Vandaag bespraken we in onze vrouwenorganisatie, de ZustersHulpVereniging, de toespraak 'Dankzij Jezus Christus' van ouderling Dale G. Renlund. In deze toespraak zegt hij iets wat mij in het bijzonder trof, en dat zijn deze woorden:
Vandaag bespraken we in onze vrouwenorganisatie, de ZustersHulpVereniging, de toespraak 'Dankzij Jezus Christus' van ouderling Dale G. Renlund. In deze toespraak zegt hij iets wat mij in het bijzonder trof, en dat zijn deze woorden:
Afgelopen zondag hadden wij in onze wijk twee gastsprekers. Een zendings-echtpaar dat verantwoordelijk is voor de vastlegging van de geschiedenis van de kerk in Nederland en België. In deze toespraken hadden zij het onder andere over dat de geschiedenissen die zij vastleggen iets zeggen over wie wij zijn als gemeenschap, en dat wij door deze verhalen de hand van de Heer kunnen zien. Hij is voor onze ogen geschiedenis aan het schrijven, tenminste als wij ogen hebben om te zien. En dat het belangrijk is dat wij deze verhalen met elkaar delen en blijven delen. De serie Saints, "een verhalende geschiedschrijving die verhalen bevat over getrouwe heiligen der laatste dagen uit het verleden", werd als voorbeeld aangehaald. Daarnaast hoorde ik in deze toespraken het belang van gedenken en welk verslag wij over onszelf achterlaten. Wat mij echter het meest trof was deze opmerking,
"Kerkgeschiedenis is Zijn geschiedenis."
Al luisterend naar deze toespraken over het belang van vastleggen, van zowel de geschiedenis van de kerk als die van jezelf, en dat de Schriften een prachtig voorbeeld hiervan zijn, moest ik tevens denken aan mijn eigen ervaringen. Aan 'vertel je verhaal'. Echter, dit delen bleek nog niet zo eenvoudig te zijn. Vanuit 'dat niet eenvoudig zijn' ben ik daarover gaan schrijven, en later, zonder vooropgezet plan, werd het een reisverslag door de Schriften. Waarbij ik, hoe je het ook wendt of keert, onze gezamenlijke kerkelijke geschiedenis niet kon en kan negeren.
Mijn vorige logje ging over dat afstamming niet bepalend is, en ik eindigde met bovenstaande tekst. Toen Samuel Eliab zag, dacht hij: "Deze is vast en zeker voor de Heere Zijn gezalfde". Maar de Heer zei: "Kijk niet naar zijn uiterlijk en ook niet naar de hoogte van zijn gestalte". Op de een af andere manier kwam Eliab waarschijnlijk over als iemand, gebaseerd op hoe hij eruitzag, die het goed zou doen als koning. “De Heer leerde aan Samuel dat Hij ons anders ziet dan dat mensen elkaar meestal zien".
In dat opzicht zijn wij net zo menselijk als Samuel, want ook wij hebben de neiging om aan een knap uiterlijk automatisch positieve eigenschappen toe te schrijven, zoals betrouwbaarheid en eerlijkheid, wat het halo-effect wordt genoemd, wat ons denken kan belemmeren. Omgekeerd werkt het ook zo. Dus in die zin moeten we voorzichtig zijn met het labelen van iemand, gebaseerd op de eerste indruk.
Uiteraard zijn labels niet altijd negatief. President Russell M. Nelson zei dat “labels leuk kunnen zijn". Ze laten zien aan welke positieve zaken je waarde hecht. Maar als er een label is dat jouw belangrijkste identiteit vervangt, kunnen de gevolgen geestelijk verstikkend zijn". Met je belangrijkste identiteit bedoelt president Nelson dat je een geestkind van God bent en dat het belangrijk is dat je deze waarheid kent en begrijpt.
Eerder dit jaar heb ik een aantal logjes geschreven die gingen over onze ware identiteit en labels. Toen was echter mijn insteek dat afstamming WEL DEGELIJK van belang was en is. Daar tegenovergesteld aan, kijkend naar de afstammingslijn van Christus, zien we dat afstamming NIET belangrijk is. Of het nu gaat om wel of niet, beiden hebben uiteindelijk ook te maken met hoe jij jezelf ziet.
Ik val maar gelijk met de deur in huis. Zowel dit stukje als mijn volgend logje gaat over depressiviteit en zelfdoding. Uit onderzoek blijkt namelijk dat je het een eigenlijk niet los kunt zien van het ander. Ik las dat "naar schatting 80% van de mensen met een depressie last heeft van zelfmoordgedachten. De grote meerderheid zal niet tot zelfmoord overgaan, maar depressieve klachten worden wel als een van de belangrijkere risicofactoren beschouwd".
In het verleden heb ik al eerder een stukje over dit onderwerp geschreven, doordat ik in mijn directe omgeving hiermee geconfronteerd werd. En nu dan weer opnieuw een stukje hierover. Wanneer je zoiets van dichtbij 'meemaakt', kun je gewoonweg niet meer om dit onderwerp heen. Het negeren, er aan voorbij lopen zonder er aandacht aan te geven, zou als het ware voelen als doorlopen met een steentje in je schoen. Dit probleem, deze niet-zichtbare oorlog die iemand inwendig kan voeren, is te groot en tevens te pijnlijk, voor zowel degene die het doet als voor degene die achterblijft, om te negeren. En daar ligt tevens het probleem. Er rust namelijk een taboe op praten over mentale gezondheid en zelfdoding. Om die reden probeert men op verschillende manieren aandacht te vragen voor depressiviteit en zelfdoding. Wat zeer confronterend kan zijn, zoals ik zelf van dichtbij gezien heb.
Via de krant wist ik van dit beeld, maar een afbeelding in de krant is toch echt heel wat anders dan daadwerkelijk oog in oog met dit beeld te staan.
Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om iets op mijn blog te posten. Maar toen ik mijn laptop opensloeg bleek ik mijn blog niet te hebben afgesloten. De reden dat ik mijn laptop pakte, waren de woorden van president Russell M. Nelson die hij sprak tijdens de afgelopen zustersconferentie. Woorden waar ik mee aan de slag wil gaan. Toen ik echter mijn blog zag, heb ik president Nelson even in de wachtrij gezet. Ik wil toch eerst nog even stilstaan bij waar ik al eerder iets over heb gezegd, namelijk het thema "Inspire Inclusion" van de Internationale Vrouwendag, maar dan gezien door de bril van de kerk.
Wanneer het gaat om het "scheppen van een inclusieve cultuur in de kerk", zou ik zo een aantal toespraken kunnen delen die als thema "Inspire Inclusion" hebben, samen met een aantal goede ideeën hoe je dat kunt doen. Ideeën die te maken hebben met hoe jij anderen het gevoel kunt geven dat ze erbij horen en wat je zelf geprobeerd hebt om in contact te komen met anderen. Interessant genoeg om hier verder op in te gaan, zeker omdat ik het ook niet los kan zien van mijn eigen thema, dat "allen gelijk zijn voor God". Probleem is echter dat ik op dit moment mijn persoonlijke wachtrij zo kort mogelijk wil houden. Ik laat die toespraken dan ook voor wat ze zijn.
Er is echter een toespraak die er voor mij uitspringt, doordat die het onderwerp van inclusiviteit benadert vanuit het oogpunt van het benoemen. Voordat Tracy Browning, van haar is deze toespraak, aan haar lijst begint, zegt ze dit: "Gods liefde voor zijn kinderen is niet selectief, maar juist allesomvattend. Hij nodigt iedereen uit om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid; en Hij verwerpt niemand die tot Hem komt".
Voordat ik een blikje deel, lees ik het nog even opnieuw door. Dit, deze uitspraak van Bonnie L. Oscarson, is een aanvulling op onderstaand blikje: "We verheugen ons vanavond in onze verschillende rollen als vrouw in de kerk. Hoewel we in veel opzichten verschillend en uniek zijn, erkennen we ook dat we allemaal dochters van dezelfde hemelse Vader zijn. De tegenstander wil dat we elkaar kritisch beoordelen. Hij wil dat we ons op verschillen richten en onszelf met elkaar vergelijken. Wij vrouwen kunnen best hard voor onszelf zijn. Als we onszelf met elkaar vergelijken, zullen we ons altijd incapabel voelen of ons aan anderen storen". Vooral de zin "Als we onszelf met elkaar vergelijken, zullen we ons altijd incapabel voelen of ons aan anderen storen" is interessant om verder uit te werken. Nog los van dat deze uitspraak van zuster Oscarson ook alles te maken heeft met diversiteit.
Blikje 27 juni 2020
In de Liahona van deze maand staat een artikel over van elke worsteling genezen - stapje voor stapje. Vooral dat laatste, stapje voor stapje, wordt in dit artikel benadrukt met de woorden "besef dat genezing een proces is".
Ga toch nog even voortborduren op de toespraak "Ga gewoon door - vol geloof", de toespraak die wij onlangs in onze vrouwenorganisatie bespraken. Want de praktijk wijst uit dat gewoon, niet altijd gewoon is. Deze toespraak gaat over "alledaagse ontmoediging die bij de ups en downs van het leven hoort". Net zoals de spreker zelf al zei: "Met ontmoediging bedoel ik niet de slepende gevolgen van klinische depressie, angststoornissen of andere ziekten die een bijzondere behandeling vereisen".
Dat ik hierop voortborduur, wil niet zeggen dat ik klaar ben met de onderwerpen 'slavernij' en 'ras en het priesterschap'. Integendeel. Daarnaast is het voortborduren net zo goed een 'hanger' die past op mijn kapstok: "God is geen aannemer des persoon". We krijgen allemaal in meer of mindere mate met tegenspoed te maken, ongeacht hoe trouw we wel of niet zijn. Voorbeelden genoeg daarvan in de Schriften. Hierbij denk ik aan Paulus, die, zoals hij zelf zei, "geplaagd werd door een scherpe doorn in zijn lichaam".
Dat ik specifiek Paulus aanhaal, heeft te maken met onze zondagschoolleesopdracht van deze week en de volgende notitie in mijn Schriften. Dit betreft een uitspraak van Boyd K. Packer: "Ik heb onlangs een huisarts gevraagd hoeveel van zijn tijd hij besteedde aan het behandelen van zuiver lichamelijke kwalen. Hij heeft een grote praktijk en na er ernstig over nagedacht te hebben, antwoordde hij: niet meer dan 20 procent. De rest van de tijd werk ik aan problemen die het lichamelijk welzijn van mijn patiënten beïnvloeden, maar niet lichamelijk van oorsprong zijn. Deze lichamelijke kwalen, zei de dokter, zijn slechts symptomen van een andere soort moeilijkheid". Kijkend naar de cijfers van nu, dan heeft "bijna de helft (48%) van de volwassenen in Nederland (18-75 jaar) ooit in het leven één of meerdere psychische aandoeningen gehad". Dat zijn cijfers die er niet om liegen. Ook wel beangstigend. Eén op twee. Tegelijkertijd gaat het Trimbos, want daar komt dit cijfer vandaan, ook in op wat mentale gezondheid is, en hoe je dat blijft.
In onze leesopdracht van deze week wordt dit gezegd over Paulus: "We weten niet wat Paulus' 'doorn in het vlees' was, maar we hebben allemaal onze eigen doornen waarvan we zouden willen dat God ze bij ons wegnam". Daarnaast wordt er dan gevraagd om over je eigen doornen na te denken in het licht van wat Paulus schrijft over beproevingen en zwakheden, maar er wordt ook dit gezegd: "De genade van de Heiland is voor mij genoeg om kracht in mijn zwakheid te vinden".
Wat Paulus mij leert, is dat gebeden worden verhoord, maar niet altijd zoals wij dat willen. Daarnaast, dat vind ik een interessante: "En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg, want de kracht openbaart zich ten volle in zwakheid, want als ik zwak ben, dan ben ik machtig". Ik hoop dat ik altijd zwak genoeg zal zijn.
Het valt nog niet mee om elkaar te vinden. Daarom was ik ook zo onder de indruk van wat er onlangs in de Grote Kerk in Dordrecht gebeurde. Dat men met elkaar in gesprek gegaan was en dat dit gesprek uiteindelijk resulteerde in een gezamenlijke bijeenkomst, die als onderwerp had: "Slavernij en de kerk, waar hebben we het nu eigenlijk over?" Zo kan het dus ook. Maar dat is niet altijd het geval. De praktijk is wat dat betreft behoorlijk weerbarstig. Zeker als emoties hoog oplopen.
Zoals jullie weten, ben ik zo tussendoor blikjes aan het openen. Een paar dagen geleden moest ik aan een bepaald blikje denken vanwege de afbeelding van een kloof, toen ik in de krant las dat "nabestaanden van gesneuvelde militairen een oproep deden om de vlag tijdens 4 en 5 mei recht op te hangen. 'Telkens als ik er een op zijn kop zie hangen, denk ik aan mijn kind dat met de Nederlandse vlag op zijn kist werd thuisgebracht', zegt een van de nabestaanden".