander pad. 

Dit pad begint, ik grijp nu terug op onze Kom dan volg Mij les, met de vraag "Wat deden mensen om rechtschapenheid te bevorderen? Hier zijn enkele andere bronnen die je kunt gebruiken om ideeën en inspiratie op te doen. Kies er een of meer uit om te bestuderen en schrijf dan op waartoe je je geïnspireerd voelt om Zion op te bouwen". In dit bronnenrijtje stond een toespraak van ouderling Ulisses Soares, broeders en zusters in Christus. Een toespraak die voor mij, om verschillende redenen, niet zomaar een toespraak is. Deze toespraak heb ik zelf ooit gegeven en je vindt hem tevens terug op mijn blog. Ondanks dat ga ik opnieuw stil staan bij deze toespraak, alleen nu gezien door de ogen van het kopje "Ik kan Zion helpen opbouwen". 

In bovenstaande video wordt onder andere gezegd dat racisme niet in harmonie is met het evangelie. Uiteraard kan ik niet voorbijgaan aan een dergelijke zinvolle opmerking. Er was echter iets anders wat mij raakte in al hetgeen er gezegd werd en dat was dit: "De etnische en culturele diversiteit is hier zeer groot. Soms maken we dingen mee die pijnlijk of beledigend kunnen zijn. Ik denk dat juist op die momenten we moeten proberen elkaar te onderwijzen, te bereiken, uit te nodigen en tot begrip te komen"In die paar zinnen zit mijn antwoord waarom ik gedurende vier jaar door de Schriften reis met een specifiek rugzakje en jullie daar deelgenoot van maak. Uiteindelijk komt het in de basis neer op onderwijs. "Racisme bestrijden zonder bewustwording is vrijwel onmogelijk, omdat bewustwording de basis vormt om de oorzaken (vooroordelen, onwetendheid en institutionele structuren) te herkennen en aan te pakken". In de hoop dat dit leidt tot het inzicht dat we als kerk een raciaal verleden hebben en dat dit heeft geleid tot allerlei speculaties. Daarnaast is daar de vraag in hoeverre dit verleden van vóór 1978 nog doorwerkt in het heden van de kerk, net zoals het slavernijverleden nog steeds doorwerkt in de maatschappij. In die zin denk ik dat we zeker kunnen spreken van een overlap tussen kerk en maatschappij. 

Over die maatschappij zei ouderling Soares het volgende: "Zoals de profeten hebben voorzegd leven wij in zware tijden vóór de wederkomst van de Heiland. De wereld is gepolariseerd door sterke verdeeldheid, die door raciale politieke en sociaal-economische scheidslijnen wordt geaccentueerd. Dergelijke verdeeldheid beïnvloedt soms onze opvattingen en daden ten opzichte van onze naasten. Het is dan ook niet ongebruikelijk dat mensen de manier van denken, doen en spreken van andere culturen, rassen en etnische groepen als minderwaardig bestempelen. Ze houden er vooringenomen, foute en sarcastische denkbeelden op na, die tot uiting komen in minachting, onverschilligheid, respectloosheid en zelfs vooroordelen. Zulk gedrag vloeit voort uit hoogmoed, arrogantie, afgunst en jaloezie - kenmerken van een vleselijke aard, de tegenpolen van christelijke eigenschappen. Dit gedrag is ongepast voor mensen die ernaar streven om zijn ware discipelen te worden. In feite, beste broeders en zusters, is er in een gemeenschap van heiligen geen plaats voor vooroordelen, in gedachte en daad." 

Ouderling Soares heeft het in die laatste zin over "in gedachte". Net zoals ik een stukje geschreven heb over de vloek van Kaïn wil ik dat ook doen met Cham. In een artikel dat ging over de vloek van Cham werd dit gezegd: "Wel bevestigd de conclusie dat de Cham-theologie nog altijd in de hoofden van mensen zit". Deze theorieën omtrent Kaïn en Cham kan ik niet los zien van Mozes 7, waar ik op terug kom in deel 2. Misschien daarom wel dat ouderling Soares het niet alleen heeft over het hart maar ook over het verstand: "Laten we ons hart en verstand afstemmen op de kennis en het getuigenis dat we allen gelijk zijn voor God, dat we allemaal met hetzelfde eeuwig potentieel en erfgoed zijn begiftigd". Vandaar dat ik die les van toen afsloot met de woorden

Jezus brak met de vastgeroeste traditie van vijandigheid 
tussen zwart en wit

In de evangelieverhandeling Ras en het priesterschap kunnen we lezen dat toen "de kerk werd opgericht in de Verenigde Staten in 1830, rassenscheiding hoogtij vierde. Veel mensen van Afrikaanse afkomst leefden in slavernij, en rassenscheiding en vooroordelen waren de norm bij blanke Amerikanen". Echter toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van Joseph Smith herstelde werd er geen onderscheid gemaakt tussen wit en zwart. Allen waren gelijk voor God. 

Ouderling Ahmad Corbitt heeft iets interessants gezegd over deze periode van toen de kerk werd hersteld: "In een staaltje van goddelijke ironie bracht de Heer dit raciaal verenigde boek voort in een land dat destijds raciaal verdeeld was, geteisterd door de slavernij van Afrikanen en de diaspora en mishandeling van de inheemse Amerikanen. Maar Hij bracht het ook voort in een land dat gezegend was met godsdienstvrijheid en constitutioneel zelfbestuur. In Zijn voorzienigheid heeft Hij in de loop der tijd Zijn kinderen, die van deze vrijheden genieten, doen opstaan en geïnspireerd om manieren te creëren waarop anderen deze vrijheden ook kunnen ontvangen, zowel binnen de Verenigde Staten als wereldwijd, zodat Zijn verenigde evangelie door iedereen genoten kan worden". 

" en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt,
zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw;
en Hij is de heidenen indachtig; 
en allen zijn voor God gelijk, 
zowel de Joden als de andere volken."
2 Nephi 26:33


Iguaçúwatervallen - Brazilië


Gods koninkrijk is een melting pot

"Metaforisch gesproken is dit fenomenale watervallencomplex
een weerspiegeling van Gods gezin op aarde,
want we hebben dezelfde geestelijke oorsprong en essentie,
afkomstig van ons goddelijk erfgoed en verwantschap.
Maar ieder van ons stroomt door verschillende culturen, volken en nationaliteiten..."
Ouderling Ulisses Soares


Afbeelding: Pixabay