Posts tonen met het label Green Flake. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Green Flake. Alle posts tonen

donderdag 18 december 2025

4. Racisme, heden of verleden


"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het heden."



Racisme bestrijden zonder bewustwording is vrijwel onmogelijk. Maar wat betekent racisme nu precies? Als ik dat google, zie ik door de bomen het bos niet meer. Als er iets is wat ik zo tegen het einde van het jaar wil vermijden, is het dat wel. Daarom heb ik het omgedraaid, omdat ik de vraag over racisme makkelijker kan beantwoorden door te zeggen wat racisme niet is. Daarnaast bewandel ik hiermee het kerkelijke pad. 

Ik denk dat je in de eerste alinea van de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap' heel duidelijk kunt lezen wat racisme niet is. Een verhandeling die voor mij een bron van inspiratie is: "De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen omarmt de hele mensheid, zowel volgens haar theologie als in de praktijk. Volgens de Schriftuur en de leringen van de kerk heeft God al zijn kinderen lief en is eeuwig heil voor iedereen mogelijk. God heeft alle rassen en etnische groepen geschapen en beschouwt ze als gelijkwaardig. In het Boek van Mormon wordt het zo verwoord: "Allen zijn voor God gelijk". 
 
"Allen zijn voor God gelijk."

In Race and The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints lezen we onder andere nog dit: "Ras is een concept dat mensen categoriseert op basis van hun huidskleur of andere fysieke kenmerken. Helaas wordt ras vaak gebruikt om mishandeling te rechtvaardigen of om te suggereren dat de ene groep beter is dan de andere. De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen leert dat iedereen een gelijk kind van God is, ongeacht ras, etniciteit, achtergrond, huidskleur of nationaliteit. Het Boek van Mormon leert: "Allen zijn gelijk voor God. God heeft al zijn kinderen lief. We zijn gelijk in zijn ogen".  

"We zijn gelijk in zijn ogen."

Ondanks dat "Allen gelijk zijn voor God", lees ik vervolgens ook in de evangelieverhandeling 'Ras en het priesterschap', die over racisme gaat, dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet tot het priesterschap werden geordend en dat zij en de vrouwen niet mochten deelnemen aan de tempelbegiftiging of aan verzegelverordeningen. Ik lees over slavernij, rassenscheiding en vooroordelen. Dat zwarten geen tempelhuwelijk konden sluiten. Daaroverheen lees ik dat in de loop der jaren door kerkleiders en -leden gespeculeerd werd over deze redenen van beperkingen. En dat deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. 

“Op 8 juni 1978 werd een openbaring ontvangen die de restrictie tot het priesterschap herriep en tevens dat de zegeningen van de tempel beschikbaar werden gesteld voor alle waardige heiligen der laatste dagen, zowel mannen als vrouwen. Deze afdeling staat in de kerk bekend als de openbaring over het priesterschap, en is een historisch keerpunt" (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). Dit was voor velen een dag van vreugde; het veegde echter uiteindelijk alleen de blaadjes schoon

Deze maand werd in ons 'Kom dan volg Mij'-lesboek aandacht gegeven aan Officiële Verklaring 2. In de inleidende tekst werd dit gezegd: "Maar eeuwige waarheid verandert niet, hoewel ons begrip ervan wél verandert. En soms werpt openbaring meer licht op waarheid". De waarheid is dat "God geen aannemer des persoons is". Woorden die mij zo terugbrengen  naar de nieuwtestamentische kerk. Niet alleen dat, ook naar de proclamatie over de herstelling en de eerste zin uit dit woordmonument, wat mijn rode draad, mijn thema, van dit jaar was: 




In deze les over Officiële Verklaring 2, wordt ook verwezen naar Ahmad Corbitt's 'A Personal Essay on Race and the Priesthood'. Aan ouderling Corbitt's essay, dat uit vier delen bestaat, heb ik in het verleden al de nodige aandacht gegeven, dus ik zal dat niet opnieuw doen. Waar ik wel bij stil wil staan, is dat ouderling Corbitt zijn ervaringen ook nog gebundeld heeft in een boekje 'Stay Thou Nearby', samen met drie andere zwarte algemene autoriteiten, waaronder Tracy Y. Browning en ouderling Edward DubeVertel je verhaal ten voeten uit. 
Wanneer je het hebt over het veroordelen van het racisme in het heden of verleden, dan kun je je ogen niet sluiten voor het feit, wat met bewustzijn te maken heeft, dat het racisme van het verleden doorwerkt in het heden. Dat is in de maatschappij zo, en helaas in de kerk is het soms ook niet anders, omdat wij die maatschappij zijn, maar dan in het klein. 

Paul Reeve, onder andere de schrijver van het boekje 'Let's talk about Race and priesthood', geeft dit als antwoord: "Hoe kunnen Heiligen der Laatste Dagen in de 21ste eeuw gehoor geven aan de oproep van president Nelson om overal het voortouw te nemen in het opgeven van vooroordelen? President Nelson pleitte ervoor om respect voor al Gods kinderen te bevorderen. Hoe beantwoorden we zijn oproep als we niet in staat zijn te herkennen hoe vooroordelen eruitzien en wat ze zijn? Hoe kunnen we racisme uitroeien als we niet bereid zijn de wortels ervan te onderzoeken?" 

 Carol Lawrence-Costly, zij vertelde ook haar verhaal in Stay Thou Nearby, en ik denk dat haar woorden heel goed weergeven wat ik bedoel met alleen de blaadjes werden schoongeveegd: "Ondanks dat de ban in 1978 eindigde, betekende dit geen einde aan oude ideeën binnen en buiten de kerk. Ik geloofde, naïef gedacht, dat het priesterschap voor elke man in de kerk racisme onder leden zou wissen of afschaffen. Ik begreep toen nog niet dat de vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". 


Carol Lawrence-Costly



Ik deel deze gevoelens van Carol Lawrence-Costly, zeker als het gaat om de woorden dat "vroegere uitspraken van prominente leiders diep geworteld waren in het hart en verstand van sommige kerkleden". Mijn vorig logje ging over dat de kerkleiders in deze tijd elke vorm van racisme veroordelen. Over dit verleden zei Paul Reeve: "Mensen hoeven ons niet op ons woord te geloven, maar ze kunnen het bewijsmateriaal inzien en de toespraken in hun geheel lezen". Uit dit geheel van toespraken over het verleden heb ik onderstaand stukje geknipt.

Verleden

"De Afrikaan heeft het recht de eerste beginselen van het evangelie te ontvangen; 
deze vrijheid wordt al deze dienaren aangeboden.
Ze genieten de vrijheid om zich te laten dopen tot vergeving van zonden 
en om de heilige Geest te ontvangen door handoplegging;
zij genieten het voorrecht nederig te leven voor de Heer, hun grote Meester,
om zo voortdurend de geest van de Heer te genieten.
Kortom, voor zover het de gewone gemakken van leven, 
verlossing, licht, waarheid en genot betreft, 
heeft de zwarte Afrikaan precies hetzelfde voorrecht als de witte man.
Maar 
ze kunnen niet in het priesterschap delen;
ze kunnen de heerschappij niet verdragen;
ze kunnen nergens heersen totdat de vloek van hen is verwijderd;
zij zijn een dienaar van dienaren."

Heden

Mijn laatste stukje van dit jaar wil ik afsluiten met de Nehoriaanse olifant, die geen nieuwe verschijning op mijn blog is. Ik blijk iets te hebben met olifanten, want dit is niet de eerste olifant op mijn blog. Nehoriaanse verwijst naar Nehor, een man uit het Boek van Mormon, die door zijn vleierijen allerlei mensen voor zich weet te winnen, wat de man in onderstaande video uiteindelijk ook doet. Deze video bevestigt niet alleen "de gangbare raciale ideeën van de minderwaardigheid van sommige rassen in het verleden (evangelieverhandeling Ras en het priesterschap)", het legt ook bloot, ondanks de grote, prachtige, huizige strik, hoe dit doorwerkt in het heden, en wordt zo, hierdoor, een raciaal verleden in stand gehouden. Daarnaast kun je volgens mij deze video ook scharen onder de woorden: "In de loop der jaren zijn er allerlei theorieën aangevoerd om de beperking te rechtvaardigen". Ouderling Jeffrey R. Holland van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft beklemtoond dat de theorieën waarmee men de beperkingen probeerde te verklaren folklore zijn, die in geen geval in stand mogen worden gehouden". 

Ik kan nu niet anders denken aan Paul Reeve's woorden: "Het raciale probleem van het mormonisme is een witheidsprobleem". Tevens moest ik denken aan de woorden van Green Flake. Hij was een van de zwarte pioniers die een standbeeld kreeg, en die op zijn eigen grafsteen kerfde: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen", nu we het dan toch hebben over huizen en perspectief. En ja, je hoeft mij ook niet op mijn woord te geloven. Kijk en vergelijk zelf maar. 




dinsdag 16 december 2025

3. Racisme, heden of verleden


"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het verleden."
Evangelieverhandeling 
'Ras en het priesterschap'




Zoals jullie kunnen zien, kan ik nog geen afstand doen van bovenstaande woorden. In mijn vorige logje schreef ik dat ik stil wil staan bij deze woorden uit de evangelieverhandeling 'ras en het priesterschap', dat uit de "geschiedenis van de kerk blijkt dat de kerkleiders al vroeg ophielden met het verlenen van het priesterschap aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst. De verslagen van de kerk bieden geen helder inzicht in de oorsprong van dit gebruik". 

Dit gebruik

Wanneer het gaat om bewustzijn, dat racisme vrijwel onmogelijk te bestrijden is zonder dat bewustzijn, wil ik als eerste stilstaan bij het woord "gebruik". Jarenlang dacht ik, en velen met mij, dat de restrictie er was vanaf de herstelling van de kerk. Daarnaast, en dat dachten ook velen met mij, ging het om een openbaring van God. Wat wij nu weten is dat toen de Heer zijn nieuwtestamentische kerk door middel van Joseph Smith herstelde, er helemaal geen onderscheid werd gemaakt tussen wit en zwart, wat ik de HOE van de herstelling noem. Vandaar ook deze regel in de evangelieverhandeling: "Er is geen betrouwbaar bewijs dat het priesterschap aan zwarte mannen werd onthouden zolang Joseph Smith leefde". Tevens lezen we in de Officiële Verklaring 2 dat het ging om een gebruik, niet om een openbaring. 

Een gebruik dat eigenlijk zo teruggedraaid had kunnen worden. Omdat "het priesterschap lange tijd aan zwarte mannen van Afrikaanse afkomst was onthouden, meenden de kerkleiders dat er behoefte was aan een openbaring van God om het beleid te wijzigen". Uiteindelijk werd door openbaring dit gebruik teruggedraaid. Paul W. Reeve: "In oktober 1978 presenteerde president Edon N. Tanner van het Eerste Presidium de openbaring aan de wereldwijde Kerk ter goedkeuring. Het was de enige keer dat een leer of beleid met betrekking tot de raciale beperkingen aan de Kerk werd voorgelegd om te worden opgenomen in de canon, het formele proces waarmee openbaringen Schrift worden in de tradities van de Heiligen der Laatste Dagen. De openbaring herstelde de Afrikaanse bevolking in haar universele wortels. Het bracht het beleid en de praktijk van de Kerk weer in overeenstemming met de Schriften van de herstelling en herstelde wat verloren was gegaan in de eerste decennia van de Kerk, toen zwarte mannen tot priester werden gewijd en het Eerste Presidium mensen van elke huidskleur in de tempel van Nauvoo verwelkomde. Het bevestigde dat de leer van de Kerk inderdaad gebaseerd was op inclusiviteit"

De instelling

Als tweede wil ik stilstaan bij de instelling van dit gebruik toen "president Brigham Young in 1852 officieel verklaarde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst niet langer tot priester geordend konden worden". In het opschrift van Officiële Verklaring 2 kunnen we lezen dat de verslagen van de kerk geen helder inzicht bieden in de oorsprong van dit gebruik. Men mocht toen, wat leidde tot aanpassingenwel hebben geschreven dat de kerkverslagen geen helder inzicht verschaffen. Ondertussen weten we wel meer over de instelling van deze restrictie, opnieuw dankzij verslagen. 
 
"Tegen de tijd dat de Heiligen naar Utah migreerden, waren er zowel vrije als tot slaaf gemaakte zwarte leden van de kerk. Green Flake, Hark Lake en Oscar Crosby, leden van de voorhoede van de pioniersgroep van 1847, waren ten tijde van hun pioniersreis tot slaaf gemaakt door families van Heiligen der Laatste Dagen" (Slavery and Abolition).



"In 1850 creëerde het Congres van de Verenigde Staten het Territorium Utah, en de president van de Verenigde Staten benoemde Brigham Young tot gouverneur. Zuiderlingen die zich bij de kerk hadden aangesloten en met hun slaven naar Utah waren verhuisd, vroegen zich af wat de wettelijke status van slavernij in het Territorium was" (Evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). 

"In 1852 debatteerden kerkleiders in de wetgevende vergadering van Utah over wat te doen met de slavernij van zwarte mensen in het Utah-territorium. Brigham Young en Orson Spencer pleitten voor legaliseren en reguleren van de slavernij, waarbij het mogelijk zou zijn om tot slaaf gemaakte mannen en vrouwen naar het territorium te brengen, maar de slavernij van hun nakomelingen zou verboden zijn en hun toestemming vereist voor elke verplaatsing. Deze aanpak zou uiteindelijk een einde maken aan de slavernij in het territorium. Apostel Orson Pratt hield een hartstochtelijke toespraak tegen elk compromis met de slavernij: "De Afrikaners binden, omdat hij van kleur anders is dan wij, zei hij, is genoeg om de engelen in de hemel te doen blozen. Het standpunt van Young en Spencer kreeg de overhand, en de wetgevende macht keurde een vorm van zwarte slavernij goed die een humane behandeling en toegang tot onderwijs vereiste (Slavery and Abolition)”. Desondanks stond het toe dat degenen die als slaven naar het gebied waren gebracht, levenslang in slavernij werden gehouden (1).

Brigham Young is degene die officieel verklaarde dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst het priesterschap niet meer mochten dragen. Door deze woorden lijkt het al te gemakkelijk om te denken dat de restrictie volledig de verantwoordelijkheid is van president Brigham Young. Maar niets is minder waar. In de evangelieverhandeling 'ras en priesterschap' lezen we dat: “in de loop der jaren hebben kerkleiders en leden gespeculeerd over de reden voor deze beperking op het priesterschap en de tempel". Opeenvolgende leiders en leden hebben zo ook hun steentje bijgedragen aan deze scheiding op basis van ras. Waardoor "de beperkingen steeds werden aangescherpt" tot het punt dat men dacht dat "het priesterschap en de tempels altijd wit zijn geweest en de raciale beperkingen al vanaf het begin bestonden". 

"In januari en februari gaf Brigham Young twee toespraken in het orgaan van de wetgevende macht in Utah. Hij kondigde aan dat zwarte mannen van Afrikaanse afkomst van het priesterschap werden uitgesloten" (Evangelieverhandeling Ras en het priesterschap). Deze twee toespraken van Brigham Young, ik deel ze onder de afbeelding, zijn samen met andere gebeurtenissen "volledig te bestuderen in een nieuwe digitale database: This Abominable SlaveryPaul Reeve, hoogleraar geschiedenis en Simmons-leerstoelhouder Mormoonse studie aan de Universiteit van Utah, heeft de nieuwe database ontwikkeld in samenwerking met de J. Willard Marriott Library en met medewerking van de afdeling Kerkgeschiedenis van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Dit publieke geschiedenisproject onderzoekt de slavernij van de inheemse bevolking en Afro-Amerikanen in het Utah-territorium aan de hand van primaire bronnen, waarvan vele voor het eerst openbaar toegankelijk zijn. De digitale collectie stelt het grote publiek in staat de documenten zelf te lezen, aldus Reeve. Mensen hoeven ons niet op ons woord te geloven, maar ze kunnen het bewijsmateriaal inzien en de toespraken in hun geheel lezen. Het is een bron van nieuwe informatie over slavernij in het Utah-territorium, maar ook over het raciale priesterschap en de tempelbeperking binnen De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen."

Racisme in het verleden






Op deze toespraak van president Brigham Young is een voorwoord. Wat ik belangrijk vind om aan te halen uit dit voorwoord is dit: "Zelfs als de beperking al van kracht was voordat Young deze aan het parlement kenbaar maakte, hebben historici geen bewijs gevonden dat kerkelijke publicaties er vóór 1852 over spraken, een feit dat snel veranderde. Na de zitting van het parlement publiceerde de kerkelijke krant Deseret News een eigen artikel over de rassenbeperking, en andere kerkelijke publicaties volgden dit voorbeeld. In de daaropvolgende vijf jaar werd de rassenbeperking in ten minste vijf artikelen in kranten van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen genoemd. 1852 was ongetwijfeld een cruciaal keerpunt in de openlijke erkenning van het rassenverbod door de kerk". 




In het artikel Slavery and Abolition konden we al lezen dat "apostel Orson Pratt een hartstochtelijke toespraak hield tegen elk compromis met de slavernij". In het voorwoord op deze toespraak kunnen we daarover het volgende lezen: "De andere reden waarom Youngs toespraak van 4 februari significant is, is dat deze intrigerende aanwijzingen biedt over een voortdurend debat met Orson Pratt. Young maakt duidelijk dat Pratt ook op 4 februari sprak... Het is een belangrijke context om te weten dat een apostel/wetgever het oneens was met de profeet/gouverneur van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen en dat Youngs ideeën over ras en stemrecht niet uit het niets zijn ontstaan, maar duidelijk voortkwamen uit specifieke en aardse omstandigheden. De toespraak van Young op 4 februari is daarom een belangrijk contextueel element dat helpt om zijn raciale opvattingen, die hij de volgende dag krachtig naar voren bracht, beter te begrijpen". 




Opnieuw geknipt en geplakt in de inleiding op het document: "De toespraak van Young op 5 februari werd gehouden in de context van een debat met Orson Pratt over stemrecht in het Utah-territorium. Pratt pleitte voor stemrecht voor zwarte mannen, een idee dat Brigham Young resoluut verwierp. Deze nieuwe contextuele informatie helpt Youngs vergelijking tussen priesterschap vloeken en stemrecht in het Utah-territorium te verklaren. Young maakte ook duidelijk dat hij de eerste profeet van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen was die een raciale beperking op het priesterschap uitsprak. Hoewel Pratts toespraak van de dag ervoor niet bewaard is gebleven, is het niet moeilijk voor te stellen dat Pratt erop stond dat geen enkele andere profeet het priesterschap had beperkt voor mannen van zwarte Afrikaanse afkomst en dat er geen bewijs was dat Afrikanen afstammen van Kaïn. Joseph Smith had dergelijke ordeningen immers wel goedgekeurd. Young maakte in ieder geval duidelijk dat, zelfs als geen enkele andere profeet of apostel het eerder had gezegd, hij het nu wel zei... hij beweerde precies het tegenovergestelde. Zelfs als Smith het nooit eerder had gezegd, verklaarde hij, Brigham Young, het nu wel. Het is een duidelijke aanwijzing dat Young zijn eigen koers vaart in raciale kwesties en de kerk die hij leidde, wegleidde van een open raciale ordening naar een gesegregeerd priesterschap. Het was een beslissing die een precedent zou scheppen voor de rest van de negentiende eeuw en het eerste driekwart van de twintigste eeuw. Wat Brigham Young begon als een beperking van het priesterschap voor zwarte mannen, groeide uit tot een beperking van de toegang tot de tempel voor zwarte vrouwen en mannen (behalve om plaatsvervangende dopen voor de doden te verrichten). Het beleid breidde zich ook uit tot een verbod op zendingswerk voor zwarte vrouwen en zwarte mannen,  ondanks het feit dat Elijah Ableeen van de eerste zwarte priesterschapsdragers van de Kerk, drie zendingen voor zijn geloof had vervuld. Youngs rechtvaardiging voor deze beperking was gebaseerd op de bijbelse vloek van Kaïn...."

Dit is wat Paul Reeve zegt over deze toespraak van 5 februari 1852: "Op 5 februari verwierp Brigham Young het zwarte stemrecht, terwijl hij tegelijkertijd een raciale priesterschapsbeperking bevestigde en betoogde dat witte mensen superieur waren aan zwarte mensen. Het vertegenwoordigt Brigham Youngs meest complete en krachtige verwoording van een priesterschapsbeperking. Er is geen verslag waarin Brigham Young melding maakt van een openbaring waarin de beperking wordt goedgekeurd. In plaats daarvan vertrouwde hij primair op zijn interpretatie van de bijbelse vloek van Kaïn, terwijl hij tegelijkertijd Pratts stelling dat Afro-Amerikaanse mannen zouden mogen stemmen rechtstreeks in twijfel trok". 

Tot slot nog één ding, ik citeer opnieuw uit de evangelieverhandeling Ras en priesterschap: "Deze beperking werd gerechtvaardigd door de gangbare ideeën over de minderwaardigheid van sommige rassen. Die ideeën waren eerder gebruikt om de legalisatie van zwarte 'herendienst' in het Territorium Utah te propageren. Eén denkbeeld bestond in de Verenigde Staten al in de jaren dertig van de achttiende eeuw, namelijk dat zwarten afstamden van de Bijbelse figuur Kaïn, die zijn broer Abel vermoordde. Aanhangers van deze overtuiging geloofden dat God Kaïn had 'vervloekt' met een donkere huid. Dienstbaarheid van zwarten werd soms beschouwd als een tweede vloek op Kanaän, de kleinzoon van Noach, wegens Chams gebrek aan respect voor zijn vader". 

"De kerkleiders in deze tijd 
veroordelen elke vorm van racisme 
in het verleden."



(1): De schuingedrukte tekst komt uit het boekje Let's talk about race and priesthood van Paul W. Reeve. 

zondag 9 maart 2025

2. De waarde van zielen is groot


 "En u zult blijde tijdingen verkondigen, ja maak ze bekend
op de bergen, en op iedere hoge plaats,
en onder ieder volk 
dat u wordt toegestaan te zien."
LV 19:29

In ons lesboek van vorige week stond dit: "Er zijn veel verschillende manieren om iemands waarde te meten. Talent, opleiding, rijkdom en uiterlijk kunnen allemaal beïnvloeden hoe we elkaar - en onszelf - beoordelen. Maar in Gods ogen is onze waarde een veel eenvoudigere zaak":

"Bedenk dat de waarde van zielen groot is in de ogen van God".

Maar wat als je opgroeit in een omgeving waar je waarde bepaald wordt door de kleur van je huid? Wat als je het eigendom bent van iemand anders die, als het gaat om dat we allemaal elkaar beïnvloeden, jouw waarde, zelfs in geld uitgedrukt, kan bepalen? Met wat voor ogen, zo opgroeiend en levend in die omstandigheden, kijk je dan naar je eigen waarde?



"Toegetakeld en beschadigden de veilingmeester dacht dat het nauwelijks de moeite waard was om veel tijd aan die oude viool te besteden. Maar hij hield hem met een glimlach omhoog. "Wat wilt u bieden, goede mensen", riep hij uit. "Wie doet het eerste bod?" Eén dollar, één dollar; dan twee! Slechts twee dollar. Wie biedt er meer? Drie dollar eenmaal; drie dollar andermaal; Voor de derde...". Maar nee, van achter uit de zaal kwam een grijze man naar voren die de viool oppakte. Hij veegde het stof van het oude instrument en spande de losse snaren. Hij speelde een prachtige melodie. Het leek wel of de engelen zongen. De muziek hield op en de veilingmeester zei, met zachte stem: "Wat biedt u voor deze oude viool?" En hij  hield het instrument omhoog. "Duizend dollar, wie maakt er twee van? Tweeduizend! En wie maakt er drie van? Drieduizend, eenmaal, drieduizend andermaal, drieduizend voor de derde maal, en verkocht!" zei hij". 

"Green Flake werd als slaaf geboren op een plantage. Op 10-jarige leeftijd werd hij gescheiden van zijn moeder en aan James en Agnes Flake gegeven. Het was in Mississipi dat James, zijn vrouw en hun slaven, waaronder Green Flake, lid worden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Het is ook daar dat Green op 16-jarige leeftijd het getuigenis hoort van een zendeling die beloofde dat families voor eeuwig herenigd zouden worden. Het huishouden van Flake reisde eerst naar Nauvoo, en daarna naar Winter Quarters. Toen de eerste groep heiligen vertrok naar de Rocky Mountains, stuurden drie bekeerde families hun slaven, Green Flake, Hark Lay en Oscar Crosby, vooruit met de pioniersgroep. De eerste pioniers van 1847 ploegden het land en plantten gewassen voor degenen die de volgende dagen en maanden kwamen. Toen James en Agnes Flake in oktober 1948 aankwamen, ontdekten ze dat Green een comfortabele blokhut voor hen had gebouwd. James overleed al snel en drie jaar later ging de weduwe Agnes en haar drie zonen naar Californie. Ze nam haar slavin Liz mee, maar liet Green achter. Enkele jaren later, toen Agnes stervende was, liet ze Amasa Lyman aan Brigham Young schrijven om hem te vragen Green Flake te verkopen om geld in te zamelen voor haar familie. Er vond geen verkoop plaats; Green beschouwde zichzelf waarschijnlijk als bevrijd toen James Madison Flake in 1850 stierf. Naarmate de jaren verstreken, werd Green een populaire spreker op Pioneer Day-vieringen. Tijdens de vieringen van 1894 hield Green Flake een interessante toespraak, waarin hij verklaarde dat hij er trots op was om tot die eervolle en geëerde groep pioniers te behoren in 1847." 

"Zestig jaar eerder, toen Green zich bij de kerk aansloot, was er een zwarte zeventiger genaamd Elijah Able die net teruggekeerd was van een zending. Maar niet lang nadat Green in het Great Basin aankwam, begonnen kerkleiders echter zwarte mannen uit te sluiten van het priesterschap, een verandering die ook de toegang van zwarte leden tot de tempel beperkte. Ondanks deze verandering leeft Green zijn leven in vol geloof. Broeder Flake en vele anderen zoals hij vertrouwden op Gods belofte van een herenigd gezin na dit leven. Veel van de tot slaaf gemaakten werden begraven in ongemarkeerde graven. Dat wetende, beitelde Green zijn eigen grafsteen, waarop staat: "In het huis van mijn Vader zijn vele woningen". Hij werd in 1903 naast zijn vrouw Martha begraven op Union Pioneer Cemetery in Cottonwood Heights, Utah. Een krantenverslag beschreef de overleden pionier en riep uit dat "een van de meest interessante van deze oude garde Green Flake was; de enige gekleurde overlevende van de groep van 1847. Green is een krachtige, breedgeschouderde, goedhartige, vrolijke oude heer, al lang inwoner van Salt Lake County, maar nu woonachtig in John Gray's Lake, Idaho. Hij draagt een bril, maar dat is het enige teken van ouderdom aan hem. Zijn stem zou kunnen dienen als een trompet, en hij stapt weg als een West Pointer als hij loopt". Deseret Evening News zei ten tijde van zijn dood dat broeder Flake de eervolle leeftijd van 76 had bereikt, wat voor iedereen die hem kende 76 jaar van eerlijk en hard werken voor de verbetering van de mensheid en voor een verhoging in het koninkrijk van zijn Vader betekende." 

"De mensen juichten, maar sommigen huilden. We begrijpen eigenlijk niet waardoor de waarde is veranderd. Het antwoord luidde: De Hand van de Meester."



Informatie komt uit:

maandag 24 februari 2025

Tussenstop


Ik ben op weg naar afdeling 18 van de Leer en Verbonden, maar kan de verleiding niet weerstaan om een tussenstop te maken. De maand februari staat namelijk in het teken van Black History Month. Nu we toch bezig zijn met de Leer en Verbonden en haar kerkgeschiedenis, lijkt het mij een goed idee om, op de valreep van deze maand, stil te staan bij de rol van zwarte pioniers in de kerk en de aandacht die de kerk daar aan gegeven heeft. 






Video van deze gebeurtenis