Posts tonen met het label Tracy Y. Browning. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tracy Y. Browning. Alle posts tonen

donderdag 18 december 2025

4. Racisme, heden of verleden


"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het heden."



Racisme bestrijden zonder bewustwording is vrijwel onmogelijk. Maar wat betekent racisme nu precies? Als ik dat google, zie ik door de bomen het bos niet meer. Als er iets is wat ik zo tegen het einde van het jaar wil vermijden, is het dat wel. Daarom heb ik het omgedraaid, omdat ik de vraag over racisme makkelijker kan beantwoorden door te zeggen wat racisme niet is. Daarnaast bewandel ik hiermee het kerkelijke pad. 

Ik denk dat je in de eerste alinea van de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap' heel duidelijk kunt lezen wat racisme niet is. Een verhandeling die voor mij een bron van inspiratie is: "De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen omarmt de hele mensheid, zowel volgens haar theologie als in de praktijk. Volgens de Schriftuur en de leringen van de kerk heeft God al zijn kinderen lief en is eeuwig heil voor iedereen mogelijk. God heeft alle rassen en etnische groepen geschapen en beschouwt ze als gelijkwaardig. In het Boek van Mormon wordt het zo verwoord: "Allen zijn voor God gelijk". 
 
"Allen zijn voor God gelijk."

In Race and The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints lezen we onder andere nog dit: "Ras is een concept dat mensen categoriseert op basis van hun huidskleur of andere fysieke kenmerken. Helaas wordt ras vaak gebruikt om mishandeling te rechtvaardigen of om te suggereren dat de ene groep beter is dan de andere. De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen leert dat iedereen een gelijk kind van God is, ongeacht ras, etniciteit, achtergrond, huidskleur of nationaliteit. Het Boek van Mormon leert: "Allen zijn gelijk voor God. God heeft al zijn kinderen lief. We zijn gelijk in zijn ogen".  

"We zijn gelijk in zijn ogen."

Ondanks dat "Allen gelijk zijn voor God", lees ik vervolgens ook in de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap', die over racisme gaat, dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet tot het priesterschap werden geordend en dat zij en de vrouwen niet mochten deelnemen aan de tempelbegiftiging of aan verzegelverordeningen. Ik lees over slavernij, rassenscheiding en vooroordelen. Dat zwarten geen tempelhuwelijk konden sluiten. Daaroverheen lees ik dat in de loop der jaren door kerkleiders en -leden gespeculeerd werd over deze redenen van beperkingen. En dat deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. 

“Op 8 juni 1978 werd een openbaring ontvangen die de restrictie tot het priesterschap herriep en tevens dat de zegeningen van de tempel beschikbaar werden gesteld voor alle waardige heiligen der laatste dagen, zowel mannen als vrouwen. Deze afdeling staat in de kerk bekend als de openbaring over het priesterschap, en is een historisch keerpunt" (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). Dit was voor velen een dag van vreugde; het veegde echter uiteindelijk alleen de blaadjes schoon. 

Deze maand werd in ons 'Kom dan volg Mij'-lesboek aandacht gegeven aan Officiële Verklaring 2. In de inleidende tekst werd dit gezegd: "Maar eeuwige waarheid verandert niet, hoewel ons begrip ervan wél verandert. En soms werpt openbaring meer licht op waarheid". De waarheid is dat "God geen aannemer des persoons is". Woorden die mij zo terugbrengen  naar de nieuwtestamentische kerk. Niet alleen dat, ook naar de proclamatie over de herstelling en de eerste zin uit dit woordmonument, wat mijn rode draad, mijn thema, van dit jaar was: 




In deze les over Officiële Verklaring 2, wordt ook verwezen naar Ahmad Corbitt's 'A Personal Essay on Race and the Priesthood'. Aan ouderling Corbitt's essay, dat uit vier delen bestaat, heb ik in het verleden al de nodige aandacht gegeven, dus ik zal dat niet opnieuw doen. Waar ik wel bij stil wil staan, is dat ouderling Corbitt zijn ervaringen ook nog gebundeld heeft in een boekje 'Stay Thou Nearby', samen met drie andere zwarte algemene autoriteiten, waaronder Tracy Y. Browning en ouderling Edward Dube. Vertel je verhaal ten voeten uit. 
Wanneer je het hebt over het veroordelen van het racisme in het heden of verleden, dan kun je je ogen niet sluiten voor het feit, wat met bewustzijn te maken heeft, dat het racisme van het verleden doorwerkt in het heden. Dat is in de maatschappij zo, en helaas in de kerk is het soms ook niet anders, omdat wij die maatschappij zijn, maar dan in het klein. 

Paul Reeve, onder andere de schrijver van het boekje 'Let's talk about Race and priesthood', geeft dit als antwoord: "Hoe kunnen Heiligen der Laatste Dagen in de 21ste eeuw gehoor geven aan de oproep van president Nelson om overal het voortouw te nemen in het opgeven van vooroordelen? President Nelson pleitte ervoor om respect voor al Gods kinderen te bevorderen. Hoe beantwoorden we zijn oproep als we niet in staat zijn te herkennen hoe vooroordelen eruitzien en wat ze zijn? Hoe kunnen we racisme uitroeien als we niet bereid zijn de wortels ervan te onderzoeken?" 

 Carol Lawrence-Costly, zij vertelde ook haar verhaal in Stay Thou Nearby, en ik denk dat haar woorden heel goed weergeven wat ik bedoel met alleen de blaadjes werden schoongeveegd: "Ondanks dat de ban in 1978 eindigde, betekende dit geen einde aan oude ideeën binnen en buiten de kerk. Ik geloofde, naïef gedacht, dat het priesterschap voor elke man in de kerk racisme onder leden zou wissen of afschaffen. Ik begreep toen nog niet dat de vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". 


Carol Lawrence-Costly



Ik deel deze gevoelens van Carol Lawrence-Costly, zeker als het gaat om de woorden dat "vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". Mijn vorig logje ging over dat de kerkleiders in deze tijd elke vorm van racisme veroordelen. Over dit verleden zei Paul Reeve: "Mensen hoeven ons niet op ons woord te geloven, maar ze kunnen het bewijsmateriaal inzien en de toespraken in hun geheel lezen". Uit dit geheel van toespraken over het verleden heb ik onderstaand stukje geknipt.

Verleden

"De Afrikaan heeft het recht de eerste beginselen van het evangelie te ontvangen; 
deze vrijheid wordt al deze dienaren aangeboden.
Ze genieten de vrijheid om zich te laten dopen tot vergeving van zonden 
en om de heilige Geest te ontvangen door handoplegging;
zij genieten het voorrecht nederig te leven voor de Heer, hun grote Meester,
om zo voortdurend de geest van de Heer te genieten.
Kortom, voor zover het de gewone gemakken van leven, 
verlossing, licht, waarheid en genot betreft, 
heeft de zwarte Afrikaan precies hetzelfde voorrecht als de witte man.
Maar 
ze kunnen niet in het priesterschap delen;
ze kunnen de heerschappij niet verdragen;
ze kunnen nergens heersen totdat de vloek van hen is verwijderd;
zij zijn een dienaar van dienaren."

Heden

Mijn laatste stukje van dit jaar wil ik afsluiten met de Nehoriaanse olifant, die geen nieuwe verschijning op mijn blog is. Ik blijk iets te hebben met olifanten, want dit is niet de eerste olifant op mijn blog. Nehoriaanse verwijst naar Nehor, een man uit het Boek van Mormon, die door zijn vleierijen allerlei mensen voor zich weet te winnen, wat de man in onderstaande video uiteindelijk ook doet. Deze video bevestigt niet alleen "de gangbare raciale ideeën van de minderwaardigheid van sommige rassen in het verleden (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap)", het legt ook bloot, ondanks de grote, prachtige, huizige strik, hoe dit doorwerkt in het heden, en wordt zo, hierdoor, een raciaal verleden in stand gehouden. Daarnaast kun je volgens mij deze video ook scharen onder de woorden: "In de loop der jaren zijn er allerlei theorieën aangevoerd om de beperking te rechtvaardigen". Ouderling Jeffrey R. Holland van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft beklemtoond dat de theorieën waarmee men de beperkingen probeerde te verklaren folklore zijn, die in geen geval in stand mogen worden gehouden". 

Ik kan nu niet anders denken aan Paul Reeve's woorden: "Het raciale probleem van het mormonisme is een witheidsprobleem". Tevens moest ik denken aan de woorden van Green Flake. Hij was een van de zwarte pioniers die een standbeeld kreeg, en die op zijn eigen grafsteen kerfde: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen", nu we het dan toch hebben over huizen en perspectief. En ja, je hoeft mij ook niet op mijn woord te geloven. Kijk en vergelijk zelf maar. 




zondag 18 mei 2025

Leer en Verbonden 46


Vorig jaar maart deelde ik op mijn blog een toespraak van Tracy Browning die ging over een inclusieve kerk. In deze toespraak zegt zij dat "Gods liefde voor zijn kinderen niet selectief is, maar juist allesomvattend, en dat Hij iedereen kent en koestert". Tussen het door haar opgesomde rijtje van worstelingen stond deze "De jonge zwarte broeder die zich opgelaten voelt als in de klas misvattingen over ras en het priesterschap worden besproken". Ik zou mij vroeger ook zo hebben gevoeld, maar nu denk ik: "benoem het maar, zet de bijl er maar in". 


Dit bord hangt bij de voordeur van onze kerk. Op dit bord staat, behalve de naam van de kerk, ook dat bezoekers welkom zijn. Op dit moment zijn wij in de zondagschool bezig met Leer en Verbonden 46. Een van de eerste verzen van deze afdeling gaat hierover. Exact wordt er gezegd dat "waarheidszoekers niet van de avondmaalsdienst mogen worden uitgesloten". Dat wil niet zeggen dat zij de gelegenheid krijgen om ons van de kansel toe te spreken. Behalve als zij daartoe uitgenodigd worden. Daarom vond ik het ook zo bijzonder om te lezen dat NAACP-president Derrick Johnson, die een niet-lid is, de gelegenheid kreeg om leden van de kerk toe te spreken tijdens een eredienst in onze kerk. En dat ouderling Rasband, een van onze apostelen, nadat Johnson zijn boodschap had gegeven, tegen hem zei dat hij altijd welkom was om te komen prediken. Wat voor mij meer aanvoelde dan dat 'bezoekers welkom' zijn. Zeker ook omdat in het verleden "onze relatie met de NAACP roerig was". 

Kijkend naar het woord "waarheidszoekers" kan ik niet heen om de vraag in hoeverre wij dat zijn. Zeker als het gaat om inclusiviteit en dit roerige verleden. Niet alleen dat, zijn wij ook die waarheidszoekende bruggenbouwers die, zoals aan ons leden gevraagd is, racisme uit te bannen, wat, zoals ik dat zie, verder gaat dan de blaadjes schoonvegen. Ik denk dat wat ik hiermee bedoel het beste kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld. 

Mijn moeder was onlangs in gesprek met een medelid van de kerk dat nog dacht dat de oorspronkelijke restrictie kwam door de vloek op Kaïn en Cham. Eigenlijk heeft ze gelijk, alleen helaas op een andere manier. Want hoe kunnen we de restrictie hier niet los van zien? Probleem is echter dat men wel weet heeft van de restrictie, maar niet van de periode ervoor, dus HOE de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld. Dit denken van haar is voor mij een wortel die niet hoort in het allesomvattende en beschermende bladerdak van Gods boom, die er voor iedereen is. 

Laten we eens kijken wat de kerk zelf over deze vloek van Kaïn en Cham heeft gezegd: "Net als andere groepen christenen in die tijd beschouwden veel witte heiligen zwarte mensen echter ten onrechte als minderwaardig, in de veronderstelling dat een zwarte huid het gevolg was van Gods vloek over de Bijbelse figuren Kaïn en Cham. Sommige begonnen zelfs de valse gedachte te onderwijzen dat een zwarte huid bewijs was van iemands onrechtvaardige daden in het voorsterfelijk leven. Brigham Young deelde enkele van deze opvattingen". Dat laatste, dat van het voorbestaan, dacht Brigham Young zeker niet. Maar als het gaat om de vloek van Kaïn en Cham was hij, net als vele anderen, een kind van zijn tijd en "geloofde hij, zoals de meeste mensen in het noorden, dat zwarte mensen geschikt waren voor dienstbaarheid". "Ideeën, zoals we kunnen lezen in de evangelieverhandeling Ras en het priesterschap, die waren gebruikt om de legalisatie van zwarte herendienst in het Territorium Utah te propageren". 

Wat betreft het hand in hand gaan van de restrictie en de bovenstaande vloeken, daarover heeft de kerk gezegd dat "president Brigham Young in 1852 verklaarde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet langer tot priesters geordend konden worden en dat toen hij de beperking uitlegde, Brigham Young een wijdverbreid maar onjuist idee echode dat God mensen van zwarte Afrikaanse afkomst had vervloekt". 

Ook uitverkorenen kunnen door anderen in hun denken en doen worden beïnvloed, wat niet bedoeld is als kritiek, maar als iets om van te leren. Ouderling Ahmad S. Corbitt legt dit heel mooi uit. Zodat: "wij leren wijzer te zijn dan zij zijn geweest, "opdat wij niet door boze leerstellingen van mensen zullen worden misleid; want sommige zijn van mensen. Daarom, wees op uw hoede, opdat u niet wordt misleid", zoals we ook kunnen lezen in Leer en Verbonden 46.

zondag 2 februari 2025

Uitstapje 2: De standaardwerken


Zo'n twee weken geleden heb ik een stukje geschreven dat ik de titel: 'Uitstapje: de standaardwerken' heb meegegeven. Aanleiding van dit schrijven was de toespraak: 'Naar antwoorden op geestelijke vragen zoeken' van zuster Tracy Y. Browning. Ondertussen hebben we deze toespraak in onze vrouwenorganisatie besproken. Uit deze toespraak wil ik nog één zin belichten: "President Nelson heeft de cruciale waarheid onderwezen dat openbaringen van God altijd in overeenstemming zijn met Zijn eeuwige wetten en dat zij nooit in tegenspraak zijn met Zijn leer".




De Kerk heeft een aantal jaren geleden een artikel gepubliceerd dat ging over "Approaching Latter-day Saint Doctrine". Hoe benaderen wij de leer van de Heiligen der Laatste Dagen? Zoals jullie weten heeft mijn reisfolder een onderliggend thema, namelijk "God heeft zijn kinderen in alle landen van de wereld lief". Onderweg, al reizend door dit artikel, ben ik de volgende bezienswaardigheden tegengekomen, voorzien van mijn commentaar. 

- "De leerstellige beginselen van elke religie kunnen het beste worden begrepen in een brede context. Om ze te begrijpen, is een zorgvuldige analyse nodig". 

Ik heb het woord context gegoogeld en dit kwam er als eerste uit (Wikipedia): "De context is de totale omgeving waarin iets zijn betekenis krijgt. Hierbij kan zowel letterlijke tekst worden bedoeld als een situatie of betrokken persoon. De context is de achtergrond of referentie van een uitdrukking, idee of gebeurtenis waaraan het zijn betekenis ontleent". Is "Want zie, dit is mijn werk en mijn heerlijkheid; de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen" breed genoeg om als achtergrond of referentie te gebruiken? 

- "Niet elke uitspraak van een kerkleider, vroeger of nu, is noodzakelijkerwijs een leerstelling. Met goddelijke inspiratie beraadslaagden het Eerste Presidium en het Quorum der Twaalf Apostelen samen om een leer vast te stellen die consequent wordt verkondigd in officiële kerkpublicaties. Deze leer is te vinden in de vier standaardwerken van de Schrift (de Heilige Bijbel, het Boek van Mormon, de Leer en Verbonden en de Parel van Grote Waarde), officiële verklaringen en proclamaties, en de Artikelen des Geloofs".

Een interessante en tevens een uitdagende uitspraak. Zuster Browning begint haar toespraak met wat ze leerde toen ze jong was over het zonnestelsel. "We dachten dat we de geografie van ons zonnestelsel kenden. Dat was niet het geval. We dachten dat we wisten hoeveel planeten er in ons zonnestelsel zijn, maar we hadden het mis". Om bij het door haar aangehaalde zonnestelsel te blijven: de aarde is altijd rond geweest, maar op een gegeven moment onderwees men dat de aarde plat was. Ik ben in de kerk, om die vergelijking door te trekken, grootgebracht met leerstellingen die figuurlijk betrekking hadden op een platte aarde. Gelukkig weet ik ondertussen dat de aarde rond is. Dat wil zeggen hoe de Heer zijn kerk herstelde en wat er nu onderwezen wordt. Prachtig vind ik deze woorden uit onze leesopdracht (LV 3:2) van deze week dat: "God wandelt niet op kromme paden, noch wendt Hij zich naar rechts of naar links, noch wijkt Hij af van hetgeen Hij heeft gezegd; daarom zijn zijn paden recht, en is zijn gang één eeuwige ronde". Met dit verklarend commentaar van Bruce R. McConkie in ons instituutslesboek: "God regeert door wet - volledig, volkomen, onveranderlijk en altijd. Hij heeft verordineerd dat identieke resultaten altijd voortvloeien uit dezelfde oorzaken. Er is geen aanzien des persoons bij Hem, en Hij is een Wezen bij wie geen verandering is, noch schaduw van ommekeer (Jakobus 1:17). Daarom is de koers van de Heer één eeuwige ronde, vandaag dezelfde als gisteren en voor eeuwig (LV 35:1)". Het is bijna niet meer nodig dat ik iets schrijf over het eeuwigdurend evangelie. 

- "Sommige leerstellingen zijn belangrijker dan andere en kunnen als kernleerstellingen worden beschouwd".

Draait deze opmerking uiteindelijk niet om de vraag: wat is de uiteindelijke waarheid van de aarde? Rond of toch plat, zoals sommigen onder ons ons willen laten geloven? En kun je dit scheppingsverhaal loszien van de eeuwigdurendheid van het evangelie? In het verleden heb ik een stukje geschreven dat ik Afslag 20 heb genoemd. Wanneer we afdeling 20 van de Leer en Verbonden bespreken, kom ik hier opterug. En ook op de toespraak van ouderling Quentin L. Cook, waar ik naar verwijs. Omdat hij het er in deze toespraak over heeft dat in afdeling 20 "essentiële kerkleer wordt samengevat, waaronder het bestaan van God, de schepping van de mens, de val, en het heilsplan van onze hemelse Vader door de verzoening van Jezus Christus". Kijk er al naar uit om dit nader te bezichtigen. 

- "Op basis van de Schriften verklaarde Joseph Smith: De fundamentele beginselen van onze godsdienst zijn het getuigenis van de apostelen en profeten aangaande Jezus Christus, dat Hij stierf, werd begraven, op de derde dag weer opstond en ten hemel opsteeg; en alle andere zaken die betrekking hebben op onze godsdienst zijn er slechts aanhangsels van". 

Is dit niet uiteindelijk tevens de boodschap van president Russell M. Nelson: "De andere delen van Christus' leer zijn natuurlijk ook belangrijk. Maar het allerbelangrijkste is Zijn verzoening. Zijn verzoening is "het evangelie". 

Voor nu weer even genoeg gezien, het is tijd voor een pauze. Om straks weer....


Afbeelding: Pixabay

zondag 19 januari 2025

Uitstapje: de standaardwerken


"want Ik ben geen aannemer des persoons"
Lv 1:35

Dit jaar reis ik door de Leer en Verbonden. Ik heb ervoor gekozen deze reis aan de hand van mijn jaarthema "dat God zijn kinderen in alle landen van de wereld liefheeft" af te leggen. Daardoor kijk ik toch net even anders naar de dingen die ik onderweg zie en kaart ik ook andere dingen aan, zoals de HOE van de herstelling. Dat er door Hem geen onderscheid werd gemaakt tussen wit en zwart toen Hij zijn kerk herstelde.

Dat ik weet wat mijn jaarthema is en dat ik de Leer en Verbonden als uitgangspunt gebruik, betekent nog niet dat ik al weet waar ik in de tussentijd allemaal over ga schrijven. Ik laat me leiden door de teksten die ik tegenkom. Maar voordat ik verder reis is er toch nog één ding waar ik bij stil wil staan en dat zijn onze Schriften (genaamd de standaardwerken)en in het verlengde daarvan openbaring. 



Volgende week bespreken wij in onze vrouwenorganisatie de toespraak: 'Naar antwoorden op geestelijke vragen zoeken' van Tracy Y. Browning. Zij haalt onder andere president Dieter F. Uchtdorf aan, die heeft gezegd dat vragen stellen geen teken van zwakheid is, maar dat het juist vooraf gaat aan groei. Misschien is Tracy Y. Browning een 'gewone' zuster voor jullie, maar voor mij is ze dat niet. Haar naam is voor mij verbonden aan haar persoonlijke uitspraak over de ijzeren roede, maar ook dat zij samen met een paar andere algemene autoriteiten een boekje heeft geschreven over haar ervaringen met ras en het priesterschap. Haar uiteindelijke gevoel was dit: "Wat in feite consequent in mijn gedachten werd geplaatst en vervolgens bevestigd, opnieuw bevestigd en opnieuw bevestigd, waren de evangelie waarheden die mij in de eerste jaren van mijn discipelschap werden onderwezen. Namelijk dat allen gelijk zijn voor God". 

Ik maak nu even een sprongetje terug in de tijd, naar het jaar 1978, toen de openbaring over het priesterschap werd ontvangen. Een paar maanden na deze openbaring over het priesterschap, heeft Bruce R. McConkie een toespraak gegeven met de titel 'Allen zijn voor God gelijk'. In deze toespraak gaat hij terug naar het moment dat deze openbaring ontvangen werd en wat eraan vooraf ging. Daar ik op een standaardwerkenuitstapje ben, ga ik niet verder in op deze toespraak, op één ding na, en dat heeft te maken met de Schriften en wat hij daarover zei na het ontvangen van de openbaring over het priesterschap, namelijk: "dat deze woorden een nieuwe betekenis hebben gekregen. We hebben een nieuwe visie gekregen op hun ware betekenis. Dit geldt ook voor een groot aantal andere passages in de openbaringen. Sinds de Heer deze openbaring over het priesterschap gaf, is ons begrip van veel passages uitgebreid. Velen van ons hadden zich nooit voorgesteld of verondersteld dat ze de uitgebreide en brede betekenis hadden die ze hebben". Deze woorden hebben betrekking op 2 Nephi 26:33: "Hij nodigt hen allen uit om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid; en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt, zwarte en witte, geknechte en vrije, man en vrouw; en Hij is de heidenen indachtig; en allen zijn voor God gelijk, zowel de Joden als de andere volken". 

Velen van ons hadden zich nooit voorgesteld of verondersteld dat ze de uitgebreide en brede betekenis hadden die ze hebben. Dit lijkt nu een onwaarschijnlijke opmerking. Zeker nu wij weten hoe de Heer zijn kerk door middel van Joseph Smith heeft hersteld.  Misschien dat Bruce R. McConkie dit toen zo ook heeft gevoeld. Hij zegt namelijk nog iets opmerkelijks in deze toespraak en dat is: "vergeet alles wat ik gezegd heb, of wat president Brigham Young of president George Q. Cannon of wie dan ook in het verleden heeft gezegd dat in strijd is met de huidige openbaring. Wij spraken met een beperkt begrip en zonder het licht en de kennis die nu in de wereld is gekomen". Misschien dat hij daarom, twee jaar na de openbaring over het priesterschap, het volgende schrijft in een open brief die begint met de woorden "aan de eerlijke waarheidszoekers". 




Deze brief gaat over het vinden van antwoorden op evangelievragen, waarvan ik vind dat die mooi aansluiten op de toespraak van zuster Tracy Browning en ook haar eigen vragen wat betreft dit onderwerp. In deze brief geeft Bruce R. McConkie 12 tips, zoals het belang van de schriften, zijn alle profetische uitspraken waar?, en het hebben van een open geest. Tips die je kunnen helpen bij dit proces van antwoorden vinden. Nu wij nog aan het begin staan van een nieuw jaar in het teken van de Leer en Verbonden en haar kerkgeschiedenis, wil ik in het bijzonder stilstaan bij punt 3 uit deze brief: 

"Ware leerstellingen zijn in harmonie met de standaardwerken."

Ik citeer: "De standaardwerken zijn schriftuur. Ze zijn bindend voor ons. Ze zijn de geest, de wil en de stem van de Heer. Hij heeft nooit, hij doet het nu niet en hij zal nooit iets openbaren dat in strijd is met wat erin staat. Niemand die spreekt door de geest van inspiratie, zal ooit een leerstelling onderwijzen die niet in overeenstemming is met de waarheden die God al heeft geopenbaard. Deze woorden van president Joseph Fielding Smith zouden ons allemaal moeten leiden in onze evangeliestudie: Het maakt niet uit wat er is geschreven of wat iemand heeft gezegd, als wat er is gezegd in strijd is met wat de Heer heeft geopenbaard, kunnen we het opzij zetten. Mijn woorden en de leringen van elk ander lid van de kerk, hoog of laag, als ze niet overeenkomen met de openbaring, hoeven we ze niet te accepteren. Laten we deze kwestie duidelijk stellen. We hebben de vier standaardwerken geaccepteerd als meetlat of weegschaal, waarmee we de leer van elke man kunnen meten. U kunt de boeken die door de autoriteiten van de kerk zijn geschreven, niet accepteren als norm in de leer, alleen voor zover ze overeenkomen met het geopenbaarde woord in de standaardwerken. Iedere man die schrijft is verantwoordelijk, niet de Kerk, voor wat hij schrijft. Als Joseph Fielding Smith iets schrijft dat niet in harmonie is met de openbaring, dan is elk lid van de Kerk verplicht om het te verwerpen. Als hij iets schrijft dat in perfecte harmonie is met het geopenbaarde woord van de Heer, dan moet het worden geaccepteerd." Tot zover Bruce R. Mc.Conkie. 

Ik schrijf er trouwens ook lekker op los, en dan heb ik het nog niet eens gehad over mijn geknip en geplak. Wat voor profeten geldt, geldt zeker ook voor mij. Iedere vrouw die schrijft is verantwoordelijk, niet de Kerk, voor wat zij schrijft. Dus mijn woorden mogen jullie ook langs de meetlat leggen. Is trouwens weer eens wat anders dan mannen langs de meetlat leggen, zoals in het maandblad Opzij. 

Ouderling D. Todd Christofferson heeft een toespraak gegeven over De leer van Christus. In deze toespraak heeft hij het over persoonlijke openbaring (zie voetnoot 2 in de toespraak), echter het onderwerp openbaring voor de kerk staat centraal daarin: "In de huidige kerk is net als vroeger het vestigen van de leer van Christus of het corrigeren van leerstellige misvattingen een kwestie van goddelijke openbaring aan hen die de Heer apostolisch gezag verleent". In deze toespraak stelt hij de volgende vraag: "Hoe openbaart de Heiland zijn wil en leer aan profeten, zieners en openbaarders?" Hij geeft dan twee nieuwtestamentische voorbeelden waarvan hij zegt dat er nu in de herstelde Kerk van Jezus Christus volgens dezelfde patronen wordt gewerkt". Deze toespraak werd gegeven vóór de proclamatie van de herstelling, maar ik moest gelijk denken dat wij de herstelde nieuwtestamentische kerk zijn. "Tegelijkertijd moeten we bedenken dat niet iedere uitspraak door een kerkleider, vroeger of nu, noodzakelijkerwijs leerstellig is. De profeet Joseph Smith leerde dat een profeet alleen een profeet is wanneer hij als zodanig optreedt", aldus ouderling Christofferson.

Ouderling Steven E. Snow zei in zijn toespraak Het koesteren van de Leer en Verbonden: "dat de Leer en Verbonden belangrijke beginselen en procedures leert met betrekking tot het bestuur van de Kerk. Om die reden fungeert het als de constitutionele basis van de hedendaagse kerk. De Leer en Verbonden is ook een rijke bron voor persoonlijke openbaring en inspiratie". 

Ik ben op reis en ik neem mee....


Afbeelding: De standaardwerken


zondag 15 september 2024

Vertel je verhaal: Tracy Y. Browning


Tracy Y. Browning


Ik pak de draad van Tracy Brownings verhaal op bij het kopje struikelblok in het boek 'Stay thou nearby'. Ze vertelt in dit stukje dat ze in de jaren negentig, toen ze zestien was, lid werd van de kerk. In de instructie die ze zowel van de zendelingen als van andere kerkleden ontving over het herstelde evangelie van Jezus Christus was niets dat ging over de geschiedenis van de kerk. Niet dat ze denkt dat iemand dit bewust voor haar achterhield. "Eerder, zoals ze zelf zegt, omdat het een ongemakkelijk onderdeel is van de geschiedenis van de kerk, en eerlijk gezegd denk ik dat de meeste mensen er liever niet over praten, dus doen ze het niet - tenzij ze vinden dat het absoluut noodzakelijk is." Zelf vindt ze dat we deze informatie niet voor elkaar verborgen horen te houden. 


Kijkend naar mijn eigen geschiedenis: ook aan ons werd deze informatie onthouden toen wij lid werden van de kerk. Met dit verschil dat zuster Browning lid werd van de kerk na 1978, dus na opheffing van de restrictie; wij er voor. Na een jaar lid te zijn van de kerk had mijn moeder het over hoe fijn het zou zijn dat mijn broer in de toekomst ook op zending zou kunnen gaan. Ze kreeg toen te horen dat hij uitgesloten was van het priesterschap en dat mijn broer en ik ook niet de zegeningen van de tempel konden ontvangen en waarom niet. Tracy Browning zegt over dit soort situaties dat "geen enkele door de mens gemaakte verklaring de pijn ervan kan verlichten en het als netjes kan laten overkomen". 

"In onze pogingen, ik citeer haar hier opnieuw, om Gods kinderen tot zijn evangelie en zijn kerk te vergaderen, moeten we ervoor zorgen dat onze inspanningen die onschuldig bedoeld zijn om anderen te helpen bij het navigeren door moeilijke onderwerpen, zelf geen struikelblokken worden door onze eigen maaksels". En dan, ik herken me in haar woorden,  heeft ze het over dat ze zich "soms door de zondagse bijeenkomsten heen geworsteld heeft waar ideeën, houdingen en leringen over ras en/of het priesterschap en de tempelbeperkingen, die de kerk en haar leiders al lang hadden verlaten, werden gedeeld". Daarom juist, alleen al om die reden, vind ik dat dit onderwerp niet onbesproken kan en mag blijven. 

Toch is het kopje 'struikelblok' maar klein in verhouding tot het kopje 'de boom des levens'.  Ze heeft in haar verhaal deze geschiedenis zelfs opgesplitst in vijf onderdelen, waarvan 'Go TROUGH the mist' één ervan is. Voor haar heeft het verhaal alles te maken met "voortdurend vasthoudende aan de roede van ijzer, totdat zij tevoorschijn kwamen en neervielen en van de vrucht van de boom namen", 1 Nephi 8:30. 

In mijn vorig logje vertelde ik dat Tracy Browning ouderling Dallin H. Oaks aanhaalde in haar verhaal. Het gaat om wat ouderling Oaks had gezegd tijdens de 'Be One'-celebration: "Ik zag de pijn en frustratie die mensen ervoeren die onder deze beperkingen leden, en degenen die ze bekritiseerden en naar redenen zochten. Ik bestudeerde de redenen die toen werden gegeven en kon geen bevestiging van de waarheid van een van hen voelen. Als onderdeel van mijn gebedsvolle studie leerde ik dat de Heer over het algemeen zelden redenen geeft voor de geboden en aanwijzingen die Hij aan zijn dienaren geeft. Ik besloot loyaal te zijn aan onze profetische leiders en te bidden - zoals beloofd vanaf het begin van deze beperking - dat de dag zou komen dat iedereen de zegeningen van het priesterschap en de tempel zou genieten". 

Zuster Browning zegt het volgende over deze woorden van ouderling Oaks: "Onze individuele ervaringen en gevoelens als we overwegen hoe we door die mist heen kunnen gaan, kunnen anders zijn. Ik heb waardering en overeenkomsten met mijn eigen ervaring opgedaan toen ik las over president Dallin H. Oaks' proces van gebedsvolle studie van de speculatieve redenen voor het priesterschap en de tempelbeperkingen. Hij zei: Ik bestudeerde de redenen die toen werden gegeven en kon geen bevestiging voelen van de waarheid van een van hen. Toen ik op dezelfde manier kerkmateriaal en historische documenten over de beperking van het priesterschap en de tempel bestudeerde, had ik niet het gevoel dat de Geest de waarheid over wat er in detail stond bevestigde. Wat in feite consequent in mijn gedachten werd geplaatst en vervolgens bevestigd, opnieuw bevestigd en opnieuw bevestigd, waren de evangeliewaarheden die mij in de eerste jaren van mijn discipelschap werden onderwezen. Namelijk dat 'allen voor God gelijk zijn' (2 Nephi 26:33) en dat 'de waarde van (mijn ziel) groot is in de ogen van God' (LV 18:10). Dat 'er geen grotere gave is dan de gave van heil' (LV 6:13) en dat God die vrijelijk aanbiedt (zie 2 Nephi 2:4). Dat ik alles kon hebben wat onze hemelse Vader en onze Heiland Jezus Christus hadden (zie LV 132:19,20). En het nam me mee door de mist."

Tot slot zegt ze: "Toen ik zestien jaar oud was, vertelde God me dat De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen zijn kerk is. Dat het Boek van Mormon zijn woord is. Dat profeten en apostelen nog steeds leefden en Zijn werk leidden. En Hij vertelde me dat de melanine in mijn huid, of de huid van mijn kinderen, of de huid van mijn voorouders, deze waarheden nooit zou veranderen. Zelfs een ongemakkelijk deel van de geschiedenis van de kerk kan er niets aan veranderen. Het evangelie van Jezus Christus is niet racistisch en Hij staat aan het hoofd van zijn kerk. Hij begrijpt dat de klim schrijnend kan zijn. Maar kijk naar beneden en zie waar je hand is".



Hoop op een betere wereld
Tracy Y. Browning 



Afbeelding: Pixabay

zondag 8 september 2024

Neem ik wel of niet een tussendoortje?

 

Neem ik wel of niet een tussendoortje? Dat was even de vraag. Zoals jullie echter hieronder kunnen zien, kon ik de verleiding niet weerstaan, ondanks dat het mijn bedoeling was om aandacht te geven aan het laatste verhaal uit het boekje 'Stay Thou Nearby'. 

In onze 'Kom dan en volg Mij'-leesopdracht van afgelopen week wordt verwezen naar een toespraak van ouderling Andersen. In deze toespraak wordt ouderling Dallin H. Oaks aangehaald, zie punt 13. Deze uitspraak herkende ik. Ik heb hem zelfs al een keer eerder aangehaald hier op mijn blog. Ondanks dat wil ik toch weer opnieuw aandacht geven aan deze uitspraak van ouderling Oaks: "In een interview uit 1988 heb ik uitgelegd wat ik ervan vind dat mensen goede redenen voor goddelijke openbaring willen. Als je met deze vraag in je achterhoofd de Schriften leest: 'Waarom gebood de Heer dit of waarom gebood Hij dat', zul je merken dat er voor minder dan een op de honderd geboden een reden is gegeven. Wij stervelingen kunnen redenen aan openbaring toekennen. Wij kunnen redenen aan geboden toekennen. Dat doen we dan op eigen gezag. Sommige mensen kenden redenen toe aan waar we het hier over hebben en bleken er faliekant naast te zitten. Daar schuilt een les in. Ik heb lang geleden besloten dat ik geloof in het gebod had en geen geloof in de redenen die eraan toegedicht werden. Alle redenen kwamen mij voor als het nemen van onnodige risico's. Laten we niet de fout maken die in het verleden is gemaakt, in dit opzicht en op andere gebieden, om  te proberen redenen aan openbaring toe te kennen. De redenen blijken uiteindelijk in hoge mate door de mens te zijn bedacht. De openbaringen zijn wat we als de wil van de Heer steunen en daarin schuilt onze veiligheid."



In de woorden van ouderling Oaks zit de bevestiging van de woorden van ouderling Anderson dat "de stem van de Heer vaak komt zonder toelichting". In die zin zijn deze woorden algemeen toepasbaar. Er is echter onder deze laag nog een laag, waardoor deze uitpraak opeens een heel andere betekenis krijgt, en dat heeft alles te maken met de woorden "waar we het hier over hebben". In dat hier zit de les. Ik vind het veelzeggend dat het juist deze les is die ook meegenomen is in het boek van ouderling Oaks "Life's Lessons Learned". 

"In 1852 verklaarde president Brigham Young officieel dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet langer tot priester geordend konden worden. Na de dood van Brigham Young lieten opeenvolgende presidenten van de kerk de tempelbegiftiging en het tempelhuwelijk voor zwarten niet toe. In de loop der jaren hebben kerkleiders en -leden gespeculeerd over de reden voor deze beperking op het priesterschap en de tempel. Geen enkele van deze theorieën is echter officiële leer van de kerk." 

"Officiële Verklaring 2 is de openbaring die in 1978 een einde maakte aan alle beperkingen in verband met ras die eens op het priesterschap van toepassing waren." In een les die over deze openbaring gaat, vind je ouderling Oaks' uitspraak terug onder het kopje "Ken geen door de mens bedachte redenen aan Gods openbaringen toe". Met als kanttekening, (ouderling Oaks heeft het nog over gebod: "Ik had geloof in het gebod") dit kun je teruglezen in de inleidende tekst van Officiële Verklaring 2, dat men het heeft over een gebruik en niet over een openbaring: "De kerkelijke verslagen bieden geen helder inzicht in de oorsprong van dit gebruik." 

Wisten jullie trouwens, misschien dat ik daar nog op terugkom, dat ouderling Jeffrey R. Holland niet het woord speculatie, maar het woord folklore gebruikte in dit verband? En, dit vind ik nog interessanter dan het woord folklore, dat ouderling Holland zei dat de folklore nooit in stand mag worden gehouden. Op deze opmerking van hem wil ik zeker nog terugkomen. In ieder geval pas nadat ik aandacht heb gegeven aan Tracy Y. Brownings persoonlijke verhaal, de laatste persoon uit het boekje waar ik de afgelopen tijd mee bezig ben geweest. Ook zegt zij trouwens iets over ouderling Oaks in haar verhaal. Zij haalt namelijk iets aan uit een toespraak van hem. Ik kom daarop terug. Echter, in deze toespraak heeft ouderling Oaks het ook over speculeren, wat ik natuurlijk niet kan negeren. Al met al voorlopig stof genoeg. 

dinsdag 26 maart 2024

Inclusieve cultuur

 

Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om iets op mijn blog te posten. Maar toen ik mijn laptop opensloeg bleek ik mijn blog niet te hebben afgesloten. De reden dat ik mijn laptop pakte, waren de woorden van president Russell M. Nelson die hij sprak tijdens de afgelopen zustersconferentie. Woorden waar ik mee aan de slag wil gaan. Toen ik echter mijn blog zag, heb ik president Nelson even in de wachtrij gezet. Ik wil toch eerst nog even stilstaan bij waar ik al eerder iets over heb gezegd, namelijk het thema "Inspire Inclusion" van de Internationale Vrouwendag, maar dan gezien door de bril van de kerk.  

Wanneer het gaat om het "scheppen van een inclusieve cultuur in de kerk", zou ik zo een aantal toespraken kunnen delen die als thema "Inspire Inclusion" hebben, samen met een aantal goede ideeën hoe je dat kunt doen. Ideeën die te maken hebben met hoe jij anderen het gevoel kunt geven dat ze erbij horen en wat je zelf geprobeerd hebt om in contact te komen met anderen. Interessant genoeg om hier verder op in te gaan, zeker omdat ik het ook niet los kan zien van mijn eigen thema, dat "allen gelijk zijn voor God". Probleem is echter dat ik op dit moment mijn persoonlijke wachtrij zo kort mogelijk wil houden. Ik laat die toespraken dan ook voor wat ze zijn. 

Er is echter een toespraak die er voor mij uitspringt, doordat die het onderwerp van inclusiviteit benadert vanuit het oogpunt van het benoemen. Voordat Tracy Browning, van haar is deze toespraak, aan haar lijst begint, zegt ze dit: "Gods liefde voor zijn kinderen is niet selectief, maar juist allesomvattend. Hij nodigt iedereen uit om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid; en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt".


"Hij kent en koestert:

- De pas gescheiden zuster die smart voelt als de les over het huwelijk gaat
- De jongvolwassene die met vragen zit en om antwoorden smeekt.
- De zuster die angstig is aangelegd en zich erg eenzaam en gespannen voelt.
- De jonge zwarte broeder die zich opgelaten voelt als in de klas misvattingen over 'ras
 en het priesterschap' worden besproken 
- De zuster die nog niet getrouwd is en daardoor denkt dat ze niets waard is.
- De moeder van een gehandicapt kind die bezorgd is dat zijn spasmen anderen op de zenuwen 
  werken.
- De broeder met homoseksuele gevoelens, die erover denkt om de kerk te verlaten, omdat hij 
  niet weet wat hij met zijn toekomst aan moet.
- De zuster die zich bezorgd afvraagt hoe anderen zullen reageren op haar eerste onzekere 
  stappen terug naar de kerk."

Om na dit lijstje vervolgens het volgende te zeggen: "Geen omstandigheid, geen situatie, geen mens wordt vergeten. Hij is allen indachtig, en allen zijn voor God gelijk". (2 Nephi 26:33) En ja, ik herken mij ook in dit lijstje. En ja, er zijn zeker momenten dat ik mij ook niet op mijn gemak voel. Desondanks weet ik waar ik moet zijn. 



Persoonlijk verhaal